Colonial Governmentality en de Japanse Bezetting van Korea
Kadering en de Focus op Azië
De les integreert thema's zoals modernisering, globalisering, racisme en kolonialisme binnen een niet-Westers kader.
Er wordt gefocust op Azië om Eurocentrisme en Anglo-centrisme in academische curricula uit te dagen.
De Japanse casus biedt inzicht in geopolitieke spanningsvelden en de eigen samenleving door een "buitenlandse ervaring".
Introductie Michel Foucault
Discipline and Punish: Analyseert de verschuiving in machtsuitoefening van het Ancien Régime (publiek spektakel en lijfstraffen) naar de moderne eeuw (disciplinering van de geest).
Machtstransformatie (): Evolutie van publieke executies naar gestandaardiseerde, private straffen binnen gevangenisinstellingen.
Controlemechanismen:
Surveillance: Constante bewaking.
Normalization: Een standaard rolmodel voor gedrag.
Examination: Voortdurende evaluatie.
Panopticisme: Een metafoor voor de moderniteit waarin subjecten zichzelf reguleren tot "docile bodies" (gehoorzame lichamen). Hij spreekt van een "carceral society" waar disciplinering in alle aspecten (school, fabriek, leger) doordringt.
Kernbegrippen van macht:
Macht/Kennis (): Macht bepaalt wat als waarheid of wetenschap geldt.
Biopower/Biopolitics: Regulering van de bevolking als biologische soort via statistiek en gezondheidszorg.
Governmentality: De staat structureert het actieveld van individuen door middel van zelfregulatie.
Kolonialisme en Foucault (David Scott)
Scott bekritiseert de focus op louter uitsluiting en racisme (zoals bij Chatterjee) en pleit voor een analyse van de "politieke rationaliteit".
Sovereignty vs. Governmentality:
Pre-moderne kolonies focusten op rijkdom-extractie via de wet en het lichaam.
Moderne kolonies focussen op "conduct of conduct" (gedragssturing) en het creëren van sociale omstandigheden waarin onderdanen zichzelf reguleren.
Kolonies dienden vaak als laboratoria voor moderne bestuurstechnieken zoals statistiek.
De Genealogie van het Japanse Zelfbeeld
Historische Context: Na de komst van de Kurofune (zwarte schepen) van Perry in volgde de Meiji Restoration () om Japan te moderniseren via Westerse modellen.
Machtsuitbreiding: Overwinningen in de Eerste Sino-Japanse oorlog () en de Russo-Japanse oorlog () vestigden Japan als wereldmacht.
Rechtvaardiging van Kolonisatie:
In tegenstelling tot het Westerse Orientalisme benadrukte Japan de "closeness" met Korea via de (gemeenschappelijke voorouder-theorie).
Mindō (民度): Kolonisatie werd gelegitimeerd als een missie om het "beschavingsniveau" van de Koreanen te verhogen.
'Colonial Governmentality' in Korea ()
Drie Perioden van Bezetting:
Military rule (, ): Brute onderdrukking met een strikt onderscheid tussen Japanners en Koreanen.
Cultural policy (, ): Verschuiving na de March first independence Movement () naar subtielere disciplinering en population management.
Militarisatie (): Focus op oorlogsmobilisatie en industriële expansie.
Specifieke Disciplineringsinstrumenten:
Flogging Ordinance (): Geseling werd ingezet voor Koreanen die het kapitalistische tijdsbesef misten; dit gebeurde privaat en onder medisch toezicht.
Censuur: Wetten zoals de Newspaper Law () controleerden de publieke sfeer nog voor de officiële annexatie.
Administratie: Toename van politie () en het gebruik van de census voor het in kaart brengen van de bevolking i.p.v. louter belastingheffing.
Lessen voor de Multiculturele Samenleving
Inclusie is niet neutraal; het gebeurt volgens specifieke spelregels zoals taalvaardigheid en digitale vaardigheid.
"Vrijheid" kan functioneren als een instrument van macht, waarbij individuen handelen volgens de geïnternaliseerde logica van de staat.
Er wordt gewaarschuwd voor extreme vormen van instrumentele rationaliteit onder het mom van "verbetering" of "beschaving".
Vragen & Discussie
Deelname in het Onderwijs: Er werd kritisch gevraagd hoeveel Aziatische auteurs of academici studenten hebben gelezen in hun opleiding, wat wijst op een Euro/Anglo-centrische blik in de huidige universitaire programma's.