Configure authentication for Azure Kubernetes Service" (AKS),


  • Best practice: Gebruik Microsoft Entra ID voor centrale identity management.

  • Voordelen:

    • Automatische updates bij wijziging in gebruiker/groep.

    • Roles/ClusterRoles kunnen worden toegekend aan Entra ID-gebruikers of -groepen.

  • Authenticatieproces:

    1. Developer logt in met Entra ID.

    2. Entra ID geeft een access token uit.

    3. Developer voert een commando uit (bv. kubectl create pod).

    4. Token wordt gevalideerd, RBAC-regels toegepast.

    5. Toegang verleend op basis van groepslidmaatschap en RBAC.

🔧 Kubernetes Role-Based Access Control (RBAC)

  • Gebruik RBAC om toegang te beperken tot minimale permissies.

  • Bindings verbinden gebruikers/groepen met specifieke rollen in namespaces of op cluster-niveau.

  • RBAC + Entra ID zorgt voor dynamisch en veilig toegangsbeheer.

🛡 Azure Role-Based Access Control (Azure RBAC)

  • Twee toegangsmodellen nodig:

    1. Azure resource access (bv. AKS beheren via portal/CLI).

    2. Kubernetes API access, beheerd via:

      • Kubernetes RBAC (traditioneel)

      • Azure RBAC-integratie (voor kubernetes authorization)

🧩 Pod-Managed Identities

  • Geen vaste credentials in pods!

  • Gebruik pod-managed identities om tokens real-time aan te vragen via Microsoft Entra ID.

🧪 Modes:
  1. Standard mode (met MIC & NMI):

    • MIC beheert identity toewijzing bij pod creatie.

    • NMI valideert en vraagt tokens op.

  2. Managed mode (alleen NMI):

    • Identiteiten worden vooraf toegewezen via az aks pod-identity add.

    • Geen MIC nodig → minder permissies nodig.