Begrippenlijst Natuurkunde: Trillingen, Gravitatie, Kracht, Beweging en Energie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/43

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Een complete collectie oefenflashcards in begripsvorm, gebaseerd op de samenvattingen van Trillingen, Gravitatie, Kracht, Beweging en Energie.

44 Terms

1
New cards

Trilling

Een beweging die zich herhaalt rond een evenwichtsstand.

2
New cards

Amplitude (AA)

De maximale uitwijking van een trilling ten opzichte van de evenwichtsstand.

3
New cards

Harmonische trilling

Een trilling waarbij de uitwijking sinusvormig verandert in de tijd.

4
New cards

Resonantie

Een sterke toename van de amplitude die ontstaat wanneer de aandrijffrequentie van buitenaf gelijk is aan de eigenfrequentie van het trillende systeem.

5
New cards

Transversale golf

Een golf waarbij de deeltjes loodrecht op de golfrichting trillen.

6
New cards

Longitudinale golf

Een golf waarbij de deeltjes evenwijdig aan de golfrichting trillen.

7
New cards

Golflengte (λ\lambda)

De afstand tussen twee opeenvolgende punten in een golf die in dezelfde fase trillen.

8
New cards

Superpositie

Het optellen van de uitwijkingen van afzonderlijke golven die elkaar in een medium ontmoeten.

9
New cards

Destructieve interferentie

Het verschijnsel waarbij golven elkaar verzwakken of uitdoven doordat ze in tegenfase samenkomen.

10
New cards

Staande golf

Een golfpatroon met vaste knopen en buiken dat op zijn plaats blijft door interferentie van twee tegengesteld lopende golven.

11
New cards

Vrije val

Een beweging waarbij uitsluitend de zwaartekracht op een voorwerp werkt en de luchtweerstand wordt verwaarloosd.

12
New cards

Gewicht (FgewF_{\text{gew}})

De kracht die een voorwerp uitoefent op zijn ondersteuning of ophangpunt, uitgedrukt in newton.

13
New cards

Gewichtloosheid

De toestand waarin een voorwerp geen enkele ondersteunende kracht of spankracht uitoefent op zijn ondersteuning of ophangpunt.

14
New cards

Middelpuntzoekende kracht (FmpzF_{\text{mpz}})

De naar het centrum van de cirkelbaan gerichte resulterende kracht die nodig is om een cirkelbeweging in stand te houden.

15
New cards

Geostationaire satelliet

Een satelliet die zich boven de evenaar bevindt en precies dezelfde omlooptijd heeft als de aardrotatie, waardoor hij vanaf het oppervlak stil lijkt te hangen.

16
New cards

Astronomische eenheid (AE)

De gemiddelde afstand tussen de aarde en de zon, gelijk aan ongeveer 1,496×1011 m1{,}496 \times 10^{11}\,\text{m}.

17
New cards

Gravitatiekracht (FgF_g)

De universele aantrekkingskracht tussen twee massa's, beschreven door de formule Fg=G⋅M⋅mr2F_g = \frac{G \cdot M \cdot m}{r^2}.

18
New cards

Gravitatieconstante (GG)

Een universele constante met de waarde 6,67430×10−11 N⋅m2/kg26{,}67430 \times 10^{-11}\,\text{N}\cdot\text{m}^2/\text{kg}^2.

19
New cards

Normaalkracht (FNF_N)

De contactkracht die een oppervlak op een voorwerp uitoefent, altijd loodrecht op het contactoppervlak gericht.

20
New cards

Krachtenevenwicht

De situatie waarin de vectorsom van alle krachten op een voorwerp nul is (Fres=0F_{\text{res}} = 0), waardoor de snelheid constant blijft.

21
New cards

Eerste wet van Newton

De wet die stelt dat wanneer de resulterende kracht nul is (Fres=0F_{\text{res}} = 0), een voorwerp in rust blijft of met constante snelheid in een rechte lijn beweegt.

22
New cards

Tweede wet van Newton

De wet die stelt dat een resulterende kracht op een massa een versnelling veroorzaakt: Fres=m⋅aF_{\text{res}} = m \cdot a.

23
New cards

Derde wet van Newton

De wet die stelt dat als voorwerp A een kracht uitoefent op voorwerp B, B gelijktijdig een even grote maar tegengesteld gerichte kracht uitoefent op A (FA→B=−FB→AF_{A \rightarrow B} = -F_{B \rightarrow A}).

