1/238
Looks like no tags are added yet.
aanwendingsrichting
manier waarop een middel gebruikt kan worden
alternatief wendbaar
feit dat een middel op verschillende manieren gebruikt kan worden
baten
opbrengst van het gebruik van een middel
behoefte
wens die iemand vervuld wil zien
budget
hoeveelheid middelen waarover iemand beschikt
budgetlijn
lijn van alle mogelijke productcombinaties die maximaal kunnen worden gekocht met het gegeven budget
kosten
geldwaarde van het gebruik of verbruik van productiefactoren
middel
product en/of dienst die in een behoefte kan voorzien
nettobaten
baten min(us) kosten
opofferingskosten
nettobaten van de best denkbare alternatieve aanwending
productcombinatie
mandje van goederen en/of diensten waar het budget aan besteed wordt
schaarste
spanningsveld tussen onbegrensde behoeften en beperkt aanwezige middelen
vergelijking van de budgetlijn
wiskundige formule van de budgetlijn 𝑩=𝒑𝟏𝒒𝟏+𝒑𝟐𝒒𝟐
voorkeur
gewenste aanwendingsrichting van een middel
aanbieder
partij die een middel aanbiedt bij een ruil
absoluut productievoordeel
voordeel in de productie waarbij een product tegen lagere kosten voortgebracht kan worden
arbeid
productiefactor die het menselijk handelen tijdens het productieproces omvat
arbeidsdeling
opdeling van een productieproces in afzonderlijke deeltaken
arbeidsproductiviteit
productie per arbeidskracht per tijdseenheid
autarkie
situatie waarin er niet wordt geruild
auteursrecht
wettelijk en exclusief recht van een auteur om zijn werken publiek te maken en te vermenigvuldigen
comparatief productievoordeel
voordeel in de productie waarbij een product tegen relatief lagere kosten voortgebracht kan worden
consument
iemand die goederen en/of diensten koopt om daarmee in zijn behoeften te voorzien
consumptie
kopen van goederen en/of diensten om behoeften te bevredigen
contract
wettelijk document met daarin de voorwaarden van een ruil
eigendomsrecht
wettig recht van eigendom
institutie
organisatie die de transactiekosten van een ruil verlaagt
intellectueel eigendomsrecht
eigendom van een voortbrengsel van de menselijke geest
manager
persoon die een productieproces organiseert
octrooi/patent
wettelijke recht van intellectueel eigendom
organisatievorm
de manier waarop alle activiteiten van een institutie onderling georganiseerd zijn
producent
persoon of organisatie die producten en/of diensten voortbrengt
productie
transformatie van inputs naar goederen en/of diensten
productievoordeel
vermogen om dezelfde productie tegen lagere kosten te leveren
ruilen
uitwisseling van middelen
ruilverhouding
de waarde van een middel uitgedrukt in eenheden van ander middel
scholing
opdoen van nieuwe kennis en vaardigheden
specialisatie
toelegging op een afgebakend onderdeel van de productie
transactiekosten
kosten om tot een ruil te komen
vrager
partij die een middel vraagt bij een ruil
wederzijds voordeel
voordeel dat tot stand komt bij een ruil
algemeen prijspeil
gemiddelde prijs van een representatieve groep goederen en diensten
betaalmiddel
algemeen aanvaard ruilmiddel
centrale bank
bank belast met de ontwikkeling en uitvoering van monetair beleid en met het toezicht op het bank- en verzekeringswezen
chartaal geld
munten en bankbiljetten
De Nederlandse Bank
centrale bank van Nederland
denominatie
waarde die op chartaal geld vermeld staat
directe ruil
ruil van middelen zonder tussenkomst van geld
Europese Centrale Bank
centrale bank van de eurolanden
externe waarde van geld
waarde van een munt uitgedrukt in een andere munt
extrinsieke waarde van geld
waarde die op chartaal geld vermeld staat
fiduciair geld
geld dat zijn waarde uitsluitend ontleent aan het vertrouwen dat mensen erin hebben
geld
middel dat geruild kan worden tegen alle andere middelen
geldontwaarding
stijging van de gemiddelde prijs door de tijd heen
geldschepping
nieuw geld in omloop brengen
geldwissel
document waarop staat hoeveel geld de houder aan de bank in beheer heeft gegeven
giraal geld
direct opvraagbare tegoeden op bankrekeningen
indirecte ruil
ruil van middelen met tussenkomst van geld
inflatie
stijging van de gemiddelde prijs door de tijd heen
interne waarde van geld
koopkracht van het geld
intrinsieke waarde van geld
waarde van het materiaal waarvan het geld gemaakt is
koopkracht van geld
de hoeveelheid middelen die voor het geld gekocht kunnen worden
maatschappelijke geldhoeveelheid
totale hoeveelheid chartaal en giraal geld dat in omloop is
monetair beleid
bepaling van de maatschappelijke geldhoeveelheid, het wisselkoersregime en de rentestand
nominale waarde van geld
waarde die op chartaal geld vermeld staat
oppotmiddel
functie van geld waardoor de aanwending van middelen uitgesteld kan worden
prijs
ruilverhouding van middelen tot het middel geld
reële waarde van geld
koopkracht van het geld
rekenmiddel
functie van geld waardoor de waarde van verschillende middelen met elkaar vergeleken kan worden
ruilmiddel
functie van geld waardoor goederen en diensten geruild kunnen worden
valuta
muntsoort
valutamarkt
markt waarop valuta verhandeld worden
vaste wisselkoers
onveranderlijke ruilverhouding tussen twee valuta's
waardemeter
waarde van middelen uitgedrukt in geld
wet van Gresham
ervaringsgegeven dat zegt dat geld met een relatief hoge intrinsieke waarde uit de omloop gaat
wisselkoers
ruilverhouding tussen twee valuta
zwevende wisselkoers
variabele ruilverhouding tussen twee valuta's
Afzetgebied
gebied waar de producent zijn producten verkoopt
Betalingsbereidheid
maximale prijs die een consument bereid is te betalen voor de volgende producteenheid
Ceteris paribus
het overige gelijkblijvend
Collectief consumentensurplus
het totale voordeel voor alle consumenten in een markt, berekend als de som van de verschillen tussen de maximale betalingsbereidheid van individuen en de werkelijke marktprijs. Het vertegenwoordigt de totale "besparing" van de groep consumenten die bereid waren meer te betalen dan de evenwichtsprijs
Collectieve vraag
aantal eenheden dat een groep consumenten wil kopen bij een bepaalde prijs
Collectieve vraaglijn
grafische weergave van het verband tussen de prijs van een product en de totale gevraagde hoeveelheid door alle consumenten samen. Het is de optelsom van alle individuele vraaglijnen, waarbij de lijn meestal daalt omdat een lagere prijs leidt tot een hogere gevraagde hoeveelheid.
Complementair product
product dat samen met een ander product voorziet in de bevrediging van een behoefte
Consumentensurplus
optelsom van het individuele consumentensurplus van alle consumenten die het product kopen
Continue vraag
vraag waarbij de gevraagde hoeveelheid een reëel getal is
Discrete vraag
vraag waarbij de gevraagde hoeveelheid een geheel getal is
Elastische vraag
procentuele daling van de gevraagde hoeveelheid is groter dan de procentuele stijging van de prijs
Engelkromme
lijn die het verband aangeeft tussen het inkomen en de gevraagde hoeveelheid van een bepaald product
Exogene factor
omstandigheid waar betrokkenen geen invloed op hebben
Gevraagde hoeveelheid
hoeveelheid die gevraagd wordt bij een bepaalde prijs
Giffengoed
product met een positieve waarde voor de prijselasticiteit
Individueel consumentensurplus
verschil tussen de prijs en de betalingsbereidheid voor alle eenheden die een consument van een product koopt
Prijselasticiteit
procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid als gevolg van een procentuele verandering van de prijs
Individuele vraag
aantal eenheden dat een consument wil kopen bij een bepaalde prijs
Substitueerbaar product
product dat in de ogen van de consument kan voorzien in de bevrediging van dezelfde behoefte
Individuele vraaglijn
lijn die de individuele vraag weergeeft
Vraaglijn
lijn die het verband tussen de gevraagde hoeveelheid en de prijs aangeeft
Inelastische vraag
procentuele daling van de gevraagde hoeveelheid is kleiner dan de procentuele stijging van de prijs
Werkgelegenheid
het totaal aan arbeid dat verricht wordt