1/23
Looks like no tags are added yet.
Theorie
een samenhangend geheel van begrippen en ideeën waarmee waarnemingen worden geordend en verklaard. Een theorie helpt om gedrag te begrijpen en voorspellingen te doen over wat er kan gebeuren
Informele theorieën
ideeën of verklaringen die mensen in het dagelijks leen gebruiken om gedrag te gebruiken. Ze zijn niet altijd systematisch onderzocht
Formele theorieën
wetenschappelijk uitgewerkte verklaringen met duidelijk omschreven begrippen en samenhangende ideeën
Psychodynamische benadering
gaat ervan uit dat gedrag mede wordt beïnvloed door innerlijke psychologische processen, waaronder onbewuste verlangens, gevoelens en conflicten
Psychosociale theorie
een mens doorloopt verschillende psychosociale ontwikkelingsfasen. In iedere fase staat een bepaalde uitdaging of crisis centraal. Hoe iemand met deze uitdaging omgaat, draagt bij aan de verdere ontwikkeling
Ontwikkelingstaaktheorie
mensen komen in verschillende perioden van hun leven bepaalde ontwikkelingstaken tegen. Een ontwikkelingstaak is een vaardigheid, verantwoordelijkheid of opgave die in een bepaalde levensfase belangrijk is
Behaviorisme
richt zich vooral op observeerbaar gedrag en de relatie tussen gedrag en de omgeving. Gedrag kan veranderen door de gevolgen die erop volgen
Klassieke conditionering
iemand leert een verband tussen prikkels. Een prikkel die aanvankelijk geen bepaalde reactie oproept, kan die reactie uiteindelijk wel oproepen doordat deze herhaaldelijk met een andere prikkel wordt gecombineerd
Operante conditionering
gedrag wordt beïnvloed door de gevolgen ervan, het gedrag herhaalt zich of juist niet door bekrachtiging of straf
Sociaal leren
kinderen leren niet alleen door de directe gevolgen van hun eigen gedrag, ze kunnen ook leren door naar anderen te kijken
Self-efficacy
het geloof dat je in staat bent een bepaalde taak uit te voeren of met een situatie om te gaan
Ethologische benadering
onderzoekt gedrag vanuit de biologische en evolutionaire basis ervan. Sommige gedragingen hangen samen met biologische aanleg en kunnen een functie hebben gehad voor de overleving of voortplanting
Evolutionaire ontwikkelingstheorie
probeert ontwikkeling te begrijpen vanuit de evolutie en de eigenschappen die door natuurlijke selectie zijn ontstaan
Levenslooptheorie
bestudeert ontwikkeling in relatie tot de levensloop en de maatschappelijke en historische omstandigheden waarin iemand leeft. Ontwikkeling wordt niet alleen verklaard vanuit leeftijd of biologische rijping, ook de timing van gebeurtenissen en de historische context zijn belangrijk
Dynamische-systeemtheorie
beschouwt ontwikkeling als het resultaat van wisselwerking tussen verschillende factoren die voortdurend veranderen. Een vaardigheid ontstaat niet noodzakelijk door één enkele oorzaak
Schema
een georganiseerde manier waarop iemand kennis over de wereld structureert. Schema’s helpen kinderen om ervaringen te begrijpen en informatie te ordenen
Assimilatie
nieuwe informatie wordt opgenomen in een bepaald schema
Accommodatie
een bestaand schema wordt aangepast of een nieuw schema wordt gevormd omdat de bestaande kennis niet goed genoeg past bij de nieuwe ervaring. Bijvoorbeeld wanneer een kind leert dat katten anders zijn dan honden, dan past het zijn kennis aan
Zone van naaste ontwikkeling
het gebied tussen wat een kind zelfstandig kan, en wat een kind met hulp van een meer deskundige persoon kan
Informatieverwerkingstheorieën
vergelijken het denken van mensen met processen waarbij informatie wordt opgenomen, verwerkt, opgeslagen en gebruikt