frans

De futur simple en de conditionnel hebben allebei dezelfde stam. De uitgangen en de vertaling zijn echter verschillend.

Le Futur Simple (De Onvoltooid Toekomende Tijd)

Hier is de vervoeging voor het werkwoord "donner" (geven):

Frans

Nederlands

je donnerai

ik zal geven

tu donneras

jij zal geven

il/elle/on donnera

hij/zij/men zal geven

nous donnerons

wij zullen geven

vous donnerez

u zal / jullie zullen geven

ils/elles donneront

zij zullen geven

Le Conditionnel (De Voorwaardelijke Wijze)

Hier is de vervoeging voor het werkwoord "donner" (geven):

Frans

Nederlands

je donnerais

ik zou geven

tu donnerais

jij zou geven

il/elle/on donnerait

hij/zij/men zou geven

nous donnerions

wij zouden geven

vous donneriez

u zou / jullie zouden geven

ils/elles donneraient

zij zouden geven

Je gebruikt de conditionnel in de onderstaande gevallen:

  • Uit beleefdheid:

    • "Je voudrais participer à cette manifestation." (Ik zou graag mee willen doen aan deze demonstratie.)

  • Bij een voorwaarde:

    • "Si j'étais ministre, je protéegerais mieux la nature." (Als ik minister was, zou ik de natuur beter beschermen.)

  • Bij een veronderstelling:

    • "Ce serait sympa de planter des arbres ensemble." (Het zou leuk zijn om samen bomen te planten.)

De futur simple en de conditionnel van onregelmatige werkwoorden vind je in de Référence, vanaf blz. 7.

Si + Voorwaarde

Bij zinnen die beginnen met "si" (als), en dus een voorwaarde aangeven, gebruik je verschillende tijden in de hoofd- en bijzin.

Als 'si' gevolgd wordt door een présent, dan gebruik je de futur simple in de hoofdzin.

  • Voorbeeld: "Si tu éteins ton ordinateur, Il consommera moins d'électricité.

  • Als je je computer ultzet, zal hij minder electriciteit gebruiken

Als si gevolgd wordt door een imparfait, dan gebruik je in de hoofdzin de conditionnel

  • Si j'avais le temps, je donnerals des cours de soutien aux enfants.

  • Als ik tijd had, zou ik bijles geven aan kinderen.