Inleiding Wolof

Salaam maleikum = Vrede zij met u

Maleikum salaam-antwoord = vrede zij met u


Tubab = 'witte' persoon

Antwoord Naam (Arabisch: ik ben hier, present, aanwezig)


Ma natal la? = Mag ik je fotograferen?

Waaw = ja

Deedeet = nee


Nanga def? = Hoe gaat het?

Jama rek = Enkel vrede

Magni fi rek = Ik ben hier enkel (= ok, alles goed)

Alxamdu lillah = We danken God


Informeel :

Nakam? = Hoe gaat het?

Magni kuul = Ik ben ok (ik ben cool)


Naka subasi? = Hoe is de ochtend?

Naka saangi fi = de ochtend is hier (is ok)


Naka beckek bi? = Hoe is de namiddag?

Bechek baangi fi = de namiddag is hier (is ok)


Naka ngoon si? = Hoe is de avond?

Ngoon saangi fi = de avond is hier (is ok)


Naka guddi gi? = Hoe is de nacht?

Guddi gaangi fi = de nacht is hier (is ok)


Jama ngaam? = Ben je in vrede ?

Jama rek = enkel vrede


Jere jeff = bedankt

Antwoord Jere jeff sawala = bedankt, je bent welkom, graag gedaan

Jere jeff bu baax = heel erg bedankt!







Naka ligeey bi? = Hoe gaat het werk?

Mangi si kowam, ndanka ndanka = ik ben ermee bezig, rustig, rustig


Ana wa kèr gi? = Hoe gaat het met de mensen thuis?

Nungi fa = ze zijn daar (ze zijn ok)


Yaay = moeder

Baay = vader

Magni = Ik ben 

Nungi = Wij zijn 


Magni ñibi = Ik ga naar huis

Bax na, be elek = ok, tot morgen


Ana wa Ostend? = Hoe gaat het met de mensen in Oostende ?

Ana wa Belgium ? = Hoe gaat het met de mensen in België?

Antwoord: Ñung faa = ze zijn daar (ze zijn ok)


Naka nga tudda? = Wat is je voornaam?

Mariama la tudda = ik heet Mariama


Naka la santa? = Wat is je familienaam?

Sanneh la santa = Sanneh is mijn familienaam


Foo jogee? = Waar kom je vandaan?

Belgium la jogee = ik kom uit België


Toogal = ga zitten


Mangi dem = Ik ga

Fooy dem? = Waar ga je heen?

Banjul laay dem = ik ga naar Banjul


Foo dekka? = Waar verblijf je?

Leybato Motel Fajara


Man deeguma Wolof = ik spreek (hoor) geen Wolof

Xamuma: Ik versta het niet

Deega Wolof? = Begrijp je Wolof?

Tutti rek = een klein beetje

Mangee jeem = Ik probeer

Deega nga English? = Begrijp je Engels?


Loo bugga? = Wat wil je ?

Lee nyaata la? = Hoeveel kost dit?




Dafa yomba = Het is goedkoop

Dafa yomba torop = het is heel goedkoop (het is te goedkoop)

Dafa seer = Het is duur

Dafa seer torop = Het is te duur (het is heel duur)


Dafa tanga torop = het is heel warm (het is te warm)


Tapalappa = overheerlijk stokbrood

Atayaa = groene Chinese thee

Maalo = rijst

Yaapa = vlees

Jen = vis

Benechin = rijstgerecht ;(letterlijk: één pot = bena chin)

Domoda = gerecht met pindanoten

Ndox = water


Getallen

1: bena

2: nyaar

3: nyetta

4: nyenent

5: juroom

6: juroom bena

7: juroom nyaar

8: juroom nyetta

9: juroom nyenent

10: fuka

11: fuka ak bena


Let op!

35: nyetti fuka juroom

100: teemeer

101: teemeer ak bena

200: nyaar teemeer

1000: junné


Begrippen: 

Gelleh-gelleh (tanka-tanka), Hajj, alkalo, futampaf, griot, harmattan, juju (grisgris),

kankurang (Mandinka maskerade), Kumpo (Jola maskerade, cfr. hooimijt), kunda (plaats, huis),

Lamin, mbalax, ndagga, pirogue, saliboo, cocktail, Koriteh, Tobaski,


Uitspraak: 

C en ch-tjs

g-zoals in garçon

j-zoals in john

x-iets tussen ch (zoals in achter) en h (hond)