Er zijn 7 zeer belangrijke bouwstenen om muziek te analyseren, welke? Geef ook telkens een korte omschrijving en twee voorbeelden.
Verklaar volgende begrippen uit de popmuziek?
1: Straight: Strak uitgevoerd zoals op de partituur
2: Bpm: Beats per minute of slagen per minuut, het tempo
3: Dynamiek: De mate waarin iets hard of zacht klinkt, de verschillende geluidsterktes
Geef de 7 grote tijden uit de klassieke muziek. Geef tevens één componist bij iedere periode. Plaats tenslotte de juiste datum bij iedere periode.
-Middeleeuwen → 500-1400 (Hildegard Von Bingen-)
-Renaissance → 1400-1600 (Palestrina )
-Barok → 1600-1750 (Bach, Vivaldi)
-Classicisme → 1730-1810 (Mozart, Beethoven)
-Romantiek → 1800-1900 (Beethoven, Strauss)
-Impressionisme → 1870-1920 (Debussy, Satie)
-Expressionisme → 20e-21e eeuw (John Cage)
Geef vijf grote kenmerken van gregoriaanse gezangen.
-Melodie: aaneengesloten beweging
-Ritme: sterk afwezig
-Dynamiek: gelijkmatig
-klankkleur: mannenstemmen
-Samenklank: eenstemmig
Wat is een opera?
Een gedramatiseerde nummercompositie voor koor, orkest en solisten gebaseerd op een libretto (tekstboek)
Wat is een concerto?
Een instrumentale compositie. Het bevat drie delen snel-traag-snel. Er is altijd een dialoog tussen de solist en het orkest.
Wat is een oratorium?
Een uitgebreide nummercompositie voor koor, solisten en orkest vaak gebaseerd op bijbelteksten. Er wordt niet geacteerd.