Theorie Wiskunde Ingangsexamen (Tand)arts

Algebra

Getallen en Rekenregels

  • Natuurlijke getallen \mathbb{N}: 0, 1, 2, 3, …
  • Gehele getallen \mathbb{Z}: …, -1, 0, 1, 2, …
  • Rationale getallen \mathbb{Q}: -0.5, -1, 0, 0.333… (kommagetal verkregen door breuk, eindig aantal decimalen of repeterende decimalen)
  • Reële getallen \mathbb{R}: \pi, \sqrt{2} (\sqrt{2} = irrationeel = oneindig niet-repeterende decimalen)
  • Relatie: \mathbb{N} \subset \mathbb{Z} \subset \mathbb{Q} \subset \mathbb{R}

Bewerkingen

  • Priemgetal: Een geheel getal groter dan 1 en enkel deelbaar door 1 en zichzelf.
  • Ieder getal kan op unieke wijze geschreven worden als een product van priemgetallen (beginnen met delen door kleinste priemgetal).
  • Grootste Gemene Deler (GGD):
    1. Beide getallen ontbinden in priemfactoren.
    2. De gemeenschappelijke factoren vermenigvuldigen (bv. beide getallen bevatten 2 * 7 -> 14 is de GGD).
  • Kleinste Gemene Veelvoud (KGV): Kleinste getal dat deelbaar is door beide getallen.
    • Formule: kgv(a, b) = \frac{a \cdot b}{GGD(a, b)}

Machten

  • x^{\frac{a}{y}} = \sqrt[y]{x^a}

  • a^{x+y} = a^y \cdot a^x

  • (a^x)^y = a^{xy}

  • (ab)^x = a^x b^x

  • Kwadraten:

    • 11^2 = 121
    • 12^2 = 144
    • 13^2 = 169
    • 14^2 = 196
    • 15^2 = 225
    • 16^2 = 256
    • 17^2 = 289
    • 18^2 = 324
    • 19^2 = 361

Merkwaardige Producten

  • (a + b)(a - b) = a^2 - b^2
  • (a \pm b)^2 = a^2 \pm 2ab + b^2
  • (a \pm b)^3 = a^3 \pm 3a^2b + 3ab^2 \pm b^3

Deelbaarheid

  • 5: Het laatste cijfer van het getal is deelbaar door 5.
  • 4: De laatste 2 cijfers zijn deelbaar door 4.
  • 25: De laatste 2 cijfers zijn deelbaar door 25.
  • 8: De laatste 3 cijfers zijn deelbaar door 8.
  • 3: De som van de cijfers van het getal is deelbaar door 3.
  • 9: De som van de cijfers van het getal is deelbaar door 9.

Evenredigheid

  • Recht Evenredig (RE): y is RE met x als \frac{y}{x} = constant of y = c \cdot x, rechte lijn door (0,0).
  • Omgekeerd Evenredig (OE): y is OE met x als x \cdot y = constant of y = \frac{c}{x}, hyperbool met x- en y-as als asymptoten.

Veeltermen

  • Graad: Coëfficiënt van de hoogst voorkomende macht.
  • Veeltermen delen: -> deelbaarheid als R(X) = 0, dan f(a) = 0, dan (a, f(a)) is nulpunt van f(x).
    • Euclidische deling: F(x) = D(x) \cdot Q(x) + R(x)
      • F(X) = te delen veelterm
      • D(X) = deler
      • Q(X) = quotiënt
      • R(X) = rest
    • Horner: d(x) = (x-a) -> f(x) = (x-a)(nieuwe functie) + r
    • Reststelling: d(x) = (x-a) -> rest van f(x)/(x-a) = f(a)
  • Veelterm ontbinden: f(x) = a(x - x1)(x - x2)… waar x_i de nulpunten zijn van f(x).
  • Veeltermen oplossen:
    • Ontbinden
    • Afzonderen
    • Discriminant: D = b^2 - 4ac \rightarrow x = \frac{-b \pm \sqrt{D}}{2a}
    • Som nulpunten = -b/a
    • Product nulpunten = c/a
    • Vergeet niet: x^{2n+1} = a \rightarrow x = \pm \sqrt[2n]{a}

