E-commerce

Pagina 1

  • E-COMMERCE WEBSITES EN WEBSHOPS

Pagina 2

  • FOCUS 1: WAT IS E-COMMERCE

    • Denk aan het woord ‘commerce’: handel.

    • 'E' staat voor Electronic, dus elektronisch.

    • E-commerce betekent kopen en verkopen op het internet.

Pagina 3

  • Vijf handelingen via een website:

    • Contactgegevens opzoeken.

    • Openingsuren raadplegen.

    • Assortiment bekijken.

    • Bestellingen plaatsen.

    • Chatten met de klantendienst.

    • Referenties bekijken.

Pagina 4

  • Vijf producten en diensten die online te koop zijn:

    • Producten:

      • Kledij

      • Voeding (bv. Hello Fresh)

      • Ipad

      • Juwelen

      • Stap

    • Diensten:

      • Ticket voor concert

      • Bioscoopticket

      • Vakantie

      • Air bnb

      • Online interviewadvies

Pagina 5

  • Verloop van een online bestelling:

    • Account aanmaken (gegevens worden verzameld).

    • Assortiment verkennen en concurreren.

Pagina 6

  • Bestelling plaatsen:

    • Artikelen in het winkelmandje plaatsen.

    • Doorverwezen naar de betaalpagina.

Pagina 7

  • Orderverwerking:

    • Bestelling wordt verwerkt en naar een transportbedrijf verzonden.

    • Pakketbezorger levert het pakket af.

Pagina 9

  • HET VERSCHIL TUSSEN E-BUSINESS EN E-COMMERCE

    • E-commerce omvat handelingen zoals:

      • Contactgegevens opzoeken

      • Openingsuren raadplegen

      • Assortiment bekijken

      • Bestellingen plaatsen

      • Chatten met klantendienst

      • Referenties bekijken

Pagina 11

  • E-BUSINESS VS E-COMMERCE

    • Informatie over het bedrijf is beschikbaar, maar er kan geen bestelling geplaatst worden (geen geldtransactie) - dit is e-business, geen e-commerce.

Pagina 12

  • TUSSEN WIE KUNNEN ZAKELIJKE HANDELINGEN PLAATSVINDEN

    • Begrippen: B2B, B2C, C2C.

Pagina 13

  • B2B (Business to Business)

    • Handel tussen bedrijven.

    • Voorbeeld: Webwinkel van Bicobel.

Pagina 14

  • B2C (Business to Consumer)

    • Handelaar aan consument.

    • Voorbeeld: Torfs.

Pagina 15

  • C2C (Consumer to Consumer)

    • Particulieren onderling.

    • Voorbeelden: eBay, 2dehands, Vinted.

Pagina 16

  • B2G (Business to Government)

    • Handel tussen bedrijven en overheid.

    • Voorbeeld: Papiergebruik overheid.

Pagina 17

  • FOCUS 2: VOOR- EN NADELEN VAN E-COMMERCE

    • Grootste stijging: 2020, door coronacrisis.

    • Winkels gesloten, mensen moesten online kopen.

Pagina 18

  • VOOR- EN NADELEN VOOR DE KLANT

    • Belangrijkste redenen om online aan te kopen:

      • Gemak

      • Geen rekening houden met openingsuren

      • Tijdswinst

      • Kunnen vergelijken

      • Producten uit het buitenland

      • Nadelen:

        • Kan niet passen of voelen

        • Artikel kan anders uitvallen dan verwacht

Pagina 21

  • VOORDELEN VAN E-COMMERCE VOOR DE EIGENAAR

    • Kostenefficiëntie:

      • Lagere opstartkosten dan fysieke winkel.

      • Geen hoge huurkosten, vaak vanuit eigen huis werken.

Pagina 22

  • Groot klantenbereik:

    • Geen geografische beperkingen, internationale verkoop.

    • Vergroot afzetgebied en omzet.

Pagina 23

  • Hogere kans op meerverkoop:

    • Suggesties op basis van winkelmandje of eerdere aankopen.

Pagina 24

  • Altijd bereikbaar:

    • Consumenten kunnen 24/7 aankopen doen.

    • Biedt kansen tijdens crises (bv. coronamaatregelen).

Pagina 25

  • NADELEN VOOR DE EIGENAAR

    • Verwachtingen van klanten: snelle levering zoals grote webwinkels.

    • Retourkosten kunnen oplopen.

    • Concurrentie is hevig, scherpere prijzen.

Pagina 28

  • FOCUS 3: ONLINE COMMUNICATIE

    • Klantenservice biedt hulp voor/nadat producten of diensten gekocht zijn.

Pagina 29

  • Verschil offline en online communicatie:

    • Offline: face-to-face, brief, telefoon.

    • Online: e-mail, sociale media, chat.

    • Online communicatie biedt bewijs, persoonlijker, en kan anoniem zijn.

Pagina 31

  • FOCUS 4: WETGEVING IN VERBAND MET E-BUSINESS

    • 4.1 WET OP DE PRIVACY (GDPR)

Pagina 32

  • GDPR:

    • Persoonsgegevens moeten veilig zijn.

    • Personen hebben recht op toegang en wijziging van gegevens.

    • Datalekken moeten snel gemeld worden.

Pagina 33

  • Privacybeleid van Torfs:

    • Informatie over gegevensverzameling en gebruik.

Pagina 34

  • FOCUS 4: WETGEVING I.V.M AUTEURSRECHT

Pagina 35

  • Uitzonderingen op auteursrecht:

    • Citaatrecht: Korte citaten met bronvermelding toegestaan.

    • Privégebruik vaak toegestaan.

Pagina 38

  • Sites voor rechtenvrije foto’s:

    • Shutterstock (professioneel, betalend)

    • Canva (verbetering in aanbod)

    • Pixabay, Pexels (met reclame).

Pagina 39

  • Gebruik van foto’s zonder toestemming:

    • Dit is diefstal, niet toegestaan.

Pagina 40

  • RECHTSTATEMENTS - OEFENINGEN

    • Juist of fout vragen over regelgeving.

Pagina 52

  • Toestemming voor fotocommodatie:

    • Schriftelijke toestemming is niet altijd vereist bij evenementen.

Pagina 60

  • INFORMATIEVERPLICHTING BIJ VERKOOP OP AFSTAND

    • Verplicht: identiteit, locatie, contactinformatie, productkenmerken, prijs inclusief BTW, en herroepingsrecht.

Pagina 63

  • HERROEPINGSRECHT:

    • Consumenten kunnen binnen 14 dagen gratis van overeenkomst afzien.

Pagina 65

  • FOCUS 6: ELEMENTEN VAN EEN WEBSITE

    • Noodzaak van een goede website: zichtbaarheid, professioneel, info verstrekken.

Pagina 67

  • STRUCTUUR VAN EEN WEBSITE:

    • Bestaat uit Header, Menu, Content, en Footer.

Pagina 70

  • BELANGRIJKE ELEMENTEN VAN EEN WEBSITE:

    • URL, domeinnaam, logo, favicon, call to action.

Pagina 79

  • TIPS VOOR DOMEINAAM:

    • KISS-principe: simpel en duidelijk.

Pagina 81

  • ONTWERP DE STRUCTUUR VAN EEN WEBSITE:

    • Duidelijke structuring maakt informatie toegankelijk.

Pagina 90

  • FOCUS 8: SEO (Search Engine Optimization)

    • Optimalisatie van zoektermen voor betere resultaten.

Pagina 92

  • FOCUS 8: SEA (Search Engine Advertising)

    • Adverteren via zoekmachines, betaling per klik voorkeursmodel.