De Renaissance en de Nederlandse Republiek
De Renaissance en de Nieuwe Mentaliteit (1.2)
Verschuiving in Wereldbeeld: * Tijdens de middeleeuwen lag de focus van de mens op God en het hiernamaals. Het heersende motto was Memento mori ("Gedenk te sterven"). * In de vroegmoderne tijd (vanaf circa ) ontstond een nieuwe kijk op het leven: de mens richt zich op de wereld en het huidige bestaan. Het motto veranderde naar Carpe Diem ("Pluk de dag").
Renaissance (Wedergeboorte): * Er ontstond een grote belangstelling voor de klassieke oudheid (de cultuur van de Grieken en de Romeinen). * De Grieken en de Romeinen hadden een vergelijkbare mentaliteit als de mensen in de renaissance: genieten van het leven, de mens centraal stellen en rationeel nadenken. * Renaissance betekent letterlijk "wedergeboorte" van de klassieke cultuur.
De Humanisten: * Humanisten waren geleerden die vanaf omstreeks klassieke teksten bestudeerden. Zij stelden, net als de filosofen uit de oudheid, de mens centraal. * Hoewel humanisten christenen bleven en in God geloofden, vonden zij dat men niet blindelings alles moest doen wat de kerk zei. Rationeel denken en respect voor vrijheid werden kernwaarden. * Erasmus: Een beroemde humanist die in het werk Lof der Zotheid schreef, waarin hij de misstanden in de Rooms-Katholieke Kerk bespotte.
De Hervorming: Een Scheuring in het Christendom (1.3)
Kritiek op de Rooms-Katholieke Kerk: * De kritiek kwam juist voort uit diep geloof, niet uit ongeloof. Men wilde de kerk verbeteren (hervormen). * Erasmus ontdekte dat er fouten in de Bijbelvertaling stonden en stelde dat heiligenverering en relikwieën niets met het ware christendom te maken hadden. * Door de uitvinding van de boekdrukkunst konden deze kritische ideeën sneller en makkelijker verspreid worden.
Maarten Luther: * Een Duitse monnik die in protesteerde tegen de handel in aflaatsbrieven. Hiermee konden mensen hun zonden "afkopen", wat Luther zag als een bespotting van God, aangezien alleen God kan vergeven. * Hij vertaalde het Nieuwe Testament naar het Duits zodat iedere Duitser de Bijbel zelf kon lezen en begrijpen. * Luther wilde breken met de paus als dat nodig was voor de kerkhervorming.
Johannes Calvijn: * Het Calvinisme stelt het dienen van een almachtige God centraal door een vroom en sober leven (gebed, bijbellezing, hard werken). * Een cruciaal verschil met Luther: Calvijn vond dat men in opstand mocht komen tegen regeringen en vorsten die het "ware geloof" (het protestantisme) bestreden. * Franse calvinisten worden Hugenoten genoemd.
Gevolgen van de Reformatie: * Er ontstond een blijvende breuk in het Europese christendom tussen de Katholieken (volgers van de paus) en de Protestanten.
De Nederlandse Opstand: Het Conflict met Spanje (1.4)
Oorzaken van Verzet: * De edelen in de Nederlanden waren ontevreden over Filips II van Spanje (regeerde - ) omdat hij te streng optrad tegen protestanten en te veel macht wilde centraliseren. * Beeldenstorm (): Vernielingen in katholieke kerken door protestanten. Dit was de directe aanleiding voor Filips II om hard in te grijpen.
De Ingreep van Spanje: * Omdat landvoogdes Margaretha de Beeldenstorm niet kon voorkomen, stuurde Filips II de hertog van Alva naar de Nederlanden om de orde te herstellen met terreur (schrikbewind) en de opstand neer te slaan.
Willem van Oranje: * Oorspronkelijk een tussenpersoon die probeerde te bemiddelen, maar hij werd de belangrijkste leider van de opstand nadat hij naar Duitsland vluchtte voor veiligheid en steun van bondgenoten. * Filips II verklaarde hem vogelvrij, wat betekende dat iedereen hem mocht vermoorden voor een beloning.
De Geuzen: * Oorspronkelijk een scheldwoord ("bedelaars"), maar aangenomen als geuzennaam voor de calvinistische opstandelingen. Zij gebruikten propaganda zoals de leus "Liever Turks dan Paaps".
Vragen & Discussie: De Tachtigjarige Oorlog en Religie
- Vraag: Waarom ontstaat er verzet onder de edelen tegen koning Filips II van Spanje? * Antwoord: De edelen vinden dat hij te streng optreedt tegen protestanten en hij wil te veel centrale macht.
- Vraag: Wat wordt er met de term "Paap" bedoeld? * Antwoord: Een scheldwoord voor katholieken, vooral gebruikt door protestanten.
- Vraag: Welke gebeurtenis was de aanleiding voor de Tachtigjarige Oorlog? * Antwoord: De Beeldenstorm. Dit maakte Filips II zo boos dat hij hard wilde ingrijpen.
- Vraag: Waarom stuurde Filips II de hertog van Alva? * Antwoord: Omdat Margaretha de Beeldenstorm niet kon voorkomen; Alva moest de orde herstellen, de opstand neerslaan en protestanten straffen.
