LES 5 - Cytoskeler & Celmigratie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/79

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 11:50 AM on 9/29/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

80 Terms

1
New cards

Welke functies heeft het cytoskelet?

- Organisatie tegenover zichzelf & de ruimte

- vormgeving en stevigheid

- mechanische/plastische interacties

2
New cards

Uit wat bestaat het cytoskelet?

Het bestaat uit filamenten.

3
New cards

Hoe is het cytoskelet opgebouwd?

Het cytoskelet is ingebed in de cel in het cytoplasma = geleiachtige substantie, ideaal voor biochemische reacties.

Het cytoskelet bestaat uit "draadachtige" structuren die netwerk vormen van eiwitfilamenten en tubuline.

- microfilamenten = dunste vezels

- intermediaire vezels

- microtubules = dikste vezels

4
New cards

Uit welke 3 structuren bestaat uit het cytoskelet?

Microtubules, microfilamenten & intermediaire filamenten (tussenfilamenten) en motoreiwitten.

5
New cards

Hoe zijn microtubules opgebouwd?

Bouwsteen : tubuline

* heterodimeer van alpha- & beta-tubuline

Cylinder = lang, recht & hol; relatief stijf; dynamisch door (de)polymerisatie; 1 uiteinde gehecht aan MTOC (microtubule-organizing center) = centrosoom

6
New cards

Beschrijf de (de)polymerisatie van microtubules

Het is een actief proces

- GTPafhankelijk

- Aangroei aan 1 uiteinde

- Ander uiteinde : capping (plek waar geen (de)polymerisatie mogelijk is

= '"rescue-catastrophe cycle"

7
New cards

Beschrijf de microfilamenten

Bouwsteen : actine

* helix-polymeer van actine; flexibel

Voorkomen : in lineaire bundels, 2D netwerken en 3D gels

- Gelokaliseerd aan de cortex (onder plasmamembraan)

8
New cards

Beschrijf de tussenfilamenten (intermediaire filamenten)

Bouwsteen : grote heterogeen eiwitfamilie; touwachtige vezels (diameter : 10 nm); verschillende types :

- nucleair lamina; cytoplasma; epithelium

9
New cards

Geef nog enkele eigenschappen van de opbouw van filamenten

- Bouwstenen van actine & tubuline zijn compact en globulair

- Bouwstenen van actine en tubuline zijn asymmetrisch dus 1 enkele richting van polymerisatie

- door de asymmetrische bouwstenen van actine & tubuline, zijn de filamenten ook gepolariseerd

- actine katalyseert ATP-hydrolyse & tubuline katalyseert GTP-hydrolyse

- bouwstenen van intermediaire filamenten zijn symmetrisch & katalyseren geen ATP of GTP

10
New cards

Wat is de functie van microtubules?

Beweging van blaasjes & organellen; mitotische spil tijdens celdeling

11
New cards

Wat is de functie van intermediaire filamenten & microfilamenten?

Behouden van celvorm

12
New cards

Wat doen motoreiwitten?

Transportsysteem van de cel; actieve verplaatsing binnen de cel : ATP-afhankelijk

13
New cards

Welke motoreiwitten zijn er?

Kinesines, dyneïnes & myosines

14
New cards

Welke cellen bevatten motoreiwitten?

Alle cellen behalve zenuwcel

15
New cards

Wat wordt bedoelt met de 'hoofdweg' en 'zijweg'?

Hoofdweg = microtubule & zijweg = actine

16
New cards

Welke 2 sorting signals zijn er? ('tag')

signal sequence & signal patch

17
New cards

Wat is een signal sequence?

Het is een sequentie van 15-60 aminozuren aan de N-terminus & wordt verwijderd bij afwerking

18
New cards

Wat is een signal patch?

In de 3D structuur, deel van het eindproduct

19
New cards

Welke transportmodellen bestaan er?

Gated, transmembranair & vesiculair transport

20
New cards

Wat is gated transport?

Transport tussen cytosol & nucleus van eiwitten en RNA

21
New cards

Wat is transmembranair transport?

transport tussen cytosol & organellen; onopgevouwde eiwitten; gaan gedeeltelijk door membraan

22
New cards

Wat is vesiculair transport?

tussen membraan omgeven ruimtes, enkel als lumen topologisch equivalenten zijn

23
New cards

Wat is het verschil tussen fagocytose en pinocytose?