Logaritmen

  • Definitie: \loga x = y \Leftrightarrow a^y = x met a \in \mathbb{R0^+} \setminus {1} (grondtal) en x \in \mathbb{R_0^+} (argument).
  • \log_a 1 = 0
  • \log_a a = 1
  • Briggse logaritme: \log_{10} x = y \rightarrow \log x = y
  • Natuurlijke logaritme: \ln a = x \rightarrow e^x = a

Rekenregels

  • \loga(x \cdot y) = \loga(x) + \log_a(y)
  • \loga(\frac{x}{y}) = \loga(x) - \log_a(y)
  • \loga(x^n) = n \cdot \loga(x)
  • \loga x = \frac{\logc x}{\log_c a}
  • \loga x = \frac{1}{\logx a}

Stelsels Oplossen

  • Substitutie: Uit 1 vergelijking 1 variabele uithalen en invullen in een andere vergelijking (blijven herhalen tot 1 onbekende en 1 vergelijking overblijft).
  • Eliminatie: “Lineaire combinaties” = veelvouden van 2 vergelijkingen optellen of aftrekken.
    • Bij 3 onbekenden en 3 stelsels:
      • Regel 2 keer x en y, en 1 keer x of y en z.
      • Regel x = … en vul in bij Y (of omgekeerd).
      • Indien 1 gevonden kan de rest worden gevonden.

Moduletekens Oplossen

  • |f(x)| < a \rightarrow -a < f(x) < a
  • |f(x)| > a \rightarrow f(x) > a \text{ of } f(x) < -a
  • Als f(x) negatief is dan is |f(x)| = -x

Meetkunde

Vlakke Figuren

Driehoek

  • Som van de hoeken van een driehoek is 180^\circ.
  • Langste zijde ligt tegenover grootste hoek, kortste zijde tegenover kleinste hoek.
  • Gelijkzijdige driehoek: 3 x zelfde lengte + 3 x 60^\circ
  • Gelijkbenige driehoek: 2 x zelfde lengte + basishoeken even groot.
  • Rechthoekige driehoek: 1 x 90^\circ + a^2 = b^2 + c^2 (b en c = rechthoekszijden, a = schuine zijde).
  • Stelling Thales: gelijkvormigheid \frac{AB}{AC} = \frac{A'B'}{A'C'} = \frac{BB'}{CC'}

Koorde (Cirkel)

  • Lengte koorde = k = 2r * sin (β/2), β is de hoek (aan het middelpunt) die tegenover de koorde ligt, als men het als een driehoek beschouwt met zijden: r, r, k.

Vierhoeken

  • Trapezium
    • 1 paar evenwijdige zijden = basiszijden.
    • 1 paar niet-evenwijdige zijden = benen.
    • Gelijkbenig trapezium:
      • Diagonalen zijn even lang.
      • Hoeken aan zelfde basis zijn even groot.
  • Parallellogram
    • Tegenoverstaande zijden zijn even lang.
    • Tegenoverstaande hoeken even groot.
    • Diagonalen snijden elkaar in het midden.
  • Ruit
    • Alle zijde hebben dezelfde lengte.
    • De diagonalen staan loodrecht op elkaar en snijden in het midden.
  • Rechthoek
    • Diagonalen zijn even lang en snijden elkaar in het midden.
  • Vierkant

Oppervlakte en Omtrekken

FiguurOmtrekOppervlakte
DriehoekSom van de zijden\frac{b \cdot h}{2}
TrapeziumSom van de zijden\frac{(b + B) \cdot h}{2}
Parallellogram2(b + s)
$b \cdot h$
Ruit4z
\frac{D \cdot d}{2}
Rechthoek2(b + h)
l \cdot b
Vierkant4z
z^2
Cirkel2 \cdot \pi \cdot r
\pi \cdot r^2

Volumes

  • Bol: \frac{4}{3} \pi r^3
  • Piramide en kegel: \frac{A_{grondvlak} \cdot H}{3}

