1/89
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
(De) Alvleesklier – De alvleesklier maakt insuline aan.
EN: pancreas
(De) Bloedbaan – Glucose reist door de bloedbaan naar de organen.
EN: bloodstream
(De) Bloedglucose – De bloedglucose stijgt na een maaltijd.
EN: blood glucose
(De) Bloedglucosewaarde – De bloedglucosewaarde was hoger dan normaal.
EN: blood glucose level
(Het) Bloedplasma – Het bloedplasma vervoert voedingsstoffen door het lichaam.
EN: blood plasma
(De) Bloedsuiker – Een hoge bloedsuiker kan klachten veroorzaken.
EN: blood sugar
(Het) Bloedsuikergehalte – Het bloedsuikergehalte moet stabiel blijven.
EN: blood sugar level
(De) Bloedsuikerspiegel – De bloedsuikerspiegel schommelt gedurende de dag.
EN: blood sugar level
(De) Bloedsuikertest – Hij deed een bloedsuikertest om zijn waarden te controleren.
EN: blood sugar test
(De) Bloedsuikerwaarde – De bloedsuikerwaarde was lager dan verwacht.
EN: blood sugar value
(De) Bloedtest – De arts vroeg om een bloedtest.
EN: blood test
(De) Bloedvaten – De bloedvaten vervoeren zuurstof door het lichaam.
EN: blood vessels
(De) Bovenarm – De injectie werd in de bovenarm gezet.
EN: upper arm
Chronisch – Diabetes is een chronische aandoening.
EN: chronic
(De) Complicatie – Een infectie kan een complicatie zijn.
EN: complication
Diabetes – Diabetes beïnvloedt de glucosehuishouding.
EN: diabetes
(De) Diabetes type 1 – Bij diabetes type 1 maakt het lichaam geen insuline meer.
EN: type 1 diabetes
Diabetes type 2 – Diabetes type 2 ontstaat vaak geleidelijk.
EN: type 2 diabetes
(Het) Dieet – Hij volgt een dieet om zijn glucose stabiel te houden.
EN: diet
(De) Dorst – Veel dorst kan een teken van hoge glucose zijn.
EN: thirst
(De) Dosis – De dosis insuline moet nauwkeurig worden berekend.
EN: dose
Duizelig – Ze voelde zich duizelig door de lage glucose.
EN: dizzy
(De) Eetgewoonte – Gezonde eetgewoonten helpen bij het reguleren van glucose.
EN: eating habit
(Het) Eetpatroon – Een stabiel eetpatroon voorkomt grote schommelingen.
EN: eating pattern
(Het) Evenwicht – Het lichaam probeert het glucose-evenwicht te bewaren.
EN: balance
Futloos – Hij voelde zich futloos door de hoge bloedsuiker.
EN: lethargic
(De) Gevoelloosheid – Gevoelloosheid in de voeten kan bij diabetes voorkomen.
EN: numbness
(Het) Gewichtsverlies – Onverklaarbaar gewichtsverlies kan een symptoom zijn.
EN: weight loss
(De) Glucose – Glucose is een belangrijke energiebron.
EN: glucose
(De) Hartziekte – Diabetes verhoogt het risico op hartziekten.
EN: heart disease
(Het) Hormoon – Insuline is een hormoon dat glucose reguleert.
EN: hormone
(De) Hyper – Een hyper ontstaat bij een te hoog bloedsuikergehalte.
EN: hyper (high blood sugar episode)
(De) Hyperglykemie – Hyperglykemie kan gevaarlijk zijn als het niet wordt behandeld.
EN: hyperglycemia
(De) Hypo – Een hypo ontstaat bij een te laag bloedsuikergehalte.
EN: hypo (low blood sugar episode)
(De) Hypoglykemie – Hypoglykemie kan leiden tot duizeligheid en zwakte.
EN: hypoglycemia
Insuline – Insuline helpt glucose de cellen in.
EN: insulin
(De) Insulinepen – De insulinepen wordt gebruikt voor dagelijkse injecties.
EN: insulin pen
(Het) Koolhydraat – Brood bevat veel koolhydraten.
EN: carbohydrate
(De) Levensstijl – Een gezonde levensstijl ondersteunt de glucosebalans.
EN: lifestyle
(De) Naald – De naald moet na elke injectie worden vervangen.
EN: needle
(De) Nachtrust – Slechte nachtrust kan de glucose beïnvloeden.
EN: sleep
(De) Nier – De nieren filteren afvalstoffen uit het bloed.
EN: kidney
(De) Onderzoekstafel – De patiënt lag op de onderzoekstafel.
EN: examination table
(Het) Oog – Het oog kan schade oplopen door hoge glucose.
