romeins recht tijdlijn
7e eeuw v.C
7e eeuw – 509 v.C : Koninkrijk
650 v.C : stichting Rome
6e eeuw v.C
509 – 367 v.C : Vroege Republiek
5e eeuw v.C
449 v.C : goedkeuring van de twaalf tafelenwet
- civiel voorrechtenstatuut voor krijgers
- te gebruiken voor mensen uit omgeving bij optreden in gemeenschap van goederen wat dus de oorsprong was van de familia
- successie recht
- testament
- regels van strafrecht en vreedzaam samenleven
- gemeenschappelijke procedure voor patriciërs en plebejers
- kapitale straffen die verlies van civiel statuut in hielden
(foute interpretatie in sommige bepalingen zoals ‘talio est’ ‘dan zal hetzelfde geschieden’)
4e eeuw v.C
367 – 17 v.C : Volle Republiek
367 v.C : Leges Liciniae Sextae
- wetgeving die structuur van Rome voor eeuwig zou bepalen door Linius Sextus
339 v.C : senaat bekrachtigd niet langer de besluiten van de comitia
312 v.C : Lex ovinia
- senatoren niet langer door consuls maar door censoren aangeduid
3e eeuw v.C
300 v.C : pontificaat nu ook toegankelijk voor plebejers
287 v.C : opname van de concilia plebis in de stemcomités
286 v.C : Lex Aquilia
- van de concilia plebis
- regeling van aanspraklelijkheid bij onrechtmatige daad
- bij doden van slaaf of viervoetig dier bedraagt schadeloosstelling hoogste waarde van voorbije jaar
- bij verwonden van slaaf of viervoetig dier of beschadiging van een zaak bedraagt schadeloosstelling hoogste waarde van voorbije dertig dagen
242 v.C : aparte praetor voor conflicten waarbij perigrini betrokken waren die ius gentium toe pastte
2e eeuw v.C
200 v.C : civitas sine suffragio in Italie
- volledig civiele voorrechten voor iedereen
- uitzondering van stemrecht in Rome
168 v.C : afschaffing militaire dienstplicht
→ demilitarisering van het civiele voorrechten statuut
→ vol civiel statuut voor alle vrije inwoners
→ geen onderscheid meer tussen ius civile en ius gentium nodig
1e eeuw v.C
30 v.C : verovering Egypte door Octavianus
27 v.C : beeindiging van de burgeroorlog door Octavianus
27 v.C: Octavianus verklaard de republiek gerestaureerd en krijgt titel Augustus
23 v.C : Augustus (de verhevene) wordt als volkstribuun voor het leven en dus onschendbaar
17 v.C – 284 v.C : Vroege Keizerrijk (principaat) 1e eeuw
→ nauwgezet respect van de gouverneurs voor de edicten wat leidt tot uniformering (Lex Cornelia) → man en vrouw op zelfde hoogte geplaatst in verkiezingen en politieke rechten (Lex irnitana)
2e eeuw
117-138 : keizer Hadrianus (kinderen krijgen geboorte statuut van moeder)
130 : eeuwig edict van Hadrianus (overname praetorisch recht)
150 : instituten van Gaius
3e eeuw
284-565 : Late Keizerrijk (dominaat)
- Keizerlijke rechtbank krijgt monopolie over strafrecht
- Paulus, Papinianus, Ulpianus, Modestinus waren belangrijke juristen
- Cyprianus Latijnse bisschop romeins recht met
- Lactianus met institutiones diviniae
212 : constitutio antoniana geeft volledig burgerschap voor alle vrije inwoners van het rijk
235 : moord op Alexander Severus wat leidt tot politieke instabiliteit
284 : Diolectianus
- herschikking van de instellingen
- tweedeling van het rijk met elk eigen administratie
291 : Codex Gregorianus
293 : Tetrarchie
295 : Codex Hermogenianus
4e eeuw
→ Ambrosius Latijnse bisschop (invloed romeins recht op christelijke doctrine)
→ vergelijking van de normen van Mozes met uitspraken van de vijf klassieke juristen uit de CodexGregorianus en Hermogenianus
305 : troonafstand Diolectianus
310 : machtsgreep Constantijn (einde tetrarchie)
313 : conferentie van Milaan : samenwerking Constantijn en bischoppen
318 : erkenning van bisschoppelijke uitspraken in private conflicten
• •
325 : Constantinopel wordt tweede hoofdstad met gelijke rang Rome
380 : Edict van Thessalonki oftewel decreet van Theodosius
- Christendom als officiële Godsdienst
- In praktijk niet helemaal waar
5e eeuw
→Bischoppelijke / vorstelijke rechtspraak
400 : Epitome Gai een bewerking van de instituten van Gaius
426 : citeerwet (enkel de vijf belangrijkste juristen bindend voor rechtbanken
439 : Codex Theodosianus zowel bindend in Oost als West
452 : Prefectuur Valentianus III beslist dat bisschoppen enkel nog bevoegd zijn voor conflicten met de clerus en typisch kerkelijke aangelegenheden
476 : Val West-Romeinse rijk
- Prefecturen blijven doorwerken voor kleinere gebieden
- Stadsprefectuur komt onder pauselijke controle
6e eeuw
• 510 : Lex Romana Bourgondionum een voorbeeld van de eigen rechtspraak van de Germaanse vorstendommen
528 : Justinianus keizer in Oosten
229 : Codex Theodosianus verliest gezag in Oosten door invloed van de Codex Justinanus
530 : ’50 beslissingen’ hervormingen geïnspireerd door Codex Justinianus
590 : Gregorius de Grote verkozen tot Paus (was daarvoor praefectus urbi)
7e eeuw
600 : constituties sirmondianae (belangrijke collectie met vele voordelen voor bisschoppen)
