Samenvatting Japan: Geologie, Natuurrampen en Vulkanisme
Japan: Land in de Ring van Vuur
Algemene Kenmerken en Geografie:
Japan is een welvarend land gelegen in Oost-Azië.
Het is een eilandenrijk bestaande uit vier grote eilanden en bijna kleinere eilanden.
De eilanden zijn bergachtig en dichtbebost.
Reliëf: De bergen zijn niet extreem hoog, maar de hellingen zijn zeer steil. Slechts deel van het oppervlak is goed bewoonbaar.
Seismische en Vulkanische Activiteit:
Bijna van alle actieve vulkanen ter wereld bevindt zich in Japan.
Dagelijks worden er kleine aardschokken gevoeld, wat neerkomt op circa schokken per jaar.
Japan telt bijna vulkanen, waarvan er meer dan nog werkzaam zijn.
Natuurramp: Het constante gevaar voor uitbarstingen en zware aardbevingen zorgt voor een hoog risico op natuurrampen (rampen veroorzaakt door de natuur met veel slachtoffers en grote schade).
Geologische Mechanismen en Plaattektoniek
De Ring van Vuur:
Japan maakt deel uit van de Ring van Vuur, een boogvormig gebied rond de Grote Oceaan met een hoge concentratie vulkanen en aardbevingen.
De Grote Oceaan wordt gedomineerd door de Pacifische plaat, omringd door andere platen (of schollen).
Plaatbewegingen:
Platen bewegen enkele centimeters per jaar in drie richtingen: langs elkaar, van elkaar af, of naar elkaar toe.
In de Ring van Vuur bewegen platen voornamelijk naar elkaar toe.
Subductie en Vulkanisme:
De oceanische plaat (bijv. de Pacifische plaat) is zwaarder dan de continentale plaat (bijv. de Euraziatische plaat).
Bij botsing zakt de oceanische plaat onder de continentale plaat. Dit proces heet subductie.
De plaat kan tot wel naar beneden duiken en trekt de rest van de plaat mee.
Op een diepte van tot begint de oceanische korst te smelten, waardoor magma (gesmolten gesteente) ontstaat.
Het hete magma stijgt met grote kracht op. Wanneer het door de aardkorst naar buiten stroomt, wordt het lava genoemd.
Troggen:
Op de plek waar de plaat wegduikt, ontstaan diepe kloven in de zee, genaamd troggen. Deze kunnen dieper zijn dan .
Aardbevingen in Japan
Oorzaak van Bevingen:
Japan ligt op het grensgebied van drie platen: de Euraziatische plaat, de Pacifische plaat en de Filipijnse plaat.
De beweging gaat niet vloeiend maar schoksgewijs. Spanning bouwt zich op als een gespannen veer en ontlaadt zich plotseling, wat leidt tot aardbevingen.
Historische Aardbevingen:
Kanto-aardbeving (1923): Vernielde Tokyo en omgeving; meer dan doden.
Nieuwjaarsdag 2024: Een flinke aardbeving met meer dan doden, waardoor de angst voor rampen weer actueel werd.
De Grote Oost-Japanse Ramp (2011)
De Tohoku-aardbeving:
Vond plaats op vrijdagmiddag 11 maart 2011.
Krachtigste beving ooit gemeten in Japan met een kracht van op de momentmagnitudeschaal.
Locatie: Het hypocentrum lag op diepte in de zeebodem, voor de noordoostkust.
Duur: De beving duurde ongeveer minuten (extreem lang voor aardbevingen).
Mechanisme: Platen schoten los over een gebied van .
De Tsunami:
Door de verschuiving van de oceaanbodem ontstond een vloedgolf (tsunami).
De snelheid van de tsunami bedroeg .
In Sendai kregen bewoners slechts tot minuten van tevoren een waarschuwing.
Muur van water: De golf die de kust trof was ongeveer hoog. De golf remt af bij de kust, waardoor de achterkant de voorkant inhaalt en het water omhoog wordt gedrukt.
Impact: Schepen werden op het land geworpen en complete dorpen werden weggevaagd.
De Kernramp in Fukushima:
De tsunami veroorzaakte een explosie in de kernreactor van Fukushima door oververhitting.
De centrale was ontworpen voor golven tot , maar de tsunami was veel hoger.
Evacuatie: Bijna mensen moesten vluchten uit een straal van vanwege gevaarlijke radioactieve straling.
Lange termijn: Opruimwerkzaamheden duren minimaal jaar. Sinds augustus 2024 wordt radioactief koelwater geloosd in de oceaan, wat zorgen baart bij vissers in Japan en China.
Balans van de Ramp:
Dodental: Bijna (waarvan door verdrinking).
Gewonden: Meer dan .
Vermisten: Ruim .
Schade: Honderden miljarden euro's.
De Vulkaan de Aso
Locatie en Ontstaan:
Gelegen op het eiland Kyushu.
Ontstaan door subductie van de Pacifische en Filipijnse plaat onder de Euraziatische plaat.
De Caldera:
Een caldera is een kilometers brede krater die ontstaat na een krachtige uitbarsting waarbij de magmakamer leegstroomt en het dak instort.
Afmetingen: De caldera van de Aso meet (oost-west) bij (noord-zuid). De omtrek is .
Bewoning: Er wonen mensen binnen de krater. Er zijn akkers, wegen en spoorwegen op de kraterbodem.
Activiteit van de Aso:
Gevormd door vier uitbarstingen tussen en jaar geleden.
De grootste uitbarsting slingerde meer dan lava de lucht in, met asregens en pyroclastische stromen (gloedwolken) over heel Kyushu.
In het midden liggen vijf nieuwe vulkanen, waarvan de Nakadake nog actief is (laatste uitbarsting in 2021).
Toerisme en Voordelen van Vulkanisme
Hot Springs: Warmwaterbronnen die geothermisch worden verwarmd. Deze bevatten opgeloste mineralen en hebben een vermeende genezende werking.
Vruchtbare Bodem: Vulkanisch gesteente valt na duizenden jaren uit elkaar en vormt zeer vruchtbare grond voor rijstvelden en akkers.
Bouwmaterialen: De pyroclastische stroom vormde tufsteen (aan elkaar gekitte vulkanische as), een zacht gesteente gebruikt voor huizen en bruggen.
Toerisme: De spectaculaire landschappen trekken bezoekers aan, wat zorgt voor inkomsten en werkgelegenheid.
Kernbegrippenljst
Aardbeving: Schokkende beweging van de aardkorst door endogene krachten.
Aardkorst: Buitenste laag van de aarde (gemiddeld onder oceanen, onder continenten).
Breuk: Barst of scheur in de aardkorst.
Continentale plaat: Lichter gedeelte van de aardkorst dat een continent vormt.
Convectiestroom: Stroming van gesmolten gesteente binnen in de aarde.
Endogene kracht: Kracht van binnenuit de aarde.
Exogene kracht: Kracht van buitenaf (bijv. plantengroei, weer).
Epicentrum: Punt aan het oppervlak loodrecht boven het hypocentrum.
Hypocentrum: Plaats diep in de aardkorst waar de beving begint (aardbevingshaard).
Momentmagnitudeschaal: Schaal voor de kracht van een aardbeving.
Schaal van Mercalli: Schaal voor de schade en heftigheid van een aardbeving.
Seismoloog: Wetenschapper die aardbevingen bestudeert.
Subductie: Het wegduiken van een oceanische plaat onder een continentale plaat.
Tsunami: Hoge vloedgolf veroorzaakt door een zeebeving.
Zeebeving: Aardbeving met het hypocentrum in de zee.