Week 3

Producttechnologie: het vermogen om een product te creeren dat aan de klantbehoeften voldoet

Procestechnologie: het vermogen om een product daadwerkelijk te maken dat deze aan klanten kan worden aangeboden

De levenscyclus kent de volgende fases:

  • Introductiefase

  • Groeifase

  • Volwassenheidsfase

Standaard: een technische specificatie die nodig is om een product goed te laten werken

Dominant ontwerp: een verzameling van eigenschappen en kenmerken van een product die al zijn geaccepteerd.

Platform: dit zijn elementen die al bestaan en worden gebruikt voor innovaties

  • Externe platform - dit zijn producten, diensten of technologieën die gebruikt worden als basis voor bedrijven, om daarmee iets nieuws te kunnen produceren

  • Interne platform - dit bestaat uit zaken die een bedrijf op voorhand al heeft georganiseerd, om daarmee nieuwe producten of diensten te ontwikkelen

Achterhalen van technologieën: welke technologieën zijn er en welke worden het meest gebruikt

Bepalen welk concurrentievoordeel een bepaald technologie met zich meedraagt:

  • Basistechnologieen: technologieën die noodzakelijk zijn in de markt en waar weinig concurrentievoordeel mee behaald kan worden, omdat vrijwel elke concurrent deze technologie al in zijn bezit heeft

  • Sleuteltechnologieen: technologieen die hedendaags invloed hebben op de concurrentiepositie

  • Opkomende technologieen (emerging technologies): technologieen die zich nog in het vroege stadium van de levenscyclus bevinden

Ontwikkeling technologieen: hier moeten keuzes gemaakt worden

Rogers ontwikkelde hiervoor een bekend model waarin hij 5 groepen klanten onderscheidt

  • Innovators: dit zijn de klanten die worden gedreven door het nieuwe in de innovatie

  • Early adopters: voor hen zijn vooral nieuwe mogelijkheden die de innovatie beidt belangrijk

  • Early majority: dit zijn de pragmatische klanten

  • Late majority: deze klanten zijn conservatief

  • Laggards: dit zijn de sceptische klanten

De externe factoren omvatten alle mogelijke andere invloeden naast invloeden naast de innovatie zelf, de klanten en de aanbieder:

  • Concurrenten

  • Overheid

  • (Social) media

  • Onafhankelijke externe partijen

  • De economische situatie

  • Het weer

Diffusie: is het proces van verspreiding van een innovatie onder de leden van de doelgroep

De succesmaatstaven op het niveau van het individuele innovatieproject zijn:

  • Klantacceptatie

  • Financiële prestaties

  • Projectsucces

Daarnaast zijn er nog 2 groepen succesmaatstaven die informatie geven over het innovatie vermogen van een organisatie

  • Succes innovatieprogramma

  • Innovatievermogen organisatie

First movers hebben de volgende voordelen:

  • Leervoordelen

  • Exclusieve toegang tot schaarse bronnen

  • Klanten vinden via overstapkosten

  • Netwerkeffecten

  • Reputatievoordeel

  • Referentiepunt bepalen

Nadelen van first movers

  • De markt ontginnen

  • De kinderziekten in de technologie overwinnen

  • Niet kunnen leren van een ander

  • Meer risico nemen

Er zijn vier situatie voor first movers:

  • Kalme wateren

  • De markt leidt

  • De technologie leidt

  • Wilde wateren

5 reactiestrategieen:

  • Negeren

  • Concentreer en investeer in het eigen bedrijfsmodel

  • Neem de innovatie over en doe beide

  • Stap volledig en op grote schaal over op de innovatie

  • Doe een tegenaanval en innoveer de radicale innovatie