Bij fagocytose worden objecten geïnternaliseerd & bij pinocytose wordt extracellulair vocht geïnternaliseerd

24
New cards

Wat is het verschil tussen macro-en micropinocytose?

Grote vs kleine vesikels

25
New cards

Door wat worden sorting signals herkend?

Ze worden herkend door sorting receptors

26
New cards

Leg uit 'actine-gebaseerde transport'

Actinefilamenten bevinden zich onder de plasmamembraan en ze zorgen voor stevigheid & vormgeving.

27
New cards

Leg uit waarom de vormgeving van de actinefilamenten dynamisch is

lamellipodia = cytoskelet-extensie, platte touw-achtige cytoskeletale uitsteeksels aan de periferie van de migrerende cellen

filopedia = cytoplasmatische-extensie, membraanachtige cytoplasmatische uitsteeksels die de omgeving scannen

28
New cards

Hoe zal een neutrofiel zich bijvoorbeeld bewegen? (actine-filamenten)

je weet in welke richting je moet migreren dus alle actine-filamenten zullen in die richting aangroeien dus actine-filamenten die in de andere richting afbreken zullen afbreken & die in de juiste richting zullen aangroeien -> vorming lamellipodia

Door de aangroei van actine-filamenten zal er een nieuwe adhesieplaats/verankeringspunt ontstaan, continue aangroei van actine-filamenten in 1 richting.

Aan de achterkant ontstaat 'de-adhesie' & blijft er een 'old adhesie' plek over.

29
New cards

Verklaar hoe actine-filamenten een absorptie functie hebben?

vb. stereocilia : trilharen in het binnenoor die geluidstrilligen waarnemen

vb. microvilli : epitheliale darmcellen die voedingsstoffen opnemen

30
New cards

Waar bevindt microtubuline zich?

Aan de cellulaire periferie

31
New cards

Wat vormen microtubuline?

Ze vormen een mitotische spoel tijdens celdeling, vorming van cilia die als sensoren dienen of als zweepjes, vorming van dichte intracellulaire bundels voor lange transportwegen

32
New cards

Hoe kunnen skeletspieren bewegen?

Door samentrekken

33
New cards

Uit wat bestaat een spier

uit lange spiervezels in de lengte

34
New cards

Uit wat bestaat een spiervezel?

Uit multinucleaire cylindrische cellen

35
New cards

Wat zijn multinucleaire cylindrische cellen?

- grote cellen om kracht te genereren, grote hoeveelheden eiwit nodig, mitochondriën zorgen voor energie

36
New cards

Hoe is een myofibril opgebouwd?

Het bestaat uit sarcomeren : actine (dunne) en myosine (dikke) filamenten : motoreiwit gekoppeld aan ATP

37
New cards

Welke regio's zijn er in de sarcomeer?

- afgebakend door Z-schijven verankeren de dunne filamenten, I-regio waar actine-filamenten geen overlap hebben met de myosine-filamenten

* A-band is waar er overlap is tussen dunne en dikke filamenten

* H-band is waar enkel de dikke myosine-filamenten zijn zonder overlap met de actine-filamenten

* M-schijf is midden van de H-band

38
New cards

Hoe ziet myosine eruit?

2 bolvormige koppen verbonden met een flexibele nek & iedere kop bevat een motordomein die een ATP of ADP kan binden & bindt met een actine

39
New cards

Wat als er een conformationele verandering is door ATP-hydrolyse?

Dan zal er 'heffing' van de koppen zijn als ze met actine interageren.

40
New cards

Hoe gebeurt de verbinding tussen actine- en myosine filamenten?

De verbinding tussen actine- en myosine wordt verhinderd door tropomyosine.

Er is een conformationele wijziging van troponine complex door Ca2+ waardoor tropomyosine toegang zal geven tot de myosine-docking plaatsen

& zo kan myosine met actine binden.

41
New cards

Wat is de invloed van ATP op de spieren?

Spiercontractie is een ATP-afhankelijke beweging.

