Spelling

Pictografisch schriftsysteem: woorden weergeven door middel van tekeningen en afbeeldingen. De oudste manier.

Logografisch schriftsysteem: Schrift waarbij elke afbeelding correspondeert met één woord.(Chinees)

Alfabetisch schriftsysteem: een schriftsysteem waarbij de taal wordt weergegeven door afzonderlijke spraakklanken van een woord te noteren.

Grafemen: letters of lettercombinaties die een foneem (klank) weergeven.

Nederlands kent 34 fonemen en 36 grafemen. (ij, ei & au, ou)

-11.2 Spellingsprincipes van het Nederlands-

Fonologisch principe: voor elke spraakklank een aparte letter of lettercombinatie

Morfologisch principe:

  • regel van gelijkvormigheid: voor elk morfeem dezelfde lettercombinaties. (hond, honden)

  • regel van de overeenkomst: elk woord volgend dezelfde woordvormingsregels. (breedte - lengte)

Syllabisch principe:

  • Verenkelingsregel: aan het eind van een klankgroep voor een lange klank één letter.

  • Verdubbelingsregel: aan het eind van een klankgroep volgt na een korte klank verdubbeling van de volgende medeklinker.

Etymologisch principe: De herkomst van een woord is bepalend voor de spelling.

Directe spellingstrategie: Geautomatiseerde spelling

Indirecte spellingsstretegieën:

  • Fonologische strategie: Elementaire spellinghandeling

  • Klankclusterstrategie: horen welke klankclusters je nodig hebt in een woord.

  • woordbeeldstrategie: woorden als plaatje opslaan.

  • De regelstrategie: een regel toepassen.

  • De analogiestrategie: een woord schrijven door het te vergelijken met een ander woord.(overeenkomst in klankvorm of in betekenis)

  • De hulpstrategie: geheugensteuntjes en ezelsbruggetjes.

    Werkwoordspelling-

Veel werkwoorden worden geschreven volgens het fonologisch proncipe. Bij d/t woorden is dit lastiger. Hier wordt een algoritme voor aangeleerd zodat je de stappen in de juiste volgorde doet.