Analytische Meetkunde

  • Kwadranten: II, I, III, IV
  • Afstand tussen 2 punten: d = \sqrt{(x2 - x1)^2 + (y2 - y1)^2}

Rechte

  • y - y1 = m (x - x1)
  • m = \frac{y2 - y1}{x2 - x1}
  • Cartesiaanse vergelijking: ax + by + c = 0
    • m = -\frac{a}{b}
    • q = -\frac{c}{b}
  • y = mx + q
    • q = snijpunt y-as
    • m = rico (= tan α)

Parabool

  • f(x) = ax^2 + bx + c
  • f(x) = a(x - \alpha)^2 + \beta
    • a > 0 dalparabool, a < 0 bergparabool
    • |a| wordt groter → opening smaller
    • |a| wordt kleiner → opening breder
    • Top: \text{TOP} = (\frac{-b}{2a}, \frac{-D}{4a}) of TOP (α, β)
    • Symmetrieas: x = \frac{-b}{2a} of x = \alpha

Cirkel

  • (x - x0)^2 + (y - y0)^2 = r^2
  • ax^2 + ay^2 + bx + cy + d = 0
  • Goniometrische cirkel: x^2 + y^2 = 1

Loodrechte Stand

  • a staat loodrecht op b: ricoa \cdot ricob = -1

Goniometrie

  • Een radiaal is de hoek wanneer een booglengte gelijk is aan de straal.
  • \pi \ rad = 180^\circ
  • Radialen = graden * \frac{\pi}{180^\circ}
  • Graden = radialen * \frac{180^\circ}{\pi}

Goniometrische Formules in een Rechthoekige Driehoek

  • \sin = SOS = \frac{Overstaande \ zijde}{Schuine \ zijde}
  • \cos = CAS = \frac{Aanliggende \ zijde}{Schuine \ zijde}
  • \tan = TOA = \frac{Overstaande \ zijde}{Aanliggende \ zijde}
  • \tan \alpha = \frac{\sin \alpha}{\cos \alpha}
  • \cot \alpha = \frac{\cos \alpha}{\sin \alpha}
  • \sec \alpha = \frac{1}{\cos \alpha}
  • \csc \alpha = \frac{1}{\sin \alpha}
  • \sin^2 \alpha + \cos^2 \alpha = 1
  • 1 + \cot^2 \alpha = \frac{1}{\sin^2 \alpha}
  • 1 + \tan^2 \alpha = \frac{1}{\cos^2 \alpha}
  • \sin 2\alpha = 2 \sin \alpha \cos \alpha
  • \cos 2\alpha = \cos^2 \alpha - \sin^2 \alpha = 2\cos^2 \alpha - 1 = 1 - 2\sin^2 \alpha
  • \tan 2\alpha = \frac{2 \tan \alpha}{1 - \tan^2 \alpha}

*In elke driehoek:

  • \frac{a}{\sin \alpha} = \frac{b}{\sin \beta} = \frac{c}{\sin \gamma}
  • a^2 = b^2 + c^2 - 2bc \cdot \cos \alpha

Bijzondere Hoeken

α30°45°60°90°180°270°
sin0\frac{1}{2}\frac{\sqrt{2}}{2}\frac{\sqrt{3}}{2}10-1
cos1\frac{\sqrt{3}}{2}\frac{\sqrt{2}}{2}\frac{1}{2}0-10
tan0\frac{\sqrt{3}}{3}1\sqrt{3}/0/
cot/\sqrt{3}1\frac{\sqrt{3}}{3}0/0

Verwante Hoeken

sincostan
Tegengestelde hoekensin(−𝛼) = − sin 𝛼cos(−𝛼) = cos 𝛼tan(−𝛼) = − tan 𝛼
Supplementaire hoekensin(𝜋 − 𝛼) = sin 𝛼cos(𝜋 − 𝛼) = − cos 𝛼tan(𝜋 − 𝛼) = − tan 𝛼
Antisupplementaire hoekensin(𝜋 + 𝛼) = − sin 𝛼cos(𝜋 + 𝛼) = − cos 𝛼tan(𝜋 + 𝛼) = tan 𝛼
Complementaire hoekensin(\frac{\pi}{2} − 𝛼) = cos 𝛼cos(\frac{\pi}{2} − 𝛼) = sin 𝛼tan(\frac{\pi}{2} − 𝛼) = cot 𝛼

