1/228
Looks like no tags are added yet.
supine
rugligging

prone
buikligging

cranium
schedel

os
mond

axilla
oksels

phalanges
vingers

patella
knieschijf

hallux
bot aan kant van grote teen

cervix
nek

thorax
borstkas

oculus
oog

auris
oren

nasus
neus

mamma((e)meervoud)
borsten

abdomen
buik

umbilicus
navel

pelvis
bekken

femur
bot in bovenbeen

pes
voet

acromion
schouderkop

dorsum
rug

olecranon
uitsteeksel van de elleboog

gluteus
billen

popliteus
holte in de achterkant van je knie

calcaneus
hiel
planta
voetzool

navelgebied
2

epigastrisch gebied
1

hypogastrisch gebied / schaamstreek
3

rechter regio hypochondriaca
7

rechter lumbaal gebied
8

rechter liesgebied
9

linker regio hypochondriaca
4

linker lumbaal gebied
5

linker lies gebied
6

rechter bovenste kwadrant
paars

rechter onderste kwadrant
rood

linker bovenste kwadrant
geel

linker onderste kwadrant
roos

anterior
voorkant
posterior
achterkant
ventraal
voorzijde (van buik)
dorsaal
achterzijde (rugzijde)
superior
bovenkant
inferior
onderkant
lateraal
weg van het midden van lichaam
mediaal
richting midden van lichaam
proximaal
richting aanhechting
distaal
weg van aanhechting
centraal
dicht bij lichaam
perifeer
ver van lichaam
caudaal
richting de voeten
craniaal (crâne = schedel)
richting het hoofd
transversaal vlak
loodrecht op lengteas
sagittaal vlak
vlak langs lengteas van voor naar achteren

frontaal vlak
vlak langs lengteas van links naar rechts

transversaal vlak
vlak loodrecht op de lengte-as

ventrale lichaamsholte
omringt ademhalingsstelsel, hart en bloedvaten, spijsverteringsstelsel, urinewegen voortplantingsorganen
thoraxholte
borstholte, alles wat achter ribben en boven middenrif zit

pleurale holte
holte in borstkas waar je longen in zitten

pericardiale ruimte
de ruimte rond het hart/holte waar het hart in zit

mediastinum
ruimte tussen linker en rechter long

diafragma
middenrif

peritoneum
buikvlies

peritoneale ruimte, pelvis, abdomen
welke holtes zijn een voorbeeld van buik- en bekkenholte?
van de voeten richting het hoofd kijken
hoe zie je een doorsnede van iemand zijn lichaam op een CT-scan
beschermen tegen schokken van buitenaf
beschermen tegen schokken bij springen of lopen
laat groei en beweging van organen toe zonder andere weefsels te beschadigen
waarvoor bestaan lichaamsholtes (ondervederdeling van inwendige compartimenten)
–trager herstel en onderhoud
–epitheel (huidlaag) wordt dunner
–bindweefsel wordt kwetsbaarder
–botten worden zwakker en brozer
–verlies van zenuw- en spierweefsel neemt toe
–verandering van levensstijl vertraagt achteruitgang (meer bewegen, goed eten)
hoe veranderen weefsels bij het ouder worden?
zintuigen
Gespecialiseerde cellen die omstandigheden binnen of buiten het lichaam registeren
receptorveld
het gebied dat informatie levert aan een zintuigcel
gewaarwording
aankomende informatie bij het centrale zenuwstelsel
adaptatie
afname in gevoeligheid bij een receptor of langs een sensorische baan bij een voortdurende prikkeling. Geleidelijkaan minder bewust zijn van pijn.
algemene zintuigen
Temperatuur
pijn
Aanraking,
druk,
trilling
proprioceptie (lichaamshouding)
speciale zintuigen
reukzin,
smaak
gezichtsvermogen,
evenwicht
gehoor
(liggen in gespecialiseerde organen zoals oog, oor, neus,…)
Reukzin
Olfactie
Smaak
Gustatie
nociceptoren
gevoelig voor pijn
thermoreceptoren
gevoelig voor temperatuur
mechanoreceptoren
zorgen voor houding
chemoreceptoren
gevoelig voor chemische prikkels
nosieceptie
pijngewaarwording
periost
vlies rond een bot
gerefereerde pijn
waarneming van pijn in een lichaamsdeel dat niet werkelijk wordt geprikkeld
thermoreceptoren
nemen verandering in temperatuur waar
mechanoreceptoren
receptoren die reageren op de fysieke vervorming van hun celmembranen
baroreceptoren
receptoren die druk waarnemen
proprioceptoren
registreren:
de positie van een gewricht,
de spanning in pezen en banden,
de staat van een spiercontractie
chemoreceptoren
receptoren die reageren op chemicaliën die in lichaamsvloeistoffen om hen heen zijn opgelost, en registreren chemische samenstelling van bloed en weefsels. Ze willen een inwendig evenwicht bereiken
reukorgaan
olfactorische organen
Klieren van Bowman
produceert slijm dat een filter geeft in de neus om geuren niet te heftig te ervaren
oogleden
palpebrae
traanklieren (Lat.)
glandulae lacrimalis
bindvlies (Lat.)
conjunctiva
stof in traanklieren wat zorgt voor het doden van bacteriën
lysozyme

buitenste laag van het oog (cornea + sclera)
Tunica Fibrosa Bulbi (vezelig oogrok)
middelste laag van het oog
Tunica Vasculosa Bulbi
binnenste laag van het oog
Retina

1
Corpus ciliare (Straalvormig lichaam)

2
Blinde vlek

3
Nervus opticus