Les 5

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/8

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

9 Terms

1
New cards

Plaats van de toeschouwer door de jaren heen

ritueel: dionysische feesten (geen echte scheiding publiek/podium)

Klassiek theater: arena’s

Middeleeuws theater: simultaan toneel

(Vroeg)modern theater: vorstelijk centraalperspectief (politiek project)

Postmodern theater: landschapsmetafoor

2
New cards

paradox modern theater vanaf 19de eeuw

toenemende scheiding podium / publiek

Theater w ruimte van ‘gecontroleerde” observatie

Toeschouwer evolueert langzaam nr relatief stille, ‘passieve’ kijker

MAAR tegelijk nieuwe vorm van betrokkenheid nagestreefd

(Focus op theatrale wereld, psychologische nabijheid)

3
New cards

interruption

(Bala)

Doorbreekt het normale verloop en maakt verborgen verhoudingen zichtbaar

4
New cards

interpellation

(Bala)

Spreekt mensen aan op hun positie, identiteit en verantwoordelijkheid

5
New cards

Paradox of the spectator

Rancière

Theater kan niet bestaan zonder toeschouwers, maar toeschouwen wordt als passief beschouwd

6
New cards

Toeschouwer Brecht vs Artaud

Brecht: kritisch bewustzijn

  • creëert afstand tussen scène en publiek

  • → toeschouwer kritische onderzoeker die oordeelt

  • Theater moet maatschappelijke verhoudingen inzichtelijk maken

Artaud: lichamelijke betrokkenheid

  • afstand tss scène en publiek doorbreken

  • Toeschouwer w lichamelijk en zintuigelijk betrokken

  • Theater w collectieve, directe ervaring


Lijken tegenovergestelde maar delen:

Toeschouwer is aanvankelijk passief, theater moet activeren

7
New cards

Rancière toeschouwer

kijken is zelf een activiteit:

Observeren en selecteren, vergelijken met andere ervaringen, interpreteren en betekenis construeren

→ toeschouwer = actieve interpreet

→ theater hoeft geen vooraf bepaalde boodschap over te dragen, emancipatorische kracht van theater ligt in de erkenning van de intellectuele autonomie van de toeschouwer

8
New cards

distribution of the sensible

Rancière

= de maatschappelijke ordening van wat zichtbaar, hoorbaar en denkbaar is

Bepaalt wie mag spreken en gehoord wordt, wie kan deelnemen aan het publieke en politieke leven

Oefening is niet neutraal, weerspiegelt bestaande machtsverhoudingen

(Kunst kan deze orde verstoren)

9
New cards

Relationele dramaturgie

gaat in tegen de passieve toeschouwersdefinitie - the ‘act’ of spectating is een actieve daad op zich

Double experience of spectating:

  • spectating I = de toeschouwer kijkt naar wat ge(re)presenteerd wordt

  • I of the spectator = de toeschouwer verhoudt zich daar tegenover