Goniometrische Vergelijkingen

  • \sin x = \sin \alpha \rightarrow x = \alpha + k2\pi \text{ of } x = \pi - \alpha + k2\pi
  • \cos x = \cos \alpha \rightarrow x = \pm \alpha + k2\pi
  • \tan x = \tan \alpha \rightarrow x = \alpha + k\pi

Analyse

  • (f•g) = f(g(x)) = de functie van g invullen in alle x’en van f

Domein

  • Bestaanswaarden voor x (dus ↔)

Symmetrie

  • Even: f(-x) = f(x), y-as is symmetrieas
  • Oneven: f(-x) = -f(x), oorsprong is symmetriemiddelpunt

Nulpunten en Tekenschema

  • x waarvoor y = 0 = snijpunt x-as
  • Einde tekenschema is altijd teken a
  • Dubbelnulpunt = *= teken blijft
  • Graad geeft max aantal nulpunten weer (niet per se zo veel)

Inverse Functies

  • f en g zijn elkaars inverse ⇔ g(f(x)) = x en f(g(x)) = x
  • De grafiek van f-1/g is het spiegelbeeld van f t.o.v. de eerste bissectrice (x = y)
  • Voorschrift bepalen:
    • y = f(x) (beperk indien nodig: altijd stijgend of dalend)
    • Vorm om zodat x in functie van y staat
    • Verwissel x en y van plaats
  • Beperkingen:
    • ONEVEN inverse van 𝑓(𝑥) = 𝑎(𝑥 − 𝛼)^2 + 𝛽 (𝛼 = -b/2a , 𝛽 = -D/4a) dom = [𝛼, +∞[
    • EVEN gewoon inverse f(x) berekenen dom = ℝ₀

Groeimodellen

  • Meetkundige rij: exponentieel: f(t) = b ∙ a^t, b = beginwaarde, a = groeifactor
    • a = 1 + p/100 → % per t erbij, a > 1
    • a = 1 − p/100 → % per t eraf, a < 1
  • Rekenkundige rij: lineair (rechte): f(t) = b + at, b = beginwaarde, a = hoeveelheid die per t bijkomt
    • a > 0 → lineaire toename
    • a < 0 → lineaire afname

Asymptoten

Verticale Asymptoot en Perforaties

  • Bepaal \lim_{x \to a} f(x) voor elk nulpunt a van de noemer.
    • a is geen nulpunt van de teller: \lim_{x \to a} f(x) = \pm ∞ -> VA: x = a (linker en rechterlimiet met tekenschema)
    • a is een nulpunt van de teller: \lim_{x \to a} f(x) = \frac{0}{0} -> functievoorschrift vereenvoudigen:
      • \lim_{x \to a} f(x) = \frac{0}{0} = c \in \mathbb{R} -> perforatie (a,c) = nulpunt komt bij elk evenveel voor
      • \lim_{x \to a} f(x) = \frac{0}{0} = \frac{\pm ∞}{∞} = \pm ∞ -> VA: x = a = meer bij noemer

Horizontale en Schuine Asymptoot

  • Graad teller < graad noemer: \lim_{x \to \pm ∞} f(x) = 0 -> HA: y = 0
  • Graad teller = graad noemer: \lim_{x \to \pm ∞} f(x) = b (b \in \mathbb{R}) -> HA: y = b (hoogste machten / elkaar)
  • Graad teller = graad noemer + 1: \lim{x \to \pm ∞} f(x) = \pm ∞ -> SA: y = ax+b (quotiënt Euclidische deling) \lim{x \to \pm ∞}[f(x) − (ax + b)] = 0
  • Graad teller > graad noemer: \lim{x \to \pm ∞} f(x) = \pm ∞ -> asymptotische kromme y = ax+b (quotiënt Euclidische deling) SA: y = ax + b \lim{x \to \pm ∞} \frac{f(x)}{x} = a \lim_{x \to \pm ∞}[f(x) − ax] = b
  • Per kant ofwel HA ofwel SA.

