Bvj - VWO - thema 1 - Verbranding en ademhaling - BEGRIPPENLIJST - basisstof 1 tm 6
glucose-stof die veel energie bevat, met behulp van deze energie worden allerlei andere stoffen gemaakt stofwisseling-het omzetten van stoffen in andere stoffen mitochondriën-celorganel dat glucose afbreekt bronchiën-deel van het ademhalingsstelsel waarin de luchtpijp zich vertakt middenrif-een stevig, gespierd vlies dat de romp verdeelt in de borstholte en de buikholte neusslijmvlies-slijmvlies in de neus dat uit slijmproducerende cellen bestaat trilharen-organellen die slijm (met stofdeeltjes) van de neus naar de keelholte verplaatsen strotklepje-klepje dat de luchtpijp afsluit als je voedsel inslikt huig-klepje dat de neusholte afsluit als je voedsel inslikt luchtpijp-een holle buis die aansluit op de onderkant van het strottenhoofd longblaasjes-‘trosjes’ met kleine bloedvaatjes aan het uiteinde van de luchtpijptakjes longhaarvaten-een netwerk van kleine bloedvaatjes rondom de longblaasjes gaswisseling-de opname en afgifte van zuurstof en koolstofdioxide via de longblaasjes ademhalingsspieren-de spieren die nodig zijn om adem te halen borstademhaling-ademhaling waarbij de ribben en het borstbeen bewegen buikademhaling-ademhaling waarbij het middenrif en de buikwand bewegen smog-luchtvervuiling die vooral bestaat uit fijnstof ventilatie-het vervangen van oude lucht met verse lucht hooikoorts-allergie voor stuifmeelkorrels tracheeën-sterk vertakte buisjes in het lichaam van een insect stigma's-openingen waardoor lucht de tracheeën instroomt kieuwen-organen waarmee vissen zuurstof opnemen vanuit het water kieuwholten-plaats achter de kop waar de kieuwen in liggen kieuwdeksels-platen die de kieuwholten bedekken kieuwboog-deel van de kieuw waar kieuwplaatjes aan vastzitten kieuwplaatjes-deel van de kieuw waar kieuwlamellen aan vastzitten kieuwlamellen-deel van de kieuw met daarin een netwerk aan bloedvaten waar zuurstof wordt opgenomen tegenstroomprincipe-stoffen bewegen in de tegenovergestelde richting, waardoor de uitwisseling van stoffen beter gaat luchtzakken-zakken aan de voor- en achterkant van de longen van vogels nicotine-stof in sigaretten die ervoor zorgt dat mensen verslaafd raken aan roken teer-een stof in tabaksrook die schadelijk is voor de longen koolstofmonoxide-een gas dat, wanneer het in je bloed wordt opgenomen, ervoor zorgt dat er minder zuurstof opgenomen kan worden passief roken (meeroken)-rook inademen die door een ander is uitgeblazen geestelijk afhankelijk-verlangen naar een (verslavend) middel gewenning-steeds meer nodig hebben van een (verslavend) middel om hetzelfde effect te ervaren lichamelijk afhankelijk-verslaving aan een stof, waarbij je lichaam protesteert als je de stof niet binnenkrijgt THC-de stof in cannabis waar je stoned of high van wordt CBD-een stof in cannabis die de werking van THC beïnvloedt stoned-effect van cannabis waarbij je lui en ontspannen wordt high-effect van cannabis waarbij je energiek en vrolijk wordt schildkraakbeen-kraakbeen aan de voorkant van het strottenhoofd stembanden-vliezen in het strottenhoofd die in trilling kunnen worden gebracht tongbeen-botje waaraan de spieren van de tong zijn bevestigd bekerkraakbeentjes-botjes in het strottenhoofd die het mogelijk maken dat de stembanden naar elkaar toe of van elkaar weg bewegen stemspleet-opening tussen de stembanden