EN: eye
Oogprobleem – Diabetes kan leiden tot oogproblemen.
EN: eye problem
Overgewicht – Overgewicht verhoogt het risico op diabetes.
“Hij heeft overgewicht”
EN: overweight
(De) Schimmelinfectie – Schimmelinfecties komen vaker voor bij hoge glucose.
EN: fungal infection
(Het) Slaappatroon – Een verstoord slaappatroon kan klachten verergeren.
EN: sleep pattern
(Het) Suikergehalte – Het suikergehalte in het bloed moet stabiel blijven.
EN: sugar level
(De) Suikerziekte – Suikerziekte is een andere naam voor diabetes.
EN: diabetes
Tintelend – Tintelende handen kunnen een symptoom zijn.
EN: tingling
(Het) Tussendoortje – Een gezond tussendoortje helpt schommelingen te voorkomen.
EN: snack
(Het) Vermoeden – De arts had een vermoeden van diabetes.
EN: suspicion
(De) Vermoeidheidsklachten – Vermoeidheidsklachten komen vaak voor bij hoge glucose.
EN: fatigue complaints
Vervelend – Wat vervelend dat je je zo voelt.
EN: unpleasant
(Het) Vingerprikje – Een vingerprikje wordt gebruikt voor een snelle meting.
EN: finger prick
(De) Vingertop – De vingertop is gevoelig bij het prikken.
EN: fingertip
(Het) Voedingspatroon – Een gebalanceerd voedingspatroon ondersteunt de gezondheid.
EN: dietary pattern
(Het) Voorstadium van diabetes – In het voorstadium van diabetes zijn de waarden al verhoogd.
EN: prediabetes
(Het) Watje – Het watje wordt gebruikt om de prikplek schoon te maken.
EN: cotton ball
(Het) Wazig zicht – Wazig zicht kan een teken zijn van hoge glucose.
EN: blurry vision
(De) Weegschaal – Hij stond elke ochtend op de weegschaal.
EN: scale
(Het) Wondje – Het wondje moet goed worden verzorgd.
EN: small wound
(De) Zenuwschade – Zenuwschade kan ontstaan door langdurig hoge glucose.
EN: nerve damage
(Het) Zetmeel – Aardappelen bevatten veel zetmeel.
EN: starch
(De) Zwangerschapsdiabetes – Zwangerschapsdiabetes ontstaat tijdens de zwangerschap.
EN: gestational diabetes
Aanvoelen – Hij kon aanvoelen dat zijn glucose daalde.
EN: to sense
Afleiden uit – Je kunt veel afleiden uit een bloedtest.
EN: to deduce from
Een blokje om gaan – Ze ging een blokje om om haar hoofd leeg te maken.
EN: to go for a short walk
Ervaren – Hij ervaart vaak klachten bij een hypo.
EN: to experience
Injecteren – De verpleegkundige moet de insuline zorgvuldig injecteren.
EN: to inject
Inslapen – Ze kon moeilijk inslapen door de klachten.
EN: to fall asleep
Last hebben van – Hij heeft last van duizeligheid.
EN: to suffer from
Nuchter prikken – Je moet nuchter prikken voor een betrouwbare meting.
EN: to test fasting
Onderzoeken – De arts onderzoekt de glucosewaarden.
EN: to examine
Ontbloten – Hij moest zijn arm ontbloten voor de injectie.
EN: to uncover
Oplossen – De klachten lossen vaak vanzelf op.
EN: to resolve
Opstropen – Ze stroopte haar mouw op voor de vingerprik.
EN: to roll up
Plassen – Hij moest vaker plassen door de hoge glucose.
EN: to urinate
Prikken – De verpleegkundige prikt voorzichtig in de vingertop.
EN: to prick
Snoepen – Te veel snoepen kan de glucose verhogen.
EN: to snack on sweets
Toedienen – De insuline wordt via de pen toegediend.
EN: to administer
Uitsluiten – De arts wil andere oorzaken uitsluiten.
EN: to rule out
Urineren – Ze moest vaak urineren door de hoge waarden.
EN: to urinate
Vermoeden – De arts vermoedt een hypo.
EN: to suspect
Wegen – Hij weegt zichzelf elke ochtend.
EN: to weigh
Zich voorstellen – Hij stelde zich voor aan de verpleegkundige.
EN: to introduce oneself
Zich zorgen maken – Ze maakt zich zorgen over haar gezondheid.
EN: to worry
Zin hebben in – Hij had zin in een gezond tussendoortje.
EN: to feel like
Zitten – Diabetes zit bij hen in de familie.
““Komt borstkanker in uw familie voor? Dat kan namelijk van invloed zijn op uw risico.””
EN: to run in the family