thema-1-kijken-vanuit-de-ruimte
Thema 1: Kijken vanuit de ruimte
1.1 Ontstaan en opbouw van het heelal
Het ontstaan van het heelal
Kosmografie is een oude wetenschap, verbonden met goddelijke opvattingen.
Afstanden in het heelal: 384.000 km van aarde tot maan; 150 miljoen km van aarde tot zon.
Astronomische eenheid (AE) en lichtjaar als maatstaven: 1 AE = 150 miljoen km; Proxima Centauri is 4,2 lichtjaar van de aarde.
De oerknal, 13,8 miljard jaar geleden, leidde tot de creatie van tijd, ruimte, massa en energie.
Kosmische achtergrondstraling ondersteunt de theorie van de oerknal.
Het ontstaan van materie
Het heelal evolueert van een hete, dichte toestand.
Natuurkrachten scheiden zich na de oerknal; protonen, neutronen, en elektronen ontstaan en vormen atoomkernen.
Het heelal wordt transparant na afkoeling, waardoor lichtdeeltjes zich vrij kunnen bewegen.
Structuur van het heelal
Gravitatiekracht vormt een netwerk van filamenten en knooppunten, waar sterren worden geboren.
Sterrenstelsels bevatten sterren, gas, stofwolken en donkere materie; grote stelsels zijn verbonden in clusters.
De Lokale Groep is een cluster van sterrenstelsels, onderdeel van de Lokale Supergroep.
De Melkweg
De Melkweg bevat 100 tot 400 miljard sterren en heeft een spiraalstructuur.
De zon bevindt zich ongeveer 27.000 lichtjaar van de kern; het sterrenstelsel heeft mogelijk zwarte gaten.
Evoluerend Heelal
Het heelal is aan het uitdijen, bevestigd door de wet van Hubble-Lemaître; sterrenstelsels bewegen van elkaar weg.
Toekomstscenario's voor het heelal: Big Crunch, Big Rip, Big Chill.
1.2 Het zonnestelsel
Het ontstaan van de zon
Een gas- en stofwolk leidde, door gravitatie, tot de geboorte van de zon, die kernfusie van waterstof naar helium bevat.
Het ontstaan van planeten en manen
Planeten ontstaan uit planetesimalen die samenklonteren; terrestrische en gasreuzen vormen zich op basis van afstand tot de zon.
Het ontstaan van andere leden van het zonnestelsel
Planetoïden en dwergplaneten ontstaan onder invloed van gravitatie; Kuipergordel heeft ijzige objecten, terwijl de Oortwolk verder ligt.
Kometen en meteoroïden
Kometen en meteoroïden komen in beweging door gravitatie; meteoroïden kunnen vurige sporen vormen bij hun passage door de atmosfeer.
Structuur van het zonnestelsel
De zon is het centrum; planeten en planetoïden draaien in banen, met duidelijk onderscheid tussen terrestrische en gasplaneten.