Hoofdstuk 13 (2024-2025)

Hoofdstuk 13: De Monetaire Politiek

Inleiding

  • Dit hoofdstuk behandelt de monetaire politiek en de rol van geld in de economie.

Geldhoeveelheid

  • Definitie: Totaal bedrag aan geld in omloop binnen een economie.

  • Componenten:

    • M1 (enge geldhoeveelheid): Chartaal geld (munten en biljetten) en giraal geld (zichtdeposito's).

    • M2 en M3 (ruime geldhoeveelheid): M1 plus quasi-geld zoals spaar- en termijn deposito's.

Geldeconomie versus Ruil economie

  • Directe Ruil: Ruilen van goederen (bijv. goed A voor goed B).

  • Indirecte Ruil: Ruilen van goederen via geld.

Nadelen van de Ruil economie

  • Vereiste van een dubbele overeenkomst.

  • Toenemend aantal ruilverhoudingen.

  • Ondeelbaarheid van goederen.

  • Moeilijkheden bij kredietverlening.

Functies van Geld

  • Algemeen aanvaard ruilmiddel: Voor betalingen van goederen, diensten, schulden.

  • Bewaarmiddel van koopkracht: Geld kan behouden worden om later te besteden.

  • Rekeneenheid/Waardemeter: Geld als maatstaf voor waarde.

Het Gelaanbod

  • Basisgeld: Gecreëerd door centrale banken.

  • Giraal geld: Gecreëerd door commerciële banken.

  • Geldsubstitutie en kredietverlening: Hoe geld in de economie wordt rondgepompt.

Balans van Centrale Banken

  • Bestaat uit:

    • Activa: Internationale reserves, kredietverlening aan banken.

    • Passiva: Bankbiljetten, deposito's van commerciële banken.

Creatie en Vernietiging van Basisgeld

  • Creatie van basisgeld door:

    • Aankoop van vreemde valuta.

    • Aankoop van overheidsobligaties.

    • Kredietverlening aan banken.

  • Vernietiging van basisgeld door:

    • Verkopen van vreemde valuta.

    • Terugbetaling van kredieten aan de centrale bank.

Aanbod van Giraal Geld Door Banken

  • De rol van individuele banken en hun overreserves bij kredietverstrekking.

  • Principe van "loans make deposits": Kredietverstrekking creëert nieuw geld.

Geldvraag

  • Determinanten:

    • Nationaal Inkomen: Stijging stimuleert de vraag naar geld.

    • Rentevoet: Stijgende rentetarieven verminderen de vraag naar geld.

    • Liquiditeitsvoorkeur: Heeft invloed op de hoeveelheid geld die mensen willen aanhouden.

Geldmarktevenwicht

  • Evenwicht tussen vraag naar en aanbod van geld.

  • Effect van veranderingen in het geldaanbod op veroorzaakt veranderingen in de rentevoet.

Monetaire Politiek

  • Doelstellingen van de ECB: Prijsstabiliteit, economische groei, werkgelegenheid, stabiliteit van het financiële systeem.

  • Instrumenten: Verandering van de beleidsrente, openmarktoperaties, reserveverplichtingen.

IS-LM Model

  • Analyseert de interactie tussen de goederen- en geldmarkten.

  • IS-curve: Geeft het evenwicht op de goederenmarkt weer.

  • LM-curve: Geeft het evenwicht op de geldmarkt weer.

  • Samen vormen ze het IS-LM model dat de economische activiteit beschrijft.

Effecten van Monetair Beleid

  • Expansieve beleid: Verhoogd geldaanbod leidt tot lagere rente, stimuleert investeringen en economische groei.

  • Afgeleide Aggregatieve Vraagcurve: Variabele prijzen en hun impact op de economie.

Samenvatting

  • Monetaire politiek speelt een cruciale rol in de economie door het beheersen van de geldhoeveelheid en de stabiliteit van prijzen. De interactie van de geld- en goederenmarkten via het IS-LM model helpt ons de effecten van verschillende monetaire beleidsmaatregelen op de economie beter te begrijpen.