Grafisch Ontwerp Lexicon & Invloeden: Van Gutenberg tot Bodoni

Inleiding tot het Lexicon en de Invloeden van Grafisch Ontwerp

  • Definitie van het Vakgebied: Het begrip 'grafisch ontwerp' is door de jaren heen herhaaldelijk geherdefinieerd:

    • 1922: William Addison Dwiggins stelt in "New Kind of Printing Calls for New Design" dat nieuwe druktechnieken vragen om een nieuwe vorm van ontwerp.

    • 19de Eeuw: Ontwerp en productie worden als één geheel beschouwd.

    • Begin 20ste Eeuw: Er ontstaat een loskoppeling tussen het ontwerpen en de feitelijke productie.

    • Na de Tweede Wereldoorlog (WOII): De rol van de ontwerper verschuift van louter maken naar denken en regisseren.

    • Jaren 1980: Creatief regisseren staat centraal, waarbij de ontwerper soms ook zelf de productie op zich neemt.

    • Vandaag: Er is sprake van een flexibele mix, sterk afhankelijk van de schaal en de aard van het specifieke project.

  • Filosofische benaderingen van Design:

    • Paul Rand (1914-1996): "If you can’t define what design is, you’ll keep making things that look good but say nothing."

    • Chava Ben (1914-1996): Maakt een onderscheid tussen kunst en commercie. Design is "art that sells" of "art that serves a purpose." Volgens Ben behaagt schone kunst (fine art) de toeschouwer, terwijl commerciële kunst de markt behaagt, maar dit doet niets af aan de status van kunst.

Factoren die Grafisch Ontwerp Beïnvloeden

De ontwikkeling van grafisch ontwerp wordt bepaald door drie hoofdpijlers:

  1. Technologie: De beschikbare productiemiddelen en technieken (van handpers tot digitaal).

  2. Maatschappij: De culturele, economische en religieuze context van een tijdperk.

  3. Kunststromingen: De invloed van overkoepelende esthetische bewegingen.

De Overgang van Gutenberg tot Bodoni

Manuscripten en de Middeleeuwen

  • Productie: Boeken waren handgeschreven werken, geproduceerd door kopiïsten in scriptoria.

  • Inhoud: De focus lag op religieuze werken, gedreven door de katholieke denkwijze.

  • Decoratie: Belangrijke elementen waren de miniatuur (illustratie), het initiaal (versierde beginletter) en de marginaal (versieringen in de rand).

Johannes Gutenberg (1397-1468, Mainz)

  • Innovatie: Uitvinder van het mechanisch drukken met losse letters (technologie).

  • Terminologie:

    • Incunabel of wiegendruk: Boeken gedrukt vóór 1501.

    • Codex: De vorm van het moderne boek met gebonden bladen.

  • Voordelen: Snellere productie, eenvoudigere redactie, goedkoper, behoud van kwaliteit.

  • Maatschappelijke Impact: De uitvinding was cruciaal voor de Reformatie (Luther en Calvijn), de wetenschap (Erasmus), ontdekkingsreizen (COLOMBUS), en de Verlichting (Voltaire). Het betekende het einde van het monopolie van de kerk op kennis en leidde tot de verspreiding van verboden boeken.

  • Schrift (Textura/Gotische letter): Kenmerkt zich door een kalligrafische inslag, gebroken curves, schuine streken en een esthetiek gebaseerd op manuscripten. Varianten zijn de Fraktur en Blackletter.

    • Hedendaagse context: De gotische letter wordt nog steeds gebruikt door Heavy Metal en Punk bands, door The New York Times, en in modern fontontwerp zoals Fatih Hardal’s "FH Fraktur".

  • Gutenbergbijbel (1455): Een technisch meesterwerk bestaande uit 2 delen met 1282 pagina’s van 42 regels per pagina. Hoewel de letters gedrukt waren, werden verfraaiingen nog handmatig toegevoegd.

Ontwikkelingen na Gutenberg

  • Johann Fust (1400-1466): Nam de drukkerij van Gutenberg over. Hij produceerde het Mainz Psalter (1457), een mix van houtsnedes en loden letters, bevattend het allereerste colofon.

  • Kroniek van Neurenberg (1493): Een ambitieus overzicht van de wereldgeschiedenis vanaf de schepping.

    • Uitgever: Anton Koberger (1440-1513).

    • Tekst: Hartmann Schedel (1440-1514).

    • Illustraties: Onder andere door Albrecht Dürer (1471-1528). Het bevat 1809 illustraties, gedrukt met 645 houtblokken.