603 : bisschoppen moeten rechtspraak verder zetten volgens romeinse cognitie procedure
op vraag van Paus Gregorius de Grote
8e eeuw
728 : Rome volledig onafhankelijk van Constantinopel en Keizerrijk
761 : Paus krijgt alle jurisdictie van het exarchaat Ravenna (was Byzantijns deel van Italië)
9e eeuw
800 : Karel de grote wordt gezalfd en gekroond tot Keizer door de Paus → feodaliteit (opsplitsing feodale rechtsmacht)
→ Codex Theodosianus verliest ook in Westen gezag
→ biechtboeken met richtlijnen voor biechtvaders10e eeuw
→ loskoppeling bisschoppen – feodale orde
→ bisschoppelijke (kerkelijke) goederen niet langer van leenheren maar allodiaal11e eeuw
→ ontstaan universiteiten (Bologna)
→ ontstaan van het idee van de kerk als vereniging en instelling door Paus Gregorius II→ legisten (rechtsgeleerden; Lanfrancus van Pavia) en canonisten (kerkelijke rechtsgeleerden)
→ doorbraak Justiniaanse recht aan universiteiten (model van deugdzame samenleving met plaatsvoor zowel keizer als Paus)
12e eeuw
→ opkomst van steden (en stedelijke rechtbanken door leenrecht)
→ rondtrekkende rechters (later organisatie van permanente hoven voor beroep door de grotebisdommen)
1122 : Concordaat van Worms en eind investituursstrijd tussen Paus en Keizer
1125-1150 : toevoegingen aan Codex Justinianus waaronder oude romeins rechtelijke teksten over verhouding keizerlijke en bisschoppelijke rechtbanken
1140 : nieuwe versie van het Decretum Gratiani (kerkrechtelijke collectie)
13e eeuw
→ Azzo (summa codicis) en leerlingen Accursius (glossa ordinare) en Balduini (repetitio) deceerden → Durand
→ Cynus de Pistoia (glossator en commentator)
→ Thomas van Aquino (vrijheidsbegrip als doen wat je wil zonder ander te schaden)→Vrijheidsstatuut voor alle burgers
• 1234 : Decretalen van Gregorius
- bundeling van alle canonieke rechtspraak sinds Gratianus- index : maatschappelijke organisatie - iudicium : gerechtelijke procedure
- clerus : statuut en testamentenrecht - conubium : huwelijk- crimin : strafrechtelijke beginselen
1274 : sluiting universiteit Bologna door burgeroorlog
1274 : Orléans steekt universiteit Bologna voorbij
- Jaques de Revigny
- Pierre de Belleperche
14e eeuw
→ Bartolus de Saxofferato (nieuwe manier van lesgeven, rr als ius commune, commentator) → Baldis de Ubaldis (hield rekening met Griekse logica en moraalfilosofie, commentator)
→ vrijheidsstatuut voor alle vrij geboren mensen maar je kan het verliezen
• 1350-1450 : verminderende bevolking door de Pest - conservatisme
- lange bewaring van het Bartolisme
- veel commentaren op Corpus iuris- alle rechtsfaculteiten op zelfde golflengten
15e eeuw
→ einde van de middeleeuwen (terugdringing feodaliteit door invoer hoger beroep bij leenheer) → bevolkingsgroei (en ook economische groei)
• 1450 : boekdrukkunst
1453 : val Oost-Romeinse rijk
1453 : vloedgolf Griekse immigratie naar West-Europa
- grote invloed
- absolute soevereine raden16e eeuw
→ Hugo Grotius (civiele rechten komen toe aan subject en oorlog mag daar niets aan veranderen) → Fransisco de Vittoria (school van Salamanca ; internationaal recht ; samenleving moet bekeken
worden vanuit theologie, canonistiek en legistiek) → Balthasar (de iure belli ; oorlogsrecht)
→ veel absolutistische regimes en vorstelijke oorlogen
→ kerkelijke rechtbanken onderworpen aan soevereine raden
1521 : castiliaanse burgers komen op voor hun rechten tijdens bewind van keizer Karel
1550 : Karel V beslist dat slavernij sinds de middeleeuwen niet meer bestaat
- Indianen moeten als burgers worden beschouwt
- civiel recht is van toepassing op iedereen
1554 : Hopperus (rechtbanken gebonden aan de aangeboren rechten)
1565 : Jacob Reyvaert geeft de twaalf tafelen wet uit
1577 : stichting van vier koninklijke leerstoelen in Leuven door Filips II (2 rr, 2 canoniek)
eind 16e eeuw
→schepper zorgt bij de geboorte voor natuurrechten
→nadruk op ethiek in het ius commune (stelling van Lessius aanvaardbaar voor iedereen)
17e eeuw
→ vorst krijgt macht van God (verantwoording verschuldigd op laatste oordeel)
→ doorleving vorstendom via verkiezingen en consensus in plaats van privaat eigendom →verlichting en rationalisme
→ ontstaan van autonome rechtstakken privaat en publiek recht1625 : Hugo Grotius : de iure belli ac pacis (vredesrecht als reactie op oorlogsrecht)
1648 : Vrede van Westfalen (vredes verdrag eind dertigjarige oorlog) Eind 17e eeuw
→succesvolle ontmanteling absolutisme
18e eeuw
→ aangeboren rechten : school van het natuurrecht → verinnerlijking van het recht
→nood aan codificatie (privaatrecht)
→nood aan constitutionalisering (publiek recht)
1804 : Code Civil
1806 : afschaffing Heilig Roomse rijk
1815 : Congres van Wenen
1866 : Bewerking van de Twaalftafelen door Scholl (standaardtekst geworden)
1895 : Burgerliches Gesetzbuch (BGB) Duitsland