Nederlanders en Wereldburgers - (presentatie)

Situering

  • Late Middeleeuwen: Centralisatie door Bourgondische hertogen.

  • Laatste Bourgondische hertog sterft. Erfgenaam is een vrouw die trouwt met een Habsburger.

Probleemstelling

  • Hoe verging het de Nederlanden in het wereldrijk van de Habsburgers?

  • DV1: Hoe werden de Nederlanden deel van een wereldrijk?

  • DV2: Welke rol speelden de Antwerpenaren in het wereldrijk van de Habsburgers?

  • DV3: Waarom zijn België en Nederland vandaag twee aparte landen?

DV1: Hoe werden de Nederlanden deel van een wereldrijk?

  • Huwelijkspolitiek:

    • Maria van Bourgondië trouwt met Maximiliaan van Oostenrijk (Habsburger).

    • Filips de Schone (zoon van Maria en Maximiliaan).

    • Johanna van Castilië ("De waanzinnige") trouwt met Filips de Schone.

    • Karel V (zoon van Johanna en Filips).

    • Ferdinand van Aragon en Isabella van Castilië (grootouders van Karel V).

Karel V, een vorst uit een uitzonderlijke familie

  • Geboren in 1500 in Gent.

  • Erft vele gebieden door huwelijkspolitiek.

  • Zegde: "In mijn koninkrijk gaat de zon nooit onder."

  • Zegde: "Anderen voeren oorlog, gij, gelukkig Oostenrijk, huwt."

  • Erft het Heilige Roomse Rijk (HRR) niet zomaar.

Karel V probeert zijn gebied te besturen

  • Verkozen door 7 keurvorsten in 1519:

    • 3 bisschoppen.

    • 4 wereldlijke vorsten (1 hertog, 1 koning, 2 graven).

    • Keizer HRR.

  • Huwelijk (met nicht) in 1526: extra gebieden.

  • Centralisatiepolitiek:

    • Raden en vertegenwoordigers (Staten Generaal).

    • Uiterlijk veel macht (door deelname van adel en burgers), realiteit helemaal niets.

Staten-Generaal

  • Lokaal bestuur.

    • Dezelfde vorst.

    • Centrale instellingen (Staten-Generaal).

  • Raad van vertegenwoordigers:

    • Nederlandse hoge adel.

    • Stedelingen.

    • Geestelijken.

  • Functie: koninklijke besluiten goedkeuren.

De Nederlanden

  • Geen hechte staat.

    • Katholicisme.

    • Groot en verspreid rijk.

    • Andere koningen maken het moeilijk.

  • Koning kan niet overal tegelijk zijn → landvoogd(es): ’Heer der Nederlanden’.

Protestantisme

  • Opvattingen van Luther (1519) verbreken katholieke eenheid.

  • 1520-1521: veroordeling stellingen en excommunicatie (kerkban) van Luther door paus Leo X.

  • 1521: Edict van Worms.

  • Luther rijksban en zo vogelvrij.

  • Tegenreactie op reformatie: Karel vaardigt ‘Plakkaten’ uit om religieuze eenheid te bewaren → vervolgingen van andersdenkenden.

  • Bloedplakkaat: doodstraf.

De Oostenrijkse en de Spaanse Habsburgers

  • De Oostenrijkse Habsburgers:

    • Ferdinand, broer van Karel.

    • Oostenrijkse gebieden.

    • Keizerstitel → ook via verkiezing.

    • Sterk rijk in Centraal-Europa tot einde WOI.

  • De Spaanse Habsburgers:

    • Filips II, zoon van Karel.

    • Spanje, Nederlanden, Italiaanse gebieden en kolonies.

    • Filips III en Filips IV erven religieuze onverdraagzaamheid van Karel V.

DV2: Welke rol speelden de Antwerpenaren in het wereldrijk van de Habsburgers?

  • Antwerpen: dé handelsstad.

De Beurs

  • 1531: Nieuwe Beurs.

  • Dagelijks + 5000 handelaars.

  • ‘Beurs’ komt van de Brugse herberg Ter Beurse → De handelaars kwamen er samen om handelsdeals te sluiten.

Economisch verval

  • 1/2 budget werklui: voedsel (brood).

  • Mislukte oogsten → minder voedsel → veel vraag + weinig aanbod → hogere graanprijzen → x7.

  • Koopkracht daalt: lonen stijgen niet in verhouding met prijzen → stakingen.

  • Koopkracht daalt 15% → Armoedeplakkaat: herkenningsteken + toegangsverbod tavernes en kansspelen.

Ambacht/Gilde

  • Sociale ladder opklimmen: toetreden tot gilde.

