Untitled

TELPROBLEMEN

Hoofdstuk VI: Bosch

1) Hieronymus Bosch, een buitenbeentje
  • Wie?
    • Geboren in 1450, overleden in 1516
    • Zuid-Nederlands schilder
    • Bosch's kunst is uitzonderlijk; het behoort niet tot de Vlaamse Primitieven of de Renaissance.
    • Het staat op zichzelf.
2) Wat heeft Bosch voornamelijk geschilderd?
  • Drieluiken (triptychen) zijn zijn belangrijkste werken.
3) Wat voor soort mens brengt Bosch graag in beeld en waarom?
  • Dwazen en zondige mensen
    • Zijn boodschap is: "Zo moet het niet."
4) Iconografie van de hooiwagen (1550-1516, olie op paneel, 135 x 200 cm)
  • Gesloten luik: Een pelgrim of een marktframer: Gaat hij op het rechte pad blijven?
  • Links: Paradijs met Adam en Eva.
  • Middenpaneel: Hooiwagen waar iedereen zoveel mogelijk neemt.
    • Wat betekent 'hooi'? Hooi staat voor materiële dingen.
  • Waarom past deze titel bij dit werk?
5) De tuin der lusten (1460-66, olie op paneel, 195 x 390 cm)
  • Gesloten drieluik: De wereld zoals Bosch die voorstelde.
  • Iconografie:
    • Linkerluik: Adam en Eva in het paradijs.
    • Middenpaneel: Een schijnparadijs.
    • Rechterluik: De hel.

Hoofdstuk I: Renaissance

1) Inleiding
  • Historische en geografische situering
  • Tieafbaking
    • De nieuwe stijl, de renaissance, ontstond voor het eerst in Italië.
    • Mensen uit de renaissance verheerlijkten de kunst uit de klassieke oudheid en het Romeinse rijk, de tijd voor de middeleeuwen.
    • Het einde van de middeleeuwen situeert zich in de 15de eeuw.
    • De val van het Oost-Romeinse rijk (1453) en de ontdekking van Amerika (1492) zijn einddata van de middeleeuwen.
2) Opkomst van de nieuwe stijl (Renaissance)
  • Treden op in Italië
    • Eerste tekenen van een nieuwe stijl in de 14de eeuw (Trecento).
    • Quattrocento of de 15de eeuw is de vroege renaissance.
    • Cinquecento of de 16de eeuw is de hoogrenaissance.
    • Samenvatting:
    • Trecento: Veertiende eeuw (Giotto en Cimabue - overgang middeleeuwen naar renaissance).
    • Quattrocento: Vijftiende eeuw (vroegrenaissance).
    • Cinquecento: Zestiende eeuw (hoogrenaissance).
3) Geografie van de Renaissance
  • Centrum van de kunst verschuift
    • In de middeleeuwen was het centrum Frankrijk; de gotische stijl ontstond vanuit Parijs.
    • Aan het einde van de middeleeuwen verschuift het centrum van de kunst naar Italië.
    • Waarom Italië?
    • Frankrijk had geen goed klimaat voor een nieuwe stijl, de gotische stijl was te ingeburgerd.
    • In Italië:
    • Bestond uit staatjes en steden die elkaar regelmatig bevochten.
    • Italië zocht naar een eigen identiteit met de wedergeboorte van het ideaal van de oude Romeinen.
4) Firenze als strijder voor de vrijheid
  • Rond 1400 gedomineerd door de hertog van Milaan.
    • Oorlog van Firenze: Heizegt de grote rebel; zag zichzelf als het nieuwe Athene.
    • Deze gedachte van een vrije staat had een grote invloed op Firenze.
5) Firenze als rijke stad
  • Bankiersfamilies:
    • Steenrijke families, zoals de Medici, kochten en verkochten producten en hadden politieke invloed.
    • Cosimo de Medici geldt als de eerste grote mecenas van de renaissance.
6) Venetië en de renaissance
  • Venetië: Tweede belangrijke stad, een havenstad voor handel tussen Europa en de Oosterse wereld.
    • Kleinere republiek, bestuurd door ca. 200 families.
    • Venetië gaf veel opdrachten aan kunstenaars; prachtige renaissancepaleizen getuigen nog steeds van deze periode.
7) Term: Renaissance
  • Definitie: Het Frans voor wedergeboorte, in het Italiaans 'rinascita'.
    • Het verwijst naar de heropleving van de klassieke oudheid.
    • Kunstenaars, schrijvers, en wetenschappers werden geïnspireerd door deze heropleving.
8) Filosofie en wereldbeeld tijdens de Renaissance
  • Intellectuele houding: De renaissance is primair een intellectuele houding en minder een kunststroming.
    • Mens centraal:
    • In de middeleeuwen stond God centraal.
    • De mens, het individu komt centraal te staan in de renaissance.
    • Leven in het hier en nu, verbetering van de wereld door verstand.
9) Secularisering tijdens de Renaissance
  • Definitie: Secularisering is het proces waarbij de invloed van de kerk afneemt.
    • De rijke burgerij krijgt meer invloed dan de kerk.
    • Onderwerpen in de kunst zijn niet meer uitsluitend christelijk.
10) Realisme in de beeldende kunst
  • Nadruk op het aardse leven boven God.
    • Perspectieftekenen: Ontwikkeling van regels om ruimte correct weer te geven.
    • Voorbeeld: Masaccio, de Triniteit (1425-1428, fresco).
  • Iconografie: Drie-eenheid (vader, zoon, heilige geest).
11) Realistische anatomie en naturalistische weergave
  • Anatomische kennis en natuurgetrouwe weergave in kunst.
    • Compositie en harmonie: Juiste verhoudingen, evenwicht, symmetrie, rust; doel is ideale schoonheid.
12) Quattrocento of Italiaanse vroegrenaissance
  • Eerste schilder die perspectief toepast is Giotto di Bondone.
  • Masaccio: Begin 15de eeuw, werk met rationeel doordacht perspectief.
13) De ‘uitvinding’ van Brunelleschi
  • Formulering van de regels van het perspectief.
14) Botticelli's meesterwerken: Primavera
  • Documentaire: La Primavera (1482).
  • Protagonisten: Venus, Mercurius, Zephyros, de drie genieën (schoonheid).
15) De geboorte van Venus (1485)
  • Onderwerp: Mythologie; Venus geboren uit de zee.
    • Botticelli's lineaire stijl; gebruik van contouren.