Model van Handelingsgerichte Diagnostiek (HGD) Opdracht oefensessie 1

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/15

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

16 Terms

1
New cards

Wat is Handelingsgerichte Diagnostiek (HGD)?

Handelingsgerichte diagnostiek (HGD) is een diagnostisch model dat niet alleen wil beschrijven wat er aan de hand is, maar vooral wil leiden tot bruikbare adviezen en interventies voor het kind, de ouders en de school. Het uitgangspunt is steeds:

  • Niet: "Wat heeft dit kind?"

  • Maar:"Wat heeft dit kind nodig?"


2
New cards

De 7 principes van HGD

  1. Doelgericht werken

  2. Transactioneel referentiekader

  3. Onderwijs- en opvoedingsbehoeften staan centraal

  4. Ouders en leraren doen ertoe

  5. Het positieve benutten

  6. Samenwerken met alle betrokkenen

  7. Systematisch en wetenschappelijk werken


3
New cards

Doelgericht werken

  • principe van HGD

  • Diagnostiek gebeurt altijd met een duidelijk doel.

  • Onderzoek moet een antwoord geven op de diagnostische vraag.

  • Er wordt gewerkt met'als-dan'-redeneringen.

  • Diagnostiek staat in functie van advisering en hulpverlening.


4
New cards

Transactioneel referentiekader

  • principe van HGD

  • Problemen ontstaan niet alleen door het kind zelf.

  • Er is steeds een wisselwerking tussen kind en omgeving.

  • Het gedrag van het kind beïnvloedt de omgeving en omgekeerd.

  • Relaties met ouders, leerkrachten en leeftijdsgenoten spelen een belangrijke rol. 

  • Transactionele processen

    • Wederzijdse beïnvloeding tussen kind en context.

    • Ontwikkeling verloopt in interactie met de omgeving.

    • Diagnostiek moet in elke fase aandacht hebben voor deze contextfactoren. 


5
New cards

Onderwijs- en opvoedingsbehoeften staan centraal

  • principe van HGD

  • Centrale vraag:

  • "Wat heeft dit kind nodig?"

  • Niet enkel:

    • wat zijn de problemen?

    • welke diagnose heeft het kind?

  • Maar vooral:

    • welke ondersteuning helpt het kind vooruit?

    • welke doelen willen we bereiken?

  • Hulpzinnen

    • Dit kind heeft ouders nodig die...

    • Dit kind heeft een leraar nodig die...

    • Dit kind heeft een omgeving nodig die...


6
New cards

Ouders en leraren doen ertoe

  • principe van HGD

  • Niet alleen het kind heeft behoeften.

  • Ook belangrijk:

    • Wat hebben ouders nodig?

    • Wat hebben leerkrachten nodig?

    • Welke ondersteuning hebben zij nodig om het kind te helpen?


7
New cards

Het positieve benutten

  • principe van HGD

  • Focus niet enkel op problemen.

  • Kijk ook naar:

    • talenten

    • sterktes

    • interesses

    • succeservaringen

    • beschermende factoren

  • Belang:

    • vergroot hoop en motivatie

    • biedt aanknopingspunten voor interventies

    • versterkt bestaande succesvolle aanpakken


8
New cards

Samenwerken met alle betrokkenen

  • principe van HGD

  • Samenwerking gebeurt gedurende het volledige proces.

  • Niet enkel praten over:

    • ouders

    • kind

    • school

  • Maar praten met hen. 

  • Belangrijke houding:

    • warmte

    • respect

    • begrip

    • oprechtheid 

  • Transparantie en metacommunicatie

  • Men legt duidelijk uit:

    • waarom vragen gesteld worden

    • waarom testen worden afgenomen

    • wat de bedoeling van het gesprek is

    • welke verwachtingen er zijn

  • Dit verhoogt de motivatie om adviezen uit te voeren


9
New cards

Systematisch en wetenschappelijk werken

  • principe van HGD

  • HGD volgt een hypothesetoetsend model, gebaseerd op de diagnostische/empirische cyclus. 

  • Kenmerken:

    • wetenschappelijk onderbouwde redeneringen

    • betrouwbare en valide instrumenten

    • alternatieve hypothesen overwegen

    • systematisch gegevens verzamelen

    • objectieve besluitvorming

    • transparante verantwoording van keuzes


10
New cards

Soorten diagnostische vraagstellingen

  1. Onderkennende vraag

    • Doel:

      • beschrijven

      • classificeren

      • niveau bepalen

    • Voorbeeld:

      • Heeft deze leerling dyslexie?

  2. Verklarende vraag

    • Doel:

      • verklaren waarom een probleem ontstaat of blijft bestaan.

    • Voorbeeld:

      • Welke factoren veroorzaken de concentratieproblemen?

  3. Indicerende / adviserende vraag

    • Doel:

      • bepalen welke hulp aangewezen is.

    • Voorbeeld:

      • Welke ondersteuning heeft deze leerling nodig?