Het Traditionele Drukproces in Zeven Stappen

De vervaardiging van drukwerk volgde een strikt proces:

  1. Het graveren van de stempel: De vorm van de letter uitsnijden in hard metaal.

  2. Het slaat van de matrijs: De stempel in een zachter metaal slaan om een gietvorm te maken.

  3. Het gietproces: Vloeibaar lood in de matrijs gieten om de losse letters te creëren.

  4. Het zetten van de tekst: De letters één voor één in een zethaak plaatsen.

  5. Het opbinden van het zetwerk: De gezette regels stevig bij elkaar houden.

  6. Het invormen van het zetwerk: De pagina's in een metalen raam (vorm) plaatsen.

  7. Het aanbrengen van de inkt: Met inktballen de inkt gelijkmatig over het zetwerk verdelen.

Renaissance en Humanisme (1400-1600)

  • Context: Herwaardering van de klassieke oudheid en de centrale rol van de mens. Dit leidde tot nieuwe letterstijlen gebaseerd op Romeinse kapitalen en de Karolingische minuskel.

  • Nicolas Jenson (1420-1480): Ontwierp de eerste Romeinse letter (Humanen) voor het boek Præparatione Evangelica (1470). Kenmerken: fors, breed lopend, schuin oploopend streepje bij de 'e'.

  • Claude Garamond (1480-1561): Stichter van de eerste lettergieterij. Zijn letters (Geralden) vertonen meer contrast en horizontalere schreven. Hij introduceerde de cursief als een apart lettergewicht.

  • Francesco Griffo (1450-1518) & Aldus Manutius (1449-1515):

    • Corsiva (1501): De eerste cursieve letter, ontworpen om ruimte te besparen voor de pocketboeken van Manutius (zoals de werken van Vergilius).

    • Bembo (1495): Ontworpen voor Pietro Bembo’s De Ætna. Kenmerken: kleine x-hoogte, korte afgeronde schreven, stokken hoger dan de kapitalen.

Christoffel Plantijn (1520-1589)

  • Biografie: Leerling in Caen, migreerde van Parijs naar Antwerpen. Vestigde daar de drukkerij "De Gulden Passer".

  • Biblia Regia (1568-1572): Ook wel de Polyglot Bijbel genoemd, gefinancierd door Filips II. Een meesterwerk in 5 talen (Grieks, Latijn, Aramees, Syrisch en Hebreeuws) bestaande uit 8 delen.

  • Erfgoed: De drukkerij bleef in gebruik tot de 19de eeuw en is sinds 2005 UNESCO Werelderfgoed.

Barok en Classicisme (1600-1820)

  • Philippe Grandjean: Ontwierp de Romain du Roi (1702) voor Louis IVX. Deze letter was gebaseerd op een grid en vertoonde een groter contrast.

  • John Baskerville (1706-1775): Ontwierp de Baskerville (Realen). Hij focuste op leesbaarheid en experimenteerde met nieuw papier en inktsoorten.

    • Revival: Zuzana Licko ontwierp in 1996 Mrs. Eaves, gebaseerd op Baskerville en vernoemd naar zijn huishoudster/vrouw.

  • William Caslon (1692-1766): Zijn fonts (Realen) waren zeer succesvol door hun gedegen functionaliteit. Gebruikt voor de Amerikaanse Declaration of Independence.

  • Typografische Punten:

    • Pierre Simon Fournier (1712-1768) introduceerde een 12-delig stelsel in zijn Manuel Typographique (1766).

    • François Ambroise Didot verfijnde dit tot de "Didotpunt" (1785), gebaseerd op de Koningsvoet.

  • Didot & Bodoni (Classisicme):

    • Didot (1783): Vertikale as, extreem dik-dun contrast, haarlijnschreven, geometrisch.

    • Bodoni (1785): Minder extreem dan Didot, iets gematigder contrast. Zijn Manuale Tipografico (1818) is een standaardwerk.

    • Toepassing: Deze stijlen domineren vandaag de dag nog steeds de mode- en luxesector (modebladen en fashion brands).

Kantelmoment en Moderniteit

  • De 19de Eeuw: Markeert de overgang van ambachtelijk vakmanschap naar een commerciële insteek. Dit wordt gezien als de werkelijke geboorte van grafisch ontwerp.

  • Logorama (2009): Een animatiefilm door Studio H5 (Oscar 2010) die de alomtegenwoordigheid van grafische merken in de moderne wereld onderstreept.