  • Sociale zekerheid.

  • Regulatie en eerlijke concurrentie.

  • Elke ambacht heeft een specifieke gilde.

  • Erg dure zaak.

DV3: Waarom zijn België en Nederland vandaag twee aparte landen?

  • Filips II, zoon van Karel.

    • Spanje, Nederlanden, Italiaanse gebieden en kolonies.

    • Filips III en Filips IV erven religieuze onverdraagzaamheid van Karel V → 17e en 18e E: oorlogen tegen protestantse vorsten.

    • Financiering door koloniaal bezit.

De Nederlanden in opstand

  • Filips II → zéér machtsbelust → streeft naar absolute macht → centralisatie.

    • Gevolg? Staten-Generaal.

  • Katholicisme = #1 → protestanten vervolgen → paniek in heterogene godsdienstgebieden → veel protestantse handelaars niet meer welkom.

Neerwaartse spiraal

  • Economisch verval (staatsschuld).

  • Hongersnood (misoogst).

  • Vervolgingen (protestanten, ketters).

    • Edelen verenigen zich en smeken.

    • Margaretha van Parma vreest gewapend verzet.

    • Vervolgingen stoppen tijdelijk.

    • Wacht beslissing van Filips II af.

      • Margaretha van Parma, halfzus en landvoogdes van Filips II.

De Beeldenstorm (1566)

  • Verwoesten van religieuze beelden in katholieke kerken en kloosters.

  • Plunderingen.

  • Vaak geleid door predikanten.

    • Gebouwen werden niet vernield! = bruikbaar.

  • Het ware geloof draait om de bijbel, niet om pracht en praal.

    • Protestantisme = sober.

De hertog van Alva

  • Margaretha out, Alva in → landvoogd.

  • Vervolging en onderdrukking.

  • Gerechtshof: Raad van Beroerten → volk: Bloedraad → 6000 tot 8000 veroordelingen → + 1100 mensen kregen de doodstraf.

    • Edelen, zoals Willem van Oranje, vluchtten.

  • Nieuwe belastingen op roerende goederen.

De Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) leidt tot de scheiding van de Nederlanden

  • Willem van Oranje komt in opstand!

  • 1572: opstandelingen veroveren steden.

  • Alva herovert delen van de Nederlanden.

  • 1573: Alva wordt weggehaald door Filips II.

  • 1575: Spanje bankroet → plundertochten van Spaanse, losgeslagen troepen.

De Spaanse Furie in Antwerpen (1576)

  • De plundering van Antwerpen.

  • Verdedigers plunderen mee.

  • Stadhuis in brand → stadsbrand.

  • 2500 tot 8000 doden.

Pacificatie van Gent (1576)

  • Vredesvoorstel vanuit de Nederlanden.

  • Vereniging van 17 opstandige gewesten.

  • Voorwaarden:

    • Spaanse troepen verdwijnen.

    • Geen godsdienstvervolgingen meer.

  • Geen akkoord!

Een laatste poging

  • Herwint de Zuidelijke Nederlanden.

  • Noordelijke gewesten blijven onafhankelijk.

  • De Nederlanden zijn vanaf dan in twee delen gescheiden.

  • + 150 000 mensen vluchten naar het noorden → veilige plaats voor protestanten.

  • + 60 jaar: “Verenigde Provinciën”.

Begrippen

  • Huwelijkspolitiek: Dit is een middel om de macht van een familie te behouden of uit te breiden door tactische huwelijken te voltrekken.

  • Centralisatiepolitiek: De vorst probeert zoveel mogelijk macht naar zich toe te trekken. → Alle macht centraliseren bij één persoon.

  • De koopkracht: wat je gemiddeld kunt kopen.

  • De landvoogd: iemand die een land bestuurt in opdracht van een staatshoofd.

  • De levensstandaard: het niveau dat aangeeft hoeveel kansen en mogelijkheden een gemiddelde mens heeft op sociaal, cultureel en economisch vlak.

  • De Nederlanden: een historische benaming voor het gebied dat vandaag België, Nederland en het Groothertogdom Luxemburg omvat.

  • Gilde: een ambachtsvereniging die een sociaal vangnet vorm voor lieden van een specifieke ambacht en hier regels aan oplegt.

  • Beeldenstorm: plunderen van kerken en kloosters in 1566 waarbij beelden en religieuze voorwerpen werden vernield.

  • Staten-Generaal: vergadering met vertegenwoordigers uit de drie standen (edelen, geestelijken en stedelingen) uit de meeste Nederlandse provincies.

  • Raad van Beroerten/Bloedraad: uitzonderingsrechtbank ingesteld door Alva, voor de vervolging van protestanten.