1/18
Looks like no tags are added yet.
Definitie Neurorevalidatie
Een proces waarbij individuen met een beperking geholpen worden om een zo goed mogelijk functie niveau en gezondheid te verwerven of behouden, in interactie met de omgeving van deze patiënt.
Dit toont ook goed de taak aan van een kinesist binnen de neurorevalidatie
4 uitdagingen van kinesist binnen neurorevalidatie
Neurologische aandoeningen blijven vaak het hele leven bij een patiënt
Kinesitherapeuten zijn experten in bewegingsstoornissen maar bij neurologische problematiek komen ook veel andere problemen kijken (bijvoorbeeld moeite met spreken)
Als therapeut ben je vaak deel van een multi/ interdisciplinaire behandeling
Elke patiënt (zelfs met dezelfde aandoening) is anders
3 kansen van kinesist binnen neurorevalidatie
Gevarieerd werk door veel verschillende ziektebeelden
Je vind neurologische patiënten overal: je kunt dus overal aan de slag
Je kunt samenwerken met andere gezondheidsberoepen

Leg het Shunway- Cook en Woollacott model uit
m: bewegen in het algemeen
Opgedeeld in 3
-I: individu
-T: Taak
-E: environment of omgeving
Individu
3 verdere elementen
1.Cognitie: cognitieve toestand van de patiënt
2.Actie: de actie die uitgevoerd wordt
3.Perceptie: sensorisch gegeven bijvoorbeeld zien
Taak
1.Mobiliteit: ROM die een patiënt moet uitvoeren bij de taak
2.Stabiliteit: Evenwicht nodig voor het uitvoeren van de taak
3.Manipulatie: Bepaalde motoriek/ fijn motoriek die je nodig hebt voor het uitvoeren van de taak
Omgeving
1.Regulerend: Elementen die verwacht gelinkt zijn aan de taak die uitgevoerd moet worden (je bent aan het stappen en ziet een object liggen waar je omheen/ over gaat moeten)
2.Niet – regulerend: Elementen die onverwacht gelinkt worden aan het uitvoeren van een taak ( Als er bijvoorbeeld een fietser uit een straat komt terwijl je over straat aan het stappen bent)
ICF model: definitie en plaats Functies
Fysiologische en mentale eigenschappen
Links midden bij anatomische eigenschappen
ICF model: definitie en plaats: Anatomische eigenschappen
Positie, aanwezigheid, vorm en continuïteit van onderdelen van het menselijk lichaam
Links midden bij functies
ICF model: definitie en plaats: Stoornissen
Afwijkingen in of verlies van functies of anatomische eigenschappen
ICF model: definitie en plaats activiteiten
Onderdelen van iemands handelingen
In het midden
ICF model: definitie en plaats Beperkingen
Moeilijkheden die iemand heeft met het uitvoeren van activiteiten
ICF model: definitie en plaats Participatie
Iemands deelname aan het maatschappelijke leven
Rechtsmidden
ICF model: definitie en plaats Participatieproblemen
Problemen die iemand heeft met het deelnemen aan het maatschappelijke leven
ICF model: definitie en plaats Externe factoren
Iemands fysieke en sociale achtergrond, dit kan belemmerend of ondersteunend zijn
ICF model: definitie en plaats Persoonlijke factoren
Iemands individuele achtergrond, dit kan belemmerend of ondersteunend zijn
4 basiselementen van het FAME model
F: Feedback
A: Therapeutic alliance → Band met de patiënt
M: Bewegingsanalyse en motorisch leren
E: Environment/ omgeving van de patiënt
Wat is belangrijk bij F, Feedback van het FAME model
Leren vereist feedback
Geef positieve en constructieve feedback
Geef feedback en instructies aan alle mensen rond de patiënt en niet enkel de patiënt.
3 vormen van connectie van A: therapeutic alliance in het FAME model
Persoonlijke connectie (met de patiënt)
Professionele samenwerking
Familiale samenwerking
Aan welke kenmerken moet de E: environment van de patiënt voldoen.
Leerrijke
Stimulerende
Veilige
En aangepaste omgeving
GAS kenmerken (4)
Goal attainment scaling
Geindividualiseerde evaluatieùethode
Ordinale 5 punten schaal
Helpt concrete haalbare doelen opstellen
Vooral gebruikt bij activiteiten en participatie niveau (ICF) maar kan bij allemaal
Doel voor kort en lange termijn opstellen
Wordt gebruikt in wetenschapelijk onderzoek
Evalueer het doel zwz op het einde maar liefst ook tussenin

SMART behandeldoel model
Specifiek: Gericht op een specifieke beweging/ activiteit.
Meetbaar:
Acceptabel:
Realistisch: P en T zijn het eens dat het doel haalbaar is.
Tijdsgebonden: Wanneer moet het doel bereikt zijn?