Transformaties

Invloed van het teken

  • -f(x) : spiegelen t.o.v. x-as
  • f(-x) : spiegelen t.o.v. y-as
  • -f(-x) : spiegelen t.o.v. de oorsprong

Invloed van de constante

  • y = a \cdot f(b \cdot (x - d)) + c
  • y = a \cdot f(x) : uitrekken langs de y-as met factor a
  • y = f(bx) : uitrekken langs de x-as met factor b
  • y = f(x) + c : verschuiving over de y-as met |𝑐| eenheden (boven +, onder -)
  • y = f(x − d) : verschuiving over de x-as met |𝑑| eenheden (links -, rechts +)

Verloop van Functies

  • x
  • f’(x) : - of + (- = dalen, + = stijgen)
  • f’’(x) : - of + (- = bol, + = hol)
  • f(x) :
  • f’(x) → 0 → rel min of max
  • f’’(x) → 0 → bgpt

Stijgen, dalen, extrema

  • f’(x) = richtingscoëfficiënt van raaklijn in x
  • rel min of max voor x = a → f’(a) = 0 NIET OMGEKEERD
  • stel f is continu in [𝑎, 𝑏]: als 𝑓’(𝑥) > 0 voor elke x in ]𝑎, 𝑏[, dan is f stijgend in [𝑎, 𝑏] NIET OMGEKEERD
  • merk op: afleidbaarheid in randpunten niet nodig

Hol, bol, buigpunten

  • als f een buigpunt bereikt voor (a, f(a)) dan is f’’(a) = 0
  • Buigpunt: overgang van bol naar hol of omgekeerd
  • Buigraaklijn: raaklijn in buigpunt (a, f(a)) -> y – f(a) = f’(a) (x – a)

Limieten

Oplopend/ Niet Oplopend
∞ + 𝑎 = ∞∞ − 𝑎 = ∞
∞ − ∞-∞ + 𝑎 = −∞
-∞ − 𝑎 = −∞∞ ∙ 0
∞ + ∞ = ∞\frac{a}{∞} = 0
\frac{0}{0}∞ ∙ 𝑎 = ∞ (a is pos)
∞ ∙ 𝑎 = −∞ (a is neg)\frac{∞}{∞}
  • Bijzondere limiet: \lim_{x \to 0} \frac{\sin x}{x} = 1

Soorten Functies

Veeltermfuncties

Rationele Functies

  • x in de noemer = quotiënt van 2 veeltermen
  • noemer brengt asymptoten met zich mee
  • dom f = ℝ ∖ {nulpunten noemer}
  • nulpunten f = nulpunten teller ∖ nulpunten noemer
  • tekenschema: nulpunt noemer = /
  • tekenschema: eerst VERPLICHT apart maken van teller en noemer en dan samenvoegen (tekens combineren)

Irrationale Functies

  • x onder een wortel
  • Irrationale vergelijking oplossen:
    • x - \sqrt{16 - x^2} = 0
      • bestaansvoorwaarde BVW: \sqrt{16 - x^2} ≥ 0 \rightarrow x \in [-4,4] (wat onder √ staat moet ≥ 0)
      • kwadrateringsvoorwaarde KVW: x ≥ 0 (wat gelijk is aan √ moet ≥ 0)
      • beide leden kwadrateren: x^2 = 16 - x^2
      • vergelijking oplossen: x = 2\sqrt{8} en x = -2\sqrt{8}
      • voorwaarden controleren → niet KVV
  • Bij zoeken naar nulpunten, eerst domein bepalen = nulpunten van wat onder wortel staat waar ‘’+’’ geldt (want wortel moet positief zijn)

Exponentiele Functies

  • x in exponent y = a^x, a ∈ ℝ₀+

Logaritmische Functies

  • x in argument logaritme y = loga(x), x = ay
a > 10 < a < 1
domℝ₀+
bld
snijpunt x-as(1,0) bij loga(x)
snijpunt y-as
tekenschema- 0 ++ 0 -
verloop
\lim_{x \to 0^+} f(x)+∞−∞
\lim_{x \to ∞} f(x)00
asymptootVA: x = 0

