1/17
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Ik sta op.
(opstaan)

Ik neem een douche.
(een douche nemen)

Ik poets mijn tanden.
(tanden poetsen)

Ik ontbijt.
(ontbijten)

Ik eet een boterham.
(een boterham eten)

Ik drink koffie.
(koffie drinken)

Ik check Facebook.
(Facebook checken)

Ik lees de krant.
(de krant lezen)

Ik poets mijn appartement.
(appartement poetsen)

Ik studeer Nederlands.
(Nederlands studeren)

Ik eet.
(eten)

Ik ga naar school.
(naar school gaan)

Ik ga terug naar huis.
(terug naar huis gaan)

Ik maak mijn huiswerk.
(huiswerk maken)

Ik kook.
(koken)

Ik doe de afwas.
(de afwas doen)

Ik kijk tv.
(tv kijken)

Ik ga slapen.
(gaan slapen)
