2425 - 6VWO - (in)directe belastingen, tarieven, gemiddelde belastingdruk, box 1 en 3
Pagina 1: Introductie
Gerrit Rietveld College
INDIRECTE BELASTINGEN TARIEVEN
Economie GEM.
Belastingdruk in Box 1 en 3 VWO 6
Pagina 2: Opbouw van de les
Lesdoelen
Bespreken van theorie in twee lessen:
(In)directe belastingen
Soorten tarieven
Gemiddelde belastingdruk
Belasting in Box 1 en 3
Resterende tijd
Aan de slag met de opdrachten (1 t/m 13)
Pagina 3: Lesdoelen en Doelstellingen
Uitleggen van het verschil tussen directe en indirecte belastingen.
Voorbeelden noemen van beide soorten belastingen.
Uitleggen van de belastingstelsels:
Progressief
Proportioneel
Degressief
Pagina 4: Belastingconcepten
Belasting en Overheidsuitgaven
De overheid heeft geld nodig voor uitgaven.
Directe belasting:
Belastingen op inkomen, winst en vermogen.
Voorbeelden van directe belasting:
Loonheffing
Vennootschapsbelasting
Indirecte belasting
Kostprijsverhogende belastingen op producten en diensten:
Btw
Accijns
Pagina 5: Tarieven en Gemiddelde Belastingdruk
Belastingtarieven
Degressief tarief:
Zelfde bedrag voor iedereen, gemiddelde belastingdruk daalt bij hogere inkomsten.
Gemiddelde belastingdruk:
Belastingbedrag in percentage van het inkomen.
Daling van het belastingtarief leidt tot een degressieve belastingstructuur.
Pagina 6: Proportioneel Tarief
Proportioneel Tarief
Iedereen betaalt hetzelfde percentage belasting.
Gemiddelde belastingdruk blijft gelijk bij stijging van inkomen.
Ook wel vlaktaks genoemd.
Pagina 7: Progressief Tarief
Progressief Tarief
Stijgend percentage belasting voor hogere inkomens.
Gemiddelde belastingdruk stijgt bij verhoging inkomen.
Marginaal tarief:
Tarief op het extra inkomen.
Pagina 8: Belastingpercentages
Vergelijking van belastingpercentages
Grafiek van belastingpercentages vs. belastbaar inkomen:
Vlaktaks
Sociale vlaktaks
Progressief stelsel
Pagina 9: Het Nederlandse Belastingstelsel
Boxen
Box 1: Inkomen uit werk en wonen
Kenmerken:
Hypotheekrenteaftrek
Progressief belastingtarief via inkomstenschijven
Box 2: Inkomen uit 'aanmerkelijk belang'
Toepassing bij > 5% aandelen
Proportioneel belastingtarief van 25%
Box 3: Inkomen uit vermogen (sparen en beleggen)
Progressief tarief op fictief rendement.
Pagina 10: Box 1 en Hypotheekrenteaftrek
Specifieke Belastinginformatie
Box 1:
Hypotheekrenteaftrek.
Inkomstenschijven:
Schijf 1: tot € 69.399, belastingpercentage 37,07%
Schijf 2: vanaf € 69.399, belastingpercentage 49,50%
Pagina 11: Box 3 en Vermogensrendementsheffing
Vermogensbelasting
Box 3:
Inkomen uit vermogen (sparen en beleggen).
Vermogensrendementsheffing:
Belasting op fictief rendement (31%).
Schijven en percentages:
Schijf 1: tot € 50.651, gemiddeld rendement 1,818%
Schijf 2: van € 50.651 tot € 962.351, 4,366%
Schijf 3: vanaf € 962.351, 5,53%
Pagina 12: Huiswerk
Huiswerk Overzicht
Week 40:
Les 1: Bespreken theorie 1.4 t/m opgave 55 (30 sept - 4 oktober)
Les 2: Bespreken theorie 1.5 t/m opdracht 60
Les 3: Bespreken theorie 1.5 t/m opdracht 67
Week 41:
Les 1: Bespreken theorie 2.1 t/m opdracht 7
Les 2: Bespreken theorie 2.1 t/m opdracht 13
Les 3: Bespreken theorie 2.1 t/m opdracht 16