1/98
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
jeg
ik
du
jij
han
hij
hun
zij
vi
wij
I
jullie
de
zij
den
die/dat
det
het/dat
en
een
et
een
min
mijn
mit
mijn
mine
mijn
din
jouw
dit
jouw
dine
jouw
hans
zijn
hendes
haar
vores
ons/onze
jeres
jullie
der
er/daar
her
hier
hvor
waar
hvad
wat
hvem
wie
hvornår
wanneer
hvordan
hoe
hvorfor
waarom
ja
ja
nej
nee
ikke
niet
og
en
eller
of
men
maar
fordi
omdat
så
dus/zo
også
ook
meget
erg/veel
lidt
weinig/een beetje
mere
meer
mindre
minder
alt
alles
noget
iets
ingen
geen/niemand
alle
alle
nogen
iemand/een of andere
at
om/te/dat
er
zijn/is
være
zijn
have
hebben
gøre
doen/maken
komme
komen
gå
gaan/lopen
se
zien
sige
zeggen
tale
praten
spise
eten
drikke
drinken
bo
wonen
arbejde
werken
læse
lezen/studeren
skrive
schrijven
forstå
begrijpen
lære
leren
vide
weten
kende
kennen
kunne
kunnen
ville
willen
skulle
zullen/moeten
må
mogen/moeten
skal
zullen/moeten
dag
dag
uge
week
måned
maand
år
jaar
tid
tijd
dag
dag
morgen
ochtend/morgen
aften
avond
nat
nacht
i
in
på
op/in
til
naar
fra
vanuit/van
med
met
uden
zonder
for
voor
om
over/om
før
voor
efter
na
nu
nu
i dag
vandaag
i morgen
morgen
i går
gisteren
altid
altijd
aldrig
nooit
ofte
vaak
snart
binnenkort