1/44
Looks like no tags are added yet.
Psychodiagnostiek
Oordeelsvorming
Psychische disfuncties / gedragsmoeilijkheden én sterktes
Wetenschappelijke psychologie
Persoon of systeem begrijpen
Probleemstructurering (case formulation)
Aanwijzingen voor therapie
Procesmatig
Interactie tussen cliënt en clinicus
Verschillende verklaringen
Indeling volgens LOCUS
persoonsgericht
situatiegericht
Indeling volgens TIJDslokalisatie tov te verklaren gedrag
Synchrone verklaringscondities
Diachrone verklaringscondities
Indeling volgens EFFECT op te verklaren gedrag
Inducerende verklaringsfactoren
Continuerende verklaringsfactoren
persoonsgerichte verklaring
= verklaring zoeken in persoon zelf (bv: genen)
situatiegerichte verklaring
= verklaring zoeken in context
→ vooral als de context bekend is
Synchrone verklaringscondities
valt samen in tijd met te verklaren gedrag
Bv: problemen op het werk en stress
Diachrone verklaringscondities
Liggen in het verleden
Bv: trauma
Inducerende verklaringsfactoren
= over het ontstaan van gedrag
bv: trauma
Continuerende verklaringsfactoren
= over in stand houden van gedrag
Bv: vermijdingsgedrag hondenfobie
Continuerende verklaringsfactoren
= mogelijke scenario’s volgend op een bepaald gedrag X
positieve / negatieve bekrachtiger
positieve / negatieve straf
Empirische cyclus
observatie
Inductie
deductie
toetsing
evaluatie
3 betrokken partijen (3 vragen)
Vragen van de cliënt (hulpvraag)
Vragen van de verwijzer of aanvrager (aanvraag)
Vragen van de diagnosticus (!!!)
Hulpvraag
= Vragen van de cliënt
Aanvraag
= vragen van de verwijzer of aanvrager
Analyse van de aanvraag
Info over de aanvrager
Info over de aanvraag
Info die aanvrager geeft over cliënt
Dossier
Litteratuur
Info over de aanvrager
Wie is aanvrager – in welke relatie tot jou?
Wat is setting van aanvrager?
Wat is het referentiekader van aanvrager?
Wat is de rol van de aanvrager
Wat is de beslissingsbevoegdheid van aanvrager?
Intramuraal
de aanvrager werkt binnen dezelfde instelling als jij,
bv. een arts van hetzelfde ziekenhuis.
Extramuraal
de aanvrager komt van buiten de instelling,
bv. een rechter of huisarts die jou vraagt om iemand te onderzoeken.
Hulpverlening
= de aanvrager wil iemand helpen of behandelen
bv. een psycholoog vraagt een diagnostisch onderzoek aan
Niet-hulpverlening
= de aanvrager wil informatie voor een ander doel dan hulp bieden
bv. een rechter vraagt een onderzoek aan.
Ambulant
= de cliënt komt op afspraak naar de hulpverlening, maar verblijft er niet
Bv. iemand gaat naar een psycholoog.
Residentieel
= de cliënt verblijft in de instelling waar hij/zij hulp krijgt
Bv. iemand is opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis.
Informatie over de aanvraag
Wat is de reden van aanvraag?
Handelt het over een open of gesloten aanvraag?
Wat is de inhoud van de aanvraag? (inhoud)
Wat is de functie van de aanvraag? (grondvragen)
Informatie die aanvrager heeft over de cliënt
Inhoud
Anamnestische informatie
Ontwikkelingsgeschiedenis
Aard en ernst van de klachten
Eerder gezochte hulpverlening of behandeling?
Rol en houding van de cliënt t.a.v. het onderzoek
Heeft de cliënt zelf of de aanvrager het onderzoek aangevraagd (rol)?
Is de cliënt nieuwsgierig of eerder achterdochtig (attitude)? (context!)
Anamnestische informatie
= het levensverhaal en de voorgeschiedenis van de cliënt
bv: Gezin van oorsprong, opleiding, relationeel functioneren, …
Analyse van de hulpvraag
Rol van de cliënt in doorverwijzing?
Attitude van de cliënt t.a.v. onderzoek?
Inhoud van de hulpvraag?
Wat is functie van de hulpvraag?
Wil de cliënt anderen bij het onderzoek betrekken?
Aanmelding
analyse van de aanvraag
analyse van de hulpvraag
exploratieve klachten
diagnostisch scenario
ordenen van de vragen
vooropige probleemsamenhang: case formulation
Voorlopige probleemsamenhang => 2 manieren
model Van de Willige
KOP-model
3 copingsstijlen volgens het model van Van de Willige
instrumentele coping (wat je DOET)
Intra-psychische coping (wat je in je HOOFD doet)
Palliatieve responsen (AROUSAL dalen)
KOP-model
Klachten = Omstandigheden x Persoonlijkheidskenmerken
Internaliserende klachten
= dynamiek binnenin (rumineren, angst, depressie,…)
Externaliserende klachten
= dynamiek naar buiten toe (dingen doen, verslavingen,…)
Diagnostisch onderzoek
hypothesen
keuze van instrumentarium
formuleren van toetsbare voorspellingen obv instrumentarium
afname en verwerking van instrumenten
argumentatie
Hypothesen
= veronderstellingen die getoetst moeten worden
Onderkenningvragen
Verklaringsvragen (A → B)
Predictievragen
Indicatiestellingsvragen
betrouwbaarheid
= hoe goed meet het instrument wat het pretendeert te meten
= hoe goed meet ik het concept?
Validiteit
= meet het instrument het concept dat het pretendeert te meten
= meet ik het concept?
De normgroep
Taal
Land
Geslacht
Leeftijd
Keuze van het instrumentarium
Samenstelling en grootte van de normgroep
Bereik van de normgroep
Datum of moment waarop de normgroep werdsamengesteld (bv. Flynn)
Integratie
= Bouw een argumentatie uit waarom je bepaalde hypothesen aanhoudt, verwerpt of wijzigt in nieuwe hypothesen
Schriftelijke verslagvoering
situering van cliënt
situering onderzoek
aanmelding
achtergrondgegevens en eerste exploratie problematiek
vraagstelling, onderzoeksmiddelen en toetsingscriteria
beantwoorden van de vragen
algemeen besluit
Situering van de cliënt (schriftelijke verslagvoering)
naam
geslacht
leeftijd
geboortedatum
adres
studierichting/werk
Situering van het onderzoek
Naam en functie van de aanvrager
Naam en functie van de onderzoeker
Naam en functie van de supervisor (indien van toepassing)
Setting en datum van onderzoek
Aanmelding
Aanvraag zoals geformuleerd door aanvrager
Hulpvraag zoals geformuleerd door cliënt/significante ander (reden)
Achtergrondgegevens en eerste exploratie van de huidige problematiek
Achtergrondgegevens
Gezinssituatie
Relevante elementen uit de levensgeschiedenis
School/werk context
Sociale context en sociaal functioneren
Culturele achtergrond
Geschiedenis van de klachten (ontstaan & ontwikkeling) eneventuele hulpverleningsgeschiedenis
Eerste exploratie van de huidige problematiek
Huidige problematiek die geleid heft tot de consultatie entot de aanvraag van het psychodiagnostisch onderzoek
Beantwoorden van de vraagstelling
De hoofdmoot van het verslag bestaat uit het antwoorden op de vragen naar onderkenning,verklaring, predictie en indicatiestelling