1/14
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
incidentie
beschrijft het aantal nieuwe gevallen binnen een bepaalde periode (meestal een jaar)
prevalentie
beschrijft het aantal bestaande gevallen op een bepaald moment
anamnese, auto-anamnese, hetero-anamnese en kat-anamnese
anamnese: voorgeschiedenis van een ziekte
auto-anamnese: het verhaal dat de patiënt zelf vertelt over zijn of haar klachten en ziektegeschiedenis
hetero-anamnese: het verhaal dat een derde partij vertelt over de klachten en ziektegeschiedenis van de patiënt
kat-anamnese: ziektegeschiedenis na afloop van een ziekte, bv. tijdens follow-up
causaal vs symptomatisch
causaal: oorzaak wordt behandeld
sumptomatisch: de klachten worden behandeld zonder oorzaak weg te nemen
curatief vs palliatief
curatief: doel is om te genezen
palliatief: doel is om de klachten te verzachten als genezing niet meer mogelijk is
conservatief vs operatief
conservatief: behandeling zonder operatie
operatief: behandeling met operatie
prognose
Geeft voor een ziekte weer wat het verloop en de kans op genezing zal zijn
morbiditeit
kans op ziekworden door een bepaalde ziekte
moratliteit
kans op overlijden aan een bepaalde ziekte
letaliteit
Het percentage mensen dat overlijdt nadat ze een bepaalde ziekte of aandoening hebben opgelopen.
Hoe gevaarlijk of dodelijk de ziekte is als je hem eenmaal hebt
bv. Als 100 mensen ziek worden en 10 daarvan overlijden aan die ziekte, is de letaliteit 10%.
acuut, subacuut of subklinisch en hyperacuut of fulminant
acuut: iets plotseling begint, snel verergert en meestal van korte duur is
subacuut of subklinisch: zit tussen acuut en chronisch, De klachten zijn niet zo plotseling en hevig als acuut, maar duren ook nog niet lang genoeg om chronisch te zijn, amper symptomen
hyperacuut of fulminant: zeer plotseling opkomend en extreem snel verlopend, nog sneller en heviger dan een 'acute' situatie, zeer agressief
chronisch, exacerbatie en remissie
chronisch: wanneer een ziekete of aandoening langdurig is, langzaam ontstaat en niet weggaat
exacerbatie: chronische klachten die plotseling erger worden
remissie: chronische klachten die verbeteren/verminderen
preventie: primair, secundair en tertiair
preventie: primair → volledig voorkomen dat de ziekte optreedt
preventie: secundair → screening (onderzoeken doen): systematisch of opportunistisch
preventie: tertiair → voorkomen dat de gevolgen ernstig worden
pathogenese vs salutogenese
patho: beschrijft de mechanismen die verkeerd gaan in de fysiologie (dus basically legt een ziekte uit)
salu: beschrijft de mechanismen die tot gezondheid leiden
schijndood, permanent vegetatieve toestand
schijndood
permanent vegetatieve toestand: