Week 4 ontwikkelings

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/97

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 11:48 AM on 10/15/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

98 Terms

1
New cards

Normaal vs abnormaal verstorend gedrag

Afweging op frequentie, intensiteit, duur, escalatie en mate van vernieling

2
New cards

Periodieke explosieve stoornis (intermittent explosive disorder)

Frequente agressieve uitbarstingen, verbaal of fysiek, zonder herkenbaar doel; niet onder zes jaar

3
New cards

Antisociale persoonlijkheidsstoornis

Vanaf achttien jaar; vereist gedragsstoornis rond vijftien jaar

4
New cards

Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis (ODD)

Boos/prikkelbaar, ongehoorzaam/twistziek, wraakzuchtig; minstens vier symptomen, zes maanden

5
New cards

ODD onder vijf jaar

Symptomen op de meeste dagen

6
New cards

ODD vanaf vijf jaar

Symptomen minstens één keer per week

7
New cards

ODD ernst

Mild, gemiddeld of ernstig, naar aantal situaties

8
New cards

ODD uitkomsten

Gedragssymptomen → later externaliserend; emotionele symptomen → later internaliserend

9
New cards

Verloop ODD

Begint rond zes jaar; relatief stabiel, neemt af met leeftijd; onbehandeld kan het CD worden

10
New cards

Normoverschrijdende gedragsstoornis (CD)

Herhaald schenden van rechten anderen en normen; drie criteria in twaalf maanden, één in zes

11
New cards

Vier categorieën CD

Agressie naar mens/dier; vernieling eigendom; bedrog/diefstal; ernstige regelovertreding

12
New cards

Verloop CD

Begint rond negen jaar; neemt toe met leeftijd, vooral in tienerjaren

13
New cards

Childhood onset

CD voor tien jaar; stabieler en ernstiger, meer geweld; meer risicofactoren in temperament en gezin

14
New cards

Adolescent onset

CD tussen 10 en 17 jaar; vaak adolescent-limited, groeit eroverheen

15
New cards

Unspecified onset

CD waarvan het begin niet vast te stellen is

16
New cards

Agressief gedrag syndroom

Empirisch, binnen externaliseren; vechten, ruzie, pesten; erfelijker; neemt af na tien jaar

17
New cards

Regelovertredend gedrag syndroom

Empirisch, binnen externaliseren; liegen, stelen, spijbelen; neemt toe na tien jaar

18
New cards

Overt gedrag

Openlijk agressief en antisociaal; valt meer op

19
New cards

Covert gedrag

Antisociaal maar verborgen

20
New cards

Relationele agressie

Andermans relaties schaden: buitensluiten, roddelen; vooral meisjes, daardoor onderschat

21
New cards

Gender en gedragsstoornissen

Jongens vaker gediagnosticeerd; criteria beschrijven mannelijke agressie; meisjes uiten agressie relationeel

22
New cards

Pesten

Opzettelijk misbruik van machtsverschil om angst, stress of pijn te veroorzaken

23
New cards

Ontwikkeling pesten

Begint vroeg op basisschool; neemt af met leeftijd, online niet; jongens fysiek, meisjes relationeel

24
New cards

Risico op pesten

Agressieve kinderen worden dader; onzekere, teruggetrokken kinderen slachtoffer; populaire vriend beschermt

25
New cards

Comorbiditeit gedragsstoornissen

ODD plus CD; sterke link ADHD; drugs, slechte schoolprestaties, taal, depressie

26
New cards

Executieve functies

Plannen, organiseren, inhibitie, doelgericht werken; belemmerd bij gedragsstoornissen en ADHD

27
New cards

Callous-unemotional traits

Gebrek aan empathie en schuldgevoel; met CD slechtere prognose en meer antisociaal gedrag

28
New cards

Psychopathie

Niet geven om andermans emoties, manipuleren; CU-traits, impulsief, grandioos-manipulatief

29
New cards

Driepadenmodel (Loeber)

Drie paden van probleemgedrag naar delinquentie bij jongens; hoe later ingrijpen, hoe slechter

30
New cards

Overt pad (Loeber)

Lichte agressie (pesten) → vechten → geweld

31
New cards

Covert pad (Loeber)

Verborgen gedrag (liegen, winkeldiefstal) → vernieling → ernstige delinquentie

32
New cards

Autoriteitsconflictpad (Loeber)

Voor twaalf jaar; koppig, ongehoorzaam → autoriteit vermijden (spijbelen, weglopen)

33
New cards

Aanleren van agressie

Genetische component, plus modeling en reactie van de omgeving

34
New cards

Gezinsrisico's gedragsproblemen

Criminaliteit in familie, lage SES, groot gezin, instabiliteit, toegeven aan ongehoorzaamheid

35
New cards

Oregon model (Patterson)

Oudertraining bij agressief en antisociaal gedrag; discipline en toezicht verbeteren

36
New cards

Dwangtheorie (coercion theory, Patterson)

Kind dwingt gezin met vervelend gedrag; door zwakke managementvaardigheden ouders

37
New cards

Negative reinforcement trap

Ouder geeft toe om ervan af te zijn; kind leert dat vervelend gedrag werkt

38
New cards

Ouderlijke discipline

Bij gedragsproblemen: streng labelen, snel vitten, bevelen niet onderbouwd, goed gedrag niet belonen

39
New cards

Ouderlijke controle (parental monitoring)

Weten waar kind is en wat het doet; ontbreekt vaak bij gedragsproblemen

40
New cards

Overige ouderfactoren

Eigen slechte opvoeding, stress, psychopathologie ouder, huwelijksproblemen, verwaarlozing of mishandeling

41
New cards

Leeftijdsgenoten en gedragsproblemen

Foute vrienden, afwijzing verergert; moeite met perspectief nemen

42
New cards

Sociale informatieverwerking (Dodge)

Drie fasen; verstoord bij gedragsstoornissen: misattributies, verwachten positieve uitkomst van agressie

43
New cards

Coderen (Dodge)

Fase 1: aandacht schenken aan de situatie

44
New cards

Interpreteren (Dodge)

Fase 2: sociale aanwijzingen duiden

45
New cards

Reactie bepalen (Dodge)

Fase 3: kiezen hoe te reageren

46
New cards

Reactieve agressie

Reactie op provocatie, bedreiging of frustratie; sociale cues te snel als vijandig gezien

47
New cards

Proactieve agressie

Opzettelijk, zonder boosheid; verwacht gewenste uitkomst van agressie

48
New cards

Biologie gedragsproblemen

Erfelijkheid beperkt, groter bij kinderen dan adolescenten; werkt indirect via omgeving

49
New cards

Gedragsinhiberend systeem (BIS, Gray)

Remt actie; angst en anxiety; te zwak bij gedragsproblemen

50
New cards

Gedragsactiverend systeem (BAS, Gray)

Benadering en plezierige emoties; te sterk bij gedragsproblemen

51
New cards

Fight-or-flight systeem

Lagere activatiedrempel bij kinderen met gedragsproblemen

52
New cards

Illicit drugs

Illegale drugs

53
New cards

Licit drugs

Drugs die volwassenen op recept kunnen krijgen

54
New cards

Substance use disorder

Verslaving; ontwenningsverschijnselen en tolerantie

55
New cards

Substance-induced disorder

Door middelen veroorzaakte stoornis, bijv. stemmings- of angststoornis

56
New cards

Risico en bescherming drugsgebruik

Temperament, regulatie, coping, vrienden; stabiel gezin met duidelijke regels beschermt het best

57
New cards

Assessment gedragsproblemen

Klinisch en gestructureerd interview, beoordelingslijsten; self-report weinig betrouwbaar; observatie nuttig

58
New cards

Behandeling gedragsproblemen

Oudertraining plus cognitieve aanpak kind; best bij jonge kinderen; adolescenten: gemeenschapsprogramma's

59
New cards

Preventie gedragsproblemen

Jonge kinderen en ouders, school betrekken; adolescenten: secundaire preventie

60
New cards

ADHD

Neurologische ontwikkelingsstoornis; aandachtsproblemen, hyperactiviteit, impulsiviteit; levenslange gevolgen

61
New cards

ADHD-I (onoplettend)

Vooral aandachtsproblemen; meest in populatiesamples

62
New cards

ADHD-HI (hyperactief-impulsief)

Vooral hyperactiviteit en impulsiviteit

63
New cards

ADHD-C (gecombineerd)

Beide symptoomgroepen; meest in klinische samples

64
New cards

DSM-criteria ADHD

Zes symptomen (volwassenen vijf), zes maanden; voor twaalf jaar; minstens twee situaties

65
New cards

Verminderde aandacht

Niet luisteren, afgeleid, gedesorganiseerd, dagdromen; soms hyperfocus, dus selectieve aandacht

66
New cards

Hyperactiviteit

Vooral in gestructureerde situaties; eind van de dag juist actiever

67
New cards

Impulsiviteit

Gedrag niet inhiberen; niet nadenken, ongeduldig, anderen onderbreken

68
New cards

Primaire kenmerken ADHD

Aandachtsproblemen, hyperactiviteit en impulsiviteit

69
New cards

Secundaire kenmerken ADHD

Motoriek, executieve functies, sociaal, IQ en leerproblemen, adaptief gedrag; lager IQ kritisch bekijken

70
New cards

Positieve zelfbias

Eigen capaciteiten overschatten; niet zien wat eigen gedrag met anderen doet

71
New cards

Gezondheid bij ADHD

Slaapproblemen en meer ongelukken

72
New cards

Positieve kenmerken ADHD

Creatief, divergent denken, hyperfocus, energie, emotioneel en sociaal gevoelig

73
New cards

Neurodiversiteit

Verschillen in cognitieve stijlen; stoornis pas bij beperking in dagelijks leven

74
New cards

Comorbiditeit ADHD

Leerstoornissen (lezen), ODD, CD, depressie, angst; overlap met bipolaire stoornis betwist

75
New cards

Verwijzingsbias

Symptoombeschrijving past bij jongens; meisjes vaker onoplettend en gemist

76
New cards

Epidemiologie ADHD

Vaker jongens, lage SES en witte jeugd (eerder verwezen); minderheden later gediagnosticeerd

77
New cards

Verloop ADHD

Diagnose meestal 6 tot 12 jaar; hyperactiviteit neemt af, ADHD blijft vaak (heterotypisch)

78
New cards

ADHD bij volwassenen

Soms pas later gediagnosticeerd; symptomen bleken levenslang aanwezig

79
New cards

Gedragsinhibitie bij ADHD (Barkley)

Kerntekort; belemmert werkgeheugen, innerlijke spraak, zelfregulatie, motivatie, reconstitutie

80
New cards

Gevoeligheid voor beloning

Overmatig beloningszoekend, minder gevoelig voor straf; voorkeur voor directe beloning

81
New cards

Temporal processing

Beperkte tijdsverwerking; verklaart problemen met plannen en geduld

82
New cards

Vertragingsaversiviteit

Alles doen om wachten te vermijden en direct beloning te krijgen

83
New cards

Hersenen bij ADHD

Kleinere gebieden, vooral frontaal, ook striataal en cerebellum; minder bloedtoevoer en glucosegebruik

84
New cards

Neurotransmitters bij ADHD

Tekort aan dopamine en noradrenaline

85
New cards

Rijpingsvertraging ADHD

Speelt een rol, maar verklaart ADHD niet alleen, want ADHD verdwijnt niet vanzelf

86
New cards

Erfelijkheid ADHD

Sterke genetische component; polygeen

87
New cards

Pre- en perinatale factoren ADHD

Roken en alcohol in zwangerschap; vroeggeboorte, laag geboortegewicht, geboorteletsel

88
New cards

Lood en suiker bij ADHD

Lood als oorzaak nog ondersteund; suiker/dieet ontkracht

89
New cards

Psychosociale factoren ADHD

Gezinsinstabiliteit, SES, stress, reactie leerkracht; bepalen ernst, duur en aard

90
New cards

Ontwikkelingsmodel ADHD

Risicogenen plus pre- en perinatale factoren → hersen- en neuropsychologische beperkingen → ADHD

91
New cards

Secundaire factoren (ontwikkelingsmodel ADHD)

Postnataal; beïnvloeden direct de hersenen, bijv. lood

92
New cards

Tertiaire factoren (ontwikkelingsmodel ADHD)

Postnataal; niet direct op hersenen; vergroten ernst ADHD en worden er zelf door versterkt

93
New cards

Assessment ADHD

Breed, meerdere contexten, ontwikkelingsniveau; interviews, beoordelingsschalen, observatie, IQ; comorbiditeit nagaan

94
New cards

Stimulerende middelen

ADHD-medicatie; herstellen biochemische balans; effectief, maar discussie over bijwerkingen

95
New cards

Gedragsbehandeling ADHD

Meest effectief; oudertraining en classroom management

96
New cards

Classroom management

Stabiele, duidelijke omgeving in de klas

97
New cards

Multimodale behandeling

Gedragstherapie plus medicatie; meest effectief

98
New cards

Preventie ADHD

Primair lastig door genen; secundair: vroeg behandelen, oudertraining, bijles, sociale hulp