- Vraag: Waar komt de naam "Geuzen" vandaan? * Antwoord: Het komt van vluchtelingen uit de Nederlanden. Oorspronkelijk was het een spotnaam (bedelaars).
- Vraag: Hoe gebruikten de Geuzen propaganda? * Antwoord: Ze droegen Geuzenpenningen en gebruikten leuzen zoals "Liever Turks dan Paaps".
- Vraag: Wat was de rol van Willem van Oranje? * Antwoord: Hij was een tussenpersoon die de koning niet steunde in zijn harde beleid en later de leider van de opstand werd.
- Vraag: Waarom vluchtte Willem van Oranje naar Duitsland? * Antwoord: Daar was hij veilig en kon hij steun krijgen van bondgenoten.
- Vraag: Wat betekent het dat Willem van Oranje vogelvrij is verklaard? * Antwoord: Iedereen mocht hem vermoorden voor geld en macht als beloning.
- Vraag: Hoe eindigde het leven van Willem van Oranje? * Antwoord: Hij werd vermoord door Balthasar Gerards en stierf aan zijn verwondingen.
- Vraag: Hoe zijn religie en politiek verbonden in deze periode? * Antwoord: Ze zijn nauw verweven; het geloof bepaalt macht, bondgenootschappen en vijandschap.
Politieke Systemen in de 17e Eeuw (3.1)
Frankrijk en het Absolutisme: * Lodewijk XIV (de Zonnekoning) streefde naar absolutisme: een regeringssysteem waarbij de vorst onbeperkte macht heeft. Hij werd koning op -jarige leeftijd. * Hij besliste alles alleen, geadviseerd door ministers (hoogste dienaren van de staat).
Engeland en de Glorious Revolution: * In de eeuw was er een conflict tussen de koning en het parlement. * 1688: Opstand tegen Jacobus II. Willem III van Oranje en zijn vrouw Maria (Mary) vielen Engeland aan en werden in koning en koningin. * Zij moesten zich houden aan de wetten van het parlement; in Engeland heeft het parlement de meeste macht.
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden: * Een federatie van onafhankelijke gewesten zonder vorst. * Bestuursstructuur: 1. Staten-Generaal: Beslist over defensie (leger en vloot) en buitenlands beleid. 2. Raadpensionaris: Secretaris van de Staten van Holland, voert contacten met het buitenland. 3. Stadhouder: Opperbevelhebber van leger en vloot; meestal een nakomeling van Oranje-Nassau. 4. Gewestelijke Staten: Elk van de gewesten had eigen bestuur en rechtspraak. 5. Regenten: De kleine groep bestuurders (adel op het platteland en rijke burgers in de steden) die de macht in handen hadden (Oligarchie). * Stadhouderloos tijdperk ( - ): Periode na de dood van Willem II waarin Johan de Witt de machtigste man was.
De Gouden Eeuw en Economie (3.2 & 3.3)
Economische Bloei: * De Republiek was het rijkste land van Europa door handel, nijverheid en landbouw. * Amsterdam fungeerde als stapelplaats: een plek waar goederen werden opgeslagen in pakhuizen voor latere verkoop. * Kapitalisme: Een systeem waarbij mensen geld in bedrijven steken om winst te maken. * Handelskapitalisme: Handelaren hadden de leiding in de economie.
Handelsondernemingen: * VOC (): Verenigde Oost-Indische Compagnie, gericht op handel met Azië (hoofdkwartier in Batavia op Java). * WIC (): West-Indische Compagnie, gericht op handel met Amerika en Afrika.
Wetenschap en Recht: * Hugo de Groot: Grondlegger van het volkenrecht (regels tussen staten) en het oorlogsrecht (oorlog alleen uit zelfverdediging). Hij stelde dat de zee van niemand is. * Isaac Newton: Schreef in over de zwaartekracht.
Maatschappij en Cultuur (3.4)
Migratiefactoren: * Push-factoren (waarom mensen vertrekken): Armoede, oorlogsgeweld, geloofsvervolging. * Pull-factoren (waarom mensen komen): Gewetensvrijheid (recht om te geloven wat je wilt), veiligheid, welvaart en werkgelegenheid.
Het Rampjaar (): * Frankrijk, Engeland, Keulen en Münster vielen de Republiek aan. * Er ontstond paniek; Willem III werd tot stadhouder benoemd. De broers Johan en Cornelis de Witt kregen de schuld en werden door een menigte in Den Haag vermoord.
Begrippenlijst en Tijdlijn
Tijdvakken: 1. Jagers en boeren (tot v.C.) 2. Grieken en Romeinen ( v.C. - ) 3. Monniken en Ridders ( - ) 4. Steden en staten ( - ) 5. Ontdekkers en Hervormers ( - ) 6. Regenten en vorsten ( - ) 7. Pruiken en Revoluties ( - )
Kernbegrippen: * Gedogen: Iets toelaten wat officieel verboden is. * Gereformeerd: Calvinistisch. * Emigreren: Een land voorgoed verlaten. * Immigreren: Verhuizen vanuit een ander land. * Factorij: Handelspost met kantoren en pakhuizen.