Hoofdstuk 6: China
1 China en Taiwan
1.1 actuele ontwikkelingen
historische wapendeal tussen Washington en Taipei
→ verkoop defensief materieel 11,1 miljard dollar
→ versterking defensie onder
=> China: grootschalige militaire oefening: omsingeling en simulatie blokkade
=> Japan: existentiële dreiging (defensie uitgaven verhoogd: veiligheid)
VS en Japan: Eén-Chinabeleid
→ diplomatiek evenwicht
→ Volksrepubliek China enige wettige regering, feitelijke ondersteuning democratische autonomie en veiligheid van Taiwan (Taiwan Relations Act) = informeel
→ vb American Institue in Taiwan (private organisatie) (officieuze ambassade): economische en culturele banden
1.2 historische achtergrond
Japanse nederlaag in WOII
→ controle China
→ nationalistische Kwomintang olv Chiang Kai-Shek vs communistische revolutionaire olv Mao Zedong
december 1949: nationalisten naar Taiwan
→Westen: enige wettige regering (Koude Oorlog) + militaire en economische steun
1972 Richard Nixon: toenadering volksrepubliek China
1979 Jimmy Carter: erkenning
→ diplomatieke verschuiving (zetel in VN-Veiligheidsraad)
→ economische groei door integratie wereldeconomie
=> golfbeweging
Taiwan: democratie en kapitalisme ‘opstandige provincie’
→ troef: chips : halfgeleiders
2 Chinese keizerrijk
2.1 Chinese beschaving
5000j geleden langs Gele rivier
→ surplusproductie → beroepsspecialisatie → steden, staten →gelaagde samenleving → schrift → culturele tradities
vb Taoïsme, confucianisme
2.2 Chinese keizerrijk
300 v.C.: Huangdi (heerser Qin eerste keizer)
→ postitie bekrachtigd door Tianzi (Zoon van de Hemel): Hemels Mandaat om te heersen over ‘alles onder de hemel”
→ onstaan Middenrijk of Zhongguo
→ centraal gezag en standaardisatie (ambtenaren: mandarijnen)
→ China ‘middelpunt wereld’’superieur” tov barbaren
→ 2000j
2.3 Qing-Dynastie (1644-1912)
gesticht door Mantsjoes
→ namen cultuur en bureaucratisch systeem over
→ besturen Han-Chinese meerderheid
→ grootste omvang
→ : voedseltekort en armoede → opstanden (vb Taiping-opstand)
2.4 Eeuw van de vernedering (1839-1949)
territoriale verliezen, militaire nederlagen, gedwongen opname in internationaal systeem
buitenlands inmenging ook economische oorzaak
→ opium als handelsmiddel
→ grootschalige verslaving en sociale problemen
1839-1842: Eerste Opiumoorlog
1856-1860: Tweede Opiumoorlog
→ ongelijke verdragen: soevereiniteit aangetast
begrippen
afstaan territorium
concessiegebieden
pachtgebieden
extraterritorialiteit
herstelbetalingen
verdragshavens
verlies douane-soevereiniteit (tarieven)
meestbegunstigingsclausule
infrastructuurconcessies
godsdienstvrijheid
2.5 meer verlies territorium en invloed, buitenlandse inmenging (loop 19de eeuw)
1884-1885: Chinees-Franse Oorlog: verlies Vietnam
1894-1895: Eerste Chinees-Japanse Oorlog: verlies Taiwan en Korea
einde 19de eeuw: ‘verdeling van de koek’
= GB, Fr, Dui, Rus, Jap: China informeel opgedeeld in invloedssferen met economische en politieke dominantie
geen totale kolonie
te grote opp en bevolking
internationale rivaliteit
2.6 Bokseropstand (1899-1901)
= gewelddadige, anti-buitenlandse opstand
→ neergeslagen door Achtlandencoalitie
→ 1901: Bokserprotocol: astronomische boete+ buitenlandse troepen in hoofdstad stationeren
→ ondermijning gezag Qing-dynastie
→ 1911: Xinhai-revolutie
→ 1912: val Chinese keizerrijk (Puyi afgetreden) → republiek China
struct
armoede en economische ontwrichting
zwakte in keizerlijk bestuur
buitenlandse inmenging en verlies soevereiniteit
4 De Chinese Revolutie
Russische revolutie
gelijkenissen
reusachtige, multi-etnische keizerrijken
katalyserende rol: buitenlands inmenging en verwoestende impact wereldoorlogen
macht naar communisten
verschil: tempo (30j)
grotere buitenlandse druk
→ concessies, ongelijke verdragen, invloedssferensterker gefragmenteerd
→ zwakke centrale gezag: krijgsheren met controle eigen regiooverwegend agrarische samenleving: steun boeren nodig
2 rivaliserende partijen
Kwomintang (1912): nationalisten < - > CCP: Chinese communistische Partij (1921)(industrialisatie, beëidiging buitenlandse overheersing)
eerst samenwerking: gezamenlijk doel: macht krijgsheren beperken
1925: dood Sun Yat-sen dood -> KMT naar Chiang Kai-Sek
→ einde samenwerking
→ 1927: Chinese burgeroorlog
KMT: bezittende klasse
CCP: stedelijke arbeiders → boeren
1934-1935: Lange Mars
→ CCP onder Mao Zedong barre tocht naar noorden (overhand en omsingeling)
→ guerillastrijd vanuit achterland
→ WOII onderbreking
→ 1949: Volksrepubliek China
→ nationalisten naar Taiwan