  4. Veranderingsgerichte vraag

    • Doel:

      • onderzoeken hoe verandering mogelijk is.

  5. Evaluerende vraag

    • Doel:

      • nagaan of doelen bereikt zijn.

      • beoordelen van het effect van interventies.


11
New cards

De 5 fasen van HGD

Overzicht

  1. Intakefase

  2. Strategiefase

  3. Onderzoeksfase

  4. Integratie- en aanbevelingsfase

  5. Adviesfase


12
New cards

Fase 1: Intakefase

Doelen

  1. Informatie verzamelen

    • Verzamelen via:

      • intakegesprek

      • dossieranalyse

      • eventueel bijkomende diagnostische middelen

    • Belangrijke vragen:

      • Waarom is er een aanmelding?

      • Wat is de hulpvraag?

      • Welke klachten zijn er?

      • Sinds wanneer?

      • Welke positieve aspecten zijn er?

      • Welke maatregelen werden reeds genomen?

  2. Afstemming bereiken

    • Samen:

      • diagnostische vragen formuleren

      • verwachtingen afstemmen

      • werkafspraken maken

      • samenwerking opstarten


13
New cards

Fase 2: Strategiefase

Doel

  • Bepalen hoe het verdere diagnostische traject eruit zal zien. 

Centrale vraag 1: Waaruit bestaat het probleem precies?

  • Men onderzoekt:

    • werkhouding en taakgedrag

    • leerontwikkeling

    • cognitieve ontwikkeling

    • sociaal-emotionele ontwikkeling

    • lichamelijke ontwikkeling

    • onderwijs- en opvoedingssituatie 

Centrale vraag 2: Hebben we al voldoende informatie?

  • Ja → rechtstreeks verder

  • Nee → hypothesen formuleren en onderzoek plannen 

Hypothesen formuleren

  • Hypothesen moeten:

    • wetenschappelijk onderbouwd zijn

    • toetsbaar zijn

    • relevant zijn

    • cliëntgericht geformuleerd worden

    • rekening houden met context en interacties 

  • Voorbeeld:

    • Het opstandige gedrag van Kevin wordt versterkt door een autoritaire reactie van de leerkracht.

  • Onderzoeksvraag:

    • Hoe gaat de leerkracht om met het opstandige gedrag van Kevin?


14
New cards

Fase 3: Onderzoeksfase

Doel:

  • hypothesen toetsen

  • onderzoeksvragen beantwoorden

Belangrijk:

  • geen standaardtestpakket gebruiken

  • alleen onderzoeken wat nodig is. 

Zes stappen

  1. Begrippen omschrijven

    • Duidelijk bepalen wat men precies wil onderzoeken. 

  2. Onderzoeksmiddelen kiezen

    • Criteria:

      • Psychometrische criteria

        • betrouwbaarheid

        • validiteit

        • normering 

      • Praktische criteria

        • diagnostische waarde

        • waarde voor advisering

        • tijd

        • kosten

        • beschikbaarheid 

  3. Toetsingscriteria formuleren

    • Op voorhand bepalen wanneer een hypothese bevestigd wordt. 

    • Bronnen:

      • testhandleidingen

      • DSM-5

      • ervaringskennis

      • vragenlijsten en normen 

  4. Betrokkenen informeren

    • Transparant communiceren over onderzoek en doelstellingen. 

  5. Onderzoeksgegevens verzamelen

    • Zorgvuldige gegevensverzameling is essentieel. 

  6. Interpreteren en rapporteren

    • Gegevens analyseren en verslag opstellen


15
New cards

Fase 4: Integratie- en aanbevelingsfase

Integratief beeld vormen

  • Alle informatie wordt samengebracht:

    • testresultaten

    • observaties

    • gesprekken

    • vragenlijsten

    • schoolresultaten

    • dossiergegevens 

  • Centrale vraag:

    • Wat is er aan de hand bij dit kind in deze context?

  • Daarbij kijkt men naar:

    • risicofactoren

    • beschermende factoren

    • sterktes

    • noden 

Indicatiestelling

  • Men bepaalt:

    • wat men wil veranderen

    • welke doelen men nastreeft

    • welke aanpak wenselijk is

    • of de aanpak haalbaar is

    • welke ondersteuning opvoeders nodig hebben

  • Dit leidt tot een pre-advies


16
New cards

Fase 5: Adviesfase

Doel:

  • Samen tot een uitvoerbaar advies komen. 

Onderwerpen:

  • samenvattend beeld bespreken

  • aanbevelingen kiezen

  • voor- en nadelen afwegen

  • gezamenlijke aanpak bepalen

  • afspraken maken rond opvolging en evaluatie 

Einddoel: YES-advies

  • Een advies is pas geslaagd wanneer betrokkenen het advies:

    • begrijpen

    • aanvaarden

    • willen uitvoeren

  • Anders is de adviesfase nog niet afgerond