24
New cards

Traagheid

De weerstand van een voorwerp tegen een verandering van zijn snelheid; hoe groter de massa, des te meer kracht nodig is voor dezelfde versnelling.

25
New cards

Veerconstante (CC)

Een maat voor de stijfheid of stugheid van een veer in N/m\text{N/m}, die aangeeft hoeveel kracht nodig is per meter uitwijking.

26
New cards

Dichtheid (ρ\rho)

De massa per volume-eenheid van een stof, berekend met ρ=mV\rho = \frac{m}{V} in kg/m3\text{kg/m}^3.

27
New cards

Significante cijfers

De cijfers in een meetwaarde die de nauwkeurigheid aangeven; alle cijfers vanaf het eerste cijfer ongelijk aan nul tellen mee, inclusief eindnullen na de komma.

28
New cards

Verplaatsing (Δx\Delta x)

De verandering van positie van een voorwerp (Δx=xe−xb\Delta x = x_e - x_b), die zowel positief, negatief als nul kan zijn.

29
New cards

Gemiddelde versnelling (agema_{\text{gem}})

De verandering van de snelheid per tijdsinterval: agem=ΔvΔta_{\text{gem}} = \frac{\Delta v}{\Delta t}, uitgedrukt in m/s2\text{m/s}^2.

30
New cards

Oppervlaktemethode in een (v,t)(v,t)-diagram

Het bepalen van de verplaatsing of afgelegde afstand uit het getekende oppervlak tussen de snelheidsgrafiek en de tijdas.

31
New cards

Raaklijnmethode

Het bepalen van de momentane snelheid of versnelling door de helling van een raaklijn aan de kromme in een diagram te berekenen.

32
New cards

Stopafstand

De totale afstand die nodig is om tot stilstand te komen, bestaande uit de som van de reactieafstand en de remweg.

33
New cards

Kinetische energie (EkinE_{\text{kin}})

De energie die een voorwerp bezit als gevolg van zijn beweging: Ekin=12mv2E_{\text{kin}} = \frac{1}{2}m v^2.

34
New cards

Wet van behoud van energie

Het principe dat de totale energie van een afgesloten systeem behouden blijft: Etot,b=Etot,eE_{\text{tot},b} = E_{\text{tot},e}.

35
New cards

Arbeid (WW)

De overdracht van energie door een uitgeoefende kracht over een afstand, bij constante kracht in de bewegingsrichting gegeven door W=F⋅sW = F \cdot s.

36
New cards

Arbeid-energietheorema

De regel die stelt dat de netto verrichte arbeid door alle krachten gelijk is aan de verandering van de kinetische energie: ΣW=ΔEkin\Sigma W = \Delta E_{\text{kin}}.

37
New cards

Rendement (η\eta)

De fractie van de toegevoerde energie die nuttig wordt gebruikt: η=EnuttigEtoegevoegd\eta = \frac{E_{\text{nuttig}}}{E_{\text{toegevoegd}}}.

38
New cards

Stookwaarde per massa (rmr_m)

De hoeveelheid chemische energie die vrijkomt per kilogram verbrande brandstof, uitgedrukt in J/kg\text{J/kg}.

39
New cards

Vermogen (PP)

De omgezette energie of verrichte arbeid per tijdseenheid: P=ΔEΔtP = \frac{\Delta E}{\Delta t} of P=WΔtP = \frac{W}{\Delta t}, gemeten in watt (W\text{W}).

40
New cards

Mechanisch vermogen

Het geleverde vermogen van een kracht op een bewegend voorwerp langs de bewegingsrichting: P=F⋅vP = F \cdot v.

41
New cards

Gravitatie-energie (EgE_g)

De potentiële energie van twee massa's ten gevolge van hun onderlinge gravitatiekracht met het nulniveau op oneindig: Eg=−G⋅M⋅mrE_g = -\frac{G \cdot M \cdot m}{r}.

42
New cards

Ontsnappingssnelheid (vontsnappingv_{\text{ontsnapping}})

De minimale beginsnelheid die een voorwerp nodig heeft om zonder verdere aandrijving volledig uit een gravitatieveld te ontsnappen: vontsnapping=2GMrbv_{\text{ontsnapping}} = \sqrt{\frac{2GM}{r_b}}.

43
New cards

Zonnecel

Een cel van halfgeleidermateriaal die invallend licht rechtstreeks omzet in elektrische energie.

44
New cards

Zonnecollector

Een apparaat dat zonnestraling absorbeert en rechtstreeks omzet in warmte, bijvoorbeeld voor het verwarmen van water.