HH emodule: huid & huidderivaten

onderwerpen

ontwikkeling & opbouw vd huid

aanpassingen vd huid

  • haren

  • vachttypen

  • voetzolen

  • hoeven

  • klieren

  • veren

  • schubben

verband tussen huid & thermoregulatie, barrierefuncties, homeostase en gedrag

pathologische huidveranderingen

1. de normale huid

1.1 algemene opbouw vd huid

  • huid beschermt tegen binnendringen milieu dingen + vochtverlies

    • haar op de huid rol bij warmteregulatie

  • huid bestaat uit 2 delen: epidermis & dermis

    • epidermis bestaat uit meerlagig verhoornd plaveiselepitheel

      • ectodermale oorsprong

    • dermis bestaat uit bindweefsel + daarin adnexa, bloedvaten, zenuwen

      • mesodermale oorsprong

    • onder dermis meestal hypodermis (subcutis): losmazig elastisch BW → elastische verbinding w onderliggend weefsel → bepaald verschuifbaarheid

      • heeft kleine bloedvaten die cutane plexus vormen → bloedvoorziening huid + thermoregulatie

      • waar onderhuids vet wordt opgeslagen

    • op overgang naar fascielaag ligt subcutane plexus

algemene opbouw vd huid

epidermis

lagen van epidermis
  • 2 typen cellen in epidermis

    • niet-keratinocyten: melanocyten, Merkel cellen (tactiele epitheliale cellen), cellen van Langerhans (intraepidermale macrofagen)

    • keratinocyten

  • epidermis dikte variabel - afhankelijk van locatie, diersoort & belasting

    • ook dikte vd dif epitheel lagen verschilt - soms ontbreken hele lagen

  • dermis vergelijkbare variaties in dikte

    • BW in dermis heeft veel collageenbundels die evenwijdig aan oppervlak lopen

    • tussen vezelbundels liggen gebieden met meer celrijk BW met daarin bloedvaten+zenuwen

dunne huid

dikke huid (planum nasale koe)

dunne epidermis

dikke epidermis

stratum disjunctum aanwezig

stratum disjunctum afwezig (krijgt geen kans om te vormen bc planum wordt intensief gebruikt → schilfers raken los)

merocriene zweetklieren afwezig

merocriene zweetklieren aanwezig

subcutis aanwezig

subcutis afwezig

veel haren aanwezig

weinig/geen haren aanwezig

  • s. disjunctum = laag van s. corneum dat deels loszit → kan op planum nasale niet vormen bc door intensief gebruik raken schilfers makkelijk los

  • dermale papillen goed ontwikkeld in planum nasale voor stevigheid

  • functie desmosomen in s. spinosum: aanhechting naburige cellen + weefsel stevigheid

    • intracel hechting aan intermediaire filamenten → sterke verbinding → onderlinge samenhang + stevigheid

  • functie hemidesmosomen: verbindt s. basale aan basaalmembraan

  • functie subpapillaire plexus: thermoregulatie via huid (+voeding&O2 voor epidermis)

    • rood hoofd na sport ← incr doorbloeding in vnl subpap plexus

1.2 keratinisatie

keratinisatieproces in de verschillende lagen

  • s. corneum

  • s. lucidum

  • s. granulosum

  • s. spinosum

  • s. basale: deling → formatie nieuwe cellen locatie van:

    • Merkelcellen:

1.3 de behaarde huid

2. bijzondere aanpassingen vd huid

2.1 voetzolen

2.2 hoeven

2.3 klieren

3. bijzondere diersoorten

3.1 vogels

3.2 reptielen

3.3 amfibieën

3.4 vissen