Psychologie in de Klas HS1 Leren

0.0(0)
Studied by 7 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
Card Sorting

1/20

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

21 Terms

1
New cards

Leren

duurzame verandering in kennis, vaardigheden, attitudes of gedrag die tot stand komen door ervaring, oefening of instructie

2
New cards

Formeel leren

leren met een doel voor ogen, binnen een gestructureerde leeromgeving zoals school of een opleiding, met vooraf vastgelegde leerdoelen, leerinhouden en evaluatievormen

3
New cards

Informeel leren

spontaan of onbewust leren, buiten formele onderwijscontexten zoals hobby’s, sociale interacties, media of dagelijkse ervaringen

4
New cards

Behaviorisme

richt zich op extern waarneembaar gedrag. Alle gedrag is aangeleerd, niets is aangeboren. Legt verband tussen prikkels, reacties en onmiddellijk gevolg op reacties.

5
New cards

Associatief leren

Er is een verband tussen prikkels (stimuli), reacties (gedrag) en onmiddellijk gevolg op reacties (consequence)

6
New cards

Klassieke conditionering

Er wordt een koppeling gelegd tussen een aangeboren reflex en een nieuwe stimulus. De nieuwe reflex die ontstaat is moeilijk af te leren. Conditionering gebeurt soms onbedoeld.

7
New cards

Ongeconditioneerd respons

aangeboren reflex, zonder dat er een nieuwe stimulus aanwezig is

8
New cards

Ongeconditioneerde stimulus

natuurlijke stimulus die een ongeconditioneerd respons uitlokt

9
New cards

Geconditioneerde stimulus

nieuwe stimulus die eerst neutraal is en geen respons uitlokt, maar na conditionering wel respons uitlokt

10
New cards

Operante conditionering

Gedrag aanleren en in stand houden door gevolgen op het gedrag door positieve of negatieve bekrachtiging. Gedrag dat beckrachtigd is neemt toe, enkel bij snel en consequent volgen op gedrag.

11
New cards

Positieve bekrachtiging

Gevolg op gewenst gedrag. Iets aangenaam wordt toegevoegd na gewenst gedrag.

12
New cards

Negatieve bekrachtiging

Gevolg op gewenst gedrag. Iets onaangenaams wordt weggenomen.

13
New cards

Sociaal-cognitieve theorie

Leren door observatie en imitatie. Door alleen te observeren, gaan we vaak ook al imiteren. Er wordt geobserveerd wat iemand doet, hoe iemand het doet en wat het gevolg is van dat gedrag.

14
New cards

Cognitivisme

Leren als actief proces waarbij lerenden informatie waarnemen, verwerken, opslaan en opnieuw oproepen. Begrip van de werking van het geheugen speelt hier een belangrijke rol.

15
New cards

Sensorisch geheugen

Prikkels uit de omgeving komen eerst hier terecht. Als de aandacht erop gericht wordt, kunnen de prikkels verder naar het werkgeheugen.

16
New cards

Werkgeheugen

Wanneer aandacht gericht wordt op prikkels in het sensorisch geheugen, worden ze hier verder verwerkt. Heeft een beperkte capaciteit.

17
New cards

Langetermijngeheugen

Door herhaling, structuur en het leggen van verbanden kan informatie hier opgeslagen worden. Van hieruit kan ze opgehaald worden wanneer nodig.

18
New cards

Vergeetcurve (van Ebbinghaus)

Toont hoe snel betekenisloze informatie vergeten wordt, en toont het effect van herhaling.

19
New cards

Cognitieve overbelasting

Wanneer te veel nieuwe informatie door het werkgeheugen moet. Te veel input raakt niet in het werkgeheugen en dus ook niet naar het langetermijngeheugen. Het leren stopt en leerlingen raken vaak emotioneel gefrustreerd.

20
New cards

Sociaal-constructivisme

Leren als actief, constructief en sociaal proces. Lerenden bouwen zelf kennis op door nieuwe ervaringen te verbinden met wat ze al weten, in interactie met anderen en met de context waarin leren plaatsvindt. Leren vindt plaats in realistische en herkenbare contexten.

21
New cards

primacy-recency-effect

Informatie die als eerste of als laatste wordt aangeboden wordt beter onthouden dan die in het midden.