Goniometrische Functies

  • Algemene sinusfunctie f(x) = 𝑎 sin (𝑏(𝑥 – 𝑐)) + 𝑑
    • a = verticale vervorming met factor |𝑎| (maximale uitwijking) evenwichtslijn – top
    • b = horizontale vervorming \frac{2\pi}{b} = P \rightarrow b = \frac{2\pi}{P}
    • c = horizontale verschuiving over afstand |𝑐| (c > 0 rechts, c < 0 links)
    • d = verticale verschuiving over afstand |𝑑| (d > 0 boven, d < 0 beneden) evenwichtslijn ↔ y = 𝑑
Functie𝑓(𝑥) = sin 𝑥𝑓(𝑥) = cos 𝑥𝑓(𝑥) = tan 𝑥𝑓(𝑥) = cot 𝑥
Periode𝑃 = 2𝜋𝑃 = 2𝜋𝑃 = 𝜋𝑃 = 𝜋
dom fℝ ∖ {𝜋/2 + 𝑘 ∙ 𝜋}ℝ ∖ {𝑘 ∙ 𝜋; 𝑘 ∈ 𝑍}
ber f[−1, 1][−1, 1]
𝑓⁻¹{0}𝑘 ∙ 𝜋𝜋/2 + 𝑘 ∙ 𝜋𝑘 ∙ 𝜋𝜋/2 + 𝑘 ∙ 𝜋
VA𝑥 = 𝜋/2 + 𝑘 ∙ 𝜋𝑥 = 𝑘 ∙ 𝜋 (𝑘 ∈ 𝑍)

Cyclometrische Functies

Functie𝑓(𝑥) = Bgsin 𝑥𝑓(𝑥) = Bgcos 𝑥𝑓(𝑥) = Bgtan 𝑥
dom f[−1, 1][−1, 1]
ber f[-𝜋/2, 𝜋/2][0, 𝜋][-𝜋/2, 𝜋/2]
𝑓⁻¹{0}(0,0)(1,0)(0,0)
HAx = ± 𝜋/2

Afgeleiden

  • De gemiddelde verandering = gemiddelde helling = differentiequotiënt over [𝑎, 𝑏] = \frac{\Delta f(x)}{\Delta x} = \frac{f(b) - f(a)}{b - a} = de rico van de rechte AB met A (𝑎, 𝑓(𝑎)) en B (𝑏, 𝑓(𝑏))
  • De ogenblikkelijke verandering in a = de rico van de raaklijn t aan de grafiek van f in (𝑎, 𝑓(𝑎)) = 𝑓’(𝑎) = \lim_{x \to a} \frac{f(x) - f(a)}{x - a}
  • f(x) = x^n \rightarrow f'(x) = nx^{n-1}

Rekenregels afgeleiden

  • (𝑓 + 𝑔)’ = 𝑓’ + 𝑔’
  • (𝑓 ∙ 𝑔)’ = 𝑓’ ∙ 𝑔 + 𝑓 ∙ 𝑔’
  • (𝑓 ∙ 𝑔 ∙ ℎ)’ = 𝑓’ ∙ 𝑔 ∙ ℎ + 𝑓 ∙ 𝑔’ ∙ ℎ = 𝑓 ∙ 𝑔 ∙ ℎ’
  • (𝑟𝑓)’ = 𝑟 ∙ 𝑓’
  • (𝑓^r)’ = 𝑟 ∙ 𝑓’ ∙ 𝑓^(r-1)
  • \left( \frac{f}{g} \right)' = \frac{f' \cdot g - f \cdot g'}{g^2}

Afgeleide van de veeltermfuncties

GoniometrischeCyclometrischeLogaritmische en exponentiële
(sin 𝑢)’cos 𝑢 ∙ 𝑢’Bgsin’(𝑢) = \frac{1}{\sqrt{1 − 𝑢^2}} ∙ 𝑢’(e^u)’ = e^u ∙ 𝑢’
(cos 𝑢)’− sin 𝑢 ∙ 𝑢’