ATP zorgt voor een gespannen positie van myosine -> ATP-hydrolyse tot ADP + Pi en zo is myosine in staat om actine te binden dus zodra actine beschikbaar wordt zal myosine ermee binden. Pi wordt vrijgelaten & myosine ondergaat een conformationele verandering : power stroke.

Deze krachtslag trekt de actine-filamenten naar de M-lijn -> verkorting van sarcomeer -> samentrekking spieren & ADP wordt nu vrijgelaten. Pas als er een nieuwe ATP bindt dat deze myosine wordt losgelaten.

42
New cards

Wat als er geen ATP in de spieren aanwezig is?

Dan zouden de spieren blijven samentrekken

43
New cards

Uit wat is onze huid opgebouwd?

- uit epidermis (keratinocyten), dermis (bloedvaten) & hypodermis (subcutaan vet)

44
New cards

Uit welke lagen bestaat de epidermis?

Stratum basale, stratum spinosum, granulosum, lucidum & stratum corneum

45
New cards

Waarom is er continue differentiatie van keratinocyten?

Soort beschermingsreactie, vb. bij een wonde -> vervanging

46
New cards

Welke cellen komen voor in de huid?

Keratinocyten, merkelcellen, langerhanscellen, melanocyten & stamcellen

47
New cards

Wat is de extracellulaire matrix?

Een 3D netwerk van macromoleculen

Ze biedt steun : structurele cross-linkage, celverankering, celmigratie & biochemische stimuli voor overleving van cellen, stamcel-specificatie, ..

48
New cards

Uit wat bestaat de extracellulaire matrix?

Ze bestaat uit een basaal membraan die dens is, weinig poreus & een interstitiale matrix die voornamelijk uit collageen bestaat & fibronectine die organisatie geeft.

49
New cards

Uit wat bestaat de dermis?

De dermis bevat meer extracellulaire matrix met fibroblasten die continue eiwitten aanmaken zoals collageen & elastine om een verbindend netwerk te maken, er lopen bloed-en lymfevaten & het bestaat uit een 2-lagig bindweefsel : papillair & reticulair

50
New cards

Uit wat bestaat het papillair netwerk?

- losse meshen van elastine & collageen, vormt ongeveer 20% van de dermis & is gelinkt aan stratum basal van epidermis -> vorming van richels = vingerafdruk

51
New cards

Uit wat bestaat de reticulaire laag?

De reticulaire laag is dikker en onregelmatiger, neemt 80% van de ECM in, goede doorbloeding & bezenuwing & vezels vormen een hecht netwerkt.

elastine voor de elasticiteit & collageen die structuur en stevigheid geeft & het houdt ook water vast

52
New cards

Hoe is keratine opgebouwd?

Het is een vezelig eiwit, filament : touwachtig structuur, lange parallele polypeptide-ketens, veel cysteïnes; duurzaam, stevig & inert, regelmatige cross-linkage, veelal onoplosbaar

53
New cards

Waar kan keratine voorkomen?

keratine in haar, buitenste huidlaag, collageen in bw; beenderen, tanden, pezen en in bloedvatwanden

54
New cards

Hoe rijpen de 'keratinocyten'?

Cel gaat zich langzaam vullen met keratine waardoor het platter zal worden, celkern verdwijnt.

55
New cards

Welke 3 functies heeft onze huid?

Bescherming, regulatie & sensatie

56
New cards

Wat begrijpt men onder 'bescherming'?

barrière tegen temperatuur, radiatie, chemicaliën, microben

57
New cards

Wat begrijpt men onder 'regulatie'?

In en uit regulatie dus lichaamstemperatuur via zweet, haar & vet, vochtbalans, opslagplaats voor vitamine D, en melanine (pigment)

58
New cards

Wat begrijpt men onder 'sensatie'?

Uitgebreid netwerk van zenuwcellen om veranderingen te detecteren & erop te reageren + aparte receptoren voor temperatuur, aanrakingen, pijn, jeuk

59
New cards

Door wat wordt onze huidskleur bepaalt?

melanine door melanocyten die melanosomen produceren.

60
New cards

Wat is de productie van melanine?

