2. BEVRUCHTING
PROCES
INLEIDING
start: bevruchting begint wanneer een spermatozoïde contact maakt met een secundaire oöcyt in de ampulla van de tuba uterina = eileider
capacitatie: spermatozoïden ondergaan eerst een rijpingsproces i/d vrouwelijke geslachtsorganen (duurt ± 6 uur), waardoor ze bevruchtingsbekwaam worden

STAPPEN

stap 1: spermatozoïde dringt door corona radiata;
mechanisch = via beweging
enzymatisch = door enzymen (vb. hyaluronidase)
stap 2: binding aan ZP3-glycoproteïnen in de zona pellucida → acrosoomreactie
acrosoomreactie;
acrosoom (enzymbevattend blaasje op de kop v/d spermatozoïde) barst open → enzymen komen vrij + breken een weg door de zona pellucida
stap 3: na binnendringen versmelten de membranen van spermatozoïde en eicel → corticale reactie voorkomt polyspermie (= meerdere zaadcellen die één eicel binnendringen)
corticale reactie;
corticale granulen binnen de eicel scheiden enzymen uit
chemische verandering ZP-glycoproteïnen (o.a. ZP3)
→ reeds gebonden spermatozoïden komen los
→ bindingsplaatsen voor andere spermatozoïden worden vernietigd

stap 4: eicelactivatiemechanisme; eicelfactor = IP3, zaadcelfactor = PLC
eicel voltooit de meiose II startend vanaf metafase, en vormt;
tweede poollichaampje
vrouwelijke pronucleus
stap 5: mannelijke pronucleus (kernmateriaal + centriool) treedt binnen
stap 6: beide pronuclei repliceren hun DNA (n,2C) → versmelten → vormen een diploïde zygote (2n,4C)
KLIEVING
zygote deelt vrijwel onmiddellijk (2n,4C) → start van klievingsdelingen (2n,2C)
= eerste embryonale ontwikkeling
OPMERKINGEN
slechts enkele honderden van de ±200 miljoen spermatozoïden bereiken de eicel
mitochondriaal DNA (mtDNA) is enkel afkomstig van de eicel → maternal inheritance
zygote;
geen aparte kernen meer zichtbaar
chromosomen zijn verenigd tot één nieuw genoom