Begrippen
3.1
Appeasement = (Verzoening) toegeven aan eisen om de vrede te bewaren
Agressief = Aanvallend (agressie = aanval)
Asmogendheden = Duitsland, Italië, Japan en hun bondgenoten
Blitzkrieg = (Bliksemoorlog) snelle aanval
Capituleren = Overgeven (capitulatie = overgave)
Diplomatie = Overleg tussen staten
Invasie = Vijandelijke inval
3.2
Atoombom = Bom met grote vernietigingskracht
Jappenkamp = Japans concentratiekamp
Kamikaze = Zelfmoordpiloot
Seksslaaf = Persoon die gedwongen wordt tot prostitutie
3.3
Arbeidsinzet = Dwangarbeid in Duitsland
Censuur = Controle op publicaties
Collaboratie = Samenwerking
Foute Nederlander = Nederlander die tijdens de Tweede Wereldoorlog de Duitse kant koos
Gelijkschakeling = Aanpassing aan een totalitair regime
Goede Nederlander = Nederlander die tijdens de Tweede Wereldoorlog tegen de Duitsers was
Onderduiker = Iemand die zich schuilhoudt
Razzia = Drijfjacht op mensen
3.4
Doorgangskamp = Concentratiekamp vanwaar mensen worden gedeporteerd
Getto = Woonwijk van een bepaalde bevolkingsgroep
Holocaust = (Shoah) moord op joden tijdens de Tweede Wereldoorlog
Vernietigingskamp = Concentratiekamp gemaakt om mensen te vermoorden
3.5
Bevrijdingsdag = Jaarlijkse viering op 5 mei van de Duitse capitulatie in Nederland
Dodenherdenking = Jaarlijkse herdenking op 4 mei van Nederlandse oorlogsslachtoffers
Lidstaat = Land dat lid is van een internationale organisatie
Oorlogsmisdaad = Misdrijf tegen de regels in een oorlog die zijn vastgelegd in internationale verdragen
Oorlogstribunaal = Bijzondere rechtbank die oorlogsmisdadigers berecht
Veiligheidsraad = Belangrijk deel van de VN
Verenigde Naties = (VN) volkenorganisatie sinds 1945
Vetorecht = Recht om besluiten tegen te houden