- natuurlijke bescherming tegen UV-straling & bestaat uit 2 verschillende chemische vormen (ratio bepaalt kleur) : eumelanine & pheomelanine

61
New cards

Wat is het verschil tussen eumelanine?

donker (bruin, zwart) & beschermt goed tegen UV

62
New cards

Wat is het verschil tussen pheomelanine?

licht (blond, rood) & weinig goede bescherming tegen UV

63
New cards

Wat is UV-A?

Het is 95% van de straling die het aardoppervlakte bereikt, altijd aanwezig zelf bij bewolkte dagen, ze treden tot in de epidermis en dermis, vorming van vrije radicalen met als gevolg celbeschadiging;

'Ageing', huidveroudering : herschikking van elastine & collegeenvezels -> minder elastisch & vorming rimpels; huidkanker, zonne-allergie

64
New cards

Wat is UV-B?

hoog energetische partikels, penetreert epidermis, 5% van de UV-straling die het aardoppervlakte bereikt, huidkanker, induceert huidbruining, zonneBrand

65
New cards

Wat is de functie van de melanine-productie?

UV-straling induceert celschade & dus activatie van p53 in de keratinocyten

Productie van Kit ligand en POMC

Wordt omgezet tot ACTH & verschillende MSH-vormen (melanocyte-stimulating hormone) en die activeren vervolgens MCR1, receptor op melanocyten welke pigment aanmaken

66
New cards

Wat zijn de 4 stappen voor een actine-afhankelijke beweging?

- polarisatie

- protrusie van lamellipodia

- vorming van

hechtingssites

- meetrekken van achtereind

67
New cards

Wat is er nodig bij wondheling?

actine en myosine = drijfveer voor herstelling, microtubules = verkeerswegen voor herstelcomponenten & Rho GTPases die veranderingen thv cytoskelet regelen

68
New cards

Wat gebeurt er met de hemidesmosomen bij wondheling?

hemidesmosomen ondergaan integrine switching van permanente verankering naar semi-permanente verankering, ze komen niet los van basale membraan.

69
New cards

Beschrijf de embryonale wondheling

Die verloopt anders/efficiënter waarbij er geen littekens worden gevormd.

70
New cards

Bij wondheling is er nood aan verplaatsing, welke 4 fasen zijn er?

Expansie : onmiddelijk als de cellen weg zijn door wonde

Samensmelting : uitsteeksels worden zichtbaar & componenten voor de actomyosine kabels vindt plaats

Samentrekking : wondopening begint te verkleinen

Sluiting : wondranden fusioneren met elkaar, en de finale cellullaire herschikking vindt plaats

71
New cards

Wat speelt een rol in de vorming van littekenweefsel?

de fibroblasten

72
New cards

Wat is een litteken?

Het is structureel en functioneel verminderde huid

73
New cards

Hoe wordt litteken gevormd?

Door een collageenafzetting in dicht opeengepakte dunnere vezelbundels, parallel met epidermis

74
New cards

Wat is het gevolg van litteken?

- verlies van elasticiteit, treksterkte, extra huidstructuren zoals haarzakjes en talgklieren, verandering in vascularisatie & bezenuwing

- het is wel een snelle bescherming tegen invasies bij wonden

75
New cards

Wat is een synoniem voor ciliën?

trilharen = uitsteeksels van cel die als organel functioneren

76
New cards

Welke 3 types ciliën zijn er?

- Primaire, beweeglijke & niet-klassieke cilia

77
New cards

Wat zijn primaire cilia?

Die zijn niet beweeglijk, komt op alle cellen voor behalve bloedcellen & soms zeer gespecialiseerd

78
New cards

Wat zijn beweeglijke cilia?

vaak in grote # aanwezig op 1 celen, gecoördineerde beweging (golvend)

vb. luchtwegen of eileiders

79
New cards

Wat is het structureel verschil tussen cytoskelet van ciliën?

Niet-beweeglijke : 9+0 zonder radial spokes & beweeglijke : 9+2 met radial spokes

80
New cards

Welke functie hebben ciliën?

- Beweging door motoreiwit dyneïne

- vormt brug tussen naburige microtubule-doubletten

- ATP-activatie van dyneïne zorgt voor wandeling over microtubule

- zonder nexine : glijden over elkaar

- met nexine : zelfe positie met buiging & extracellulaire omgeving wordt waargenomen door cilia als soort antenne : chemosensatie, thermosensatie en mechanosensatie