aardrijkskunde h8 kwetsbare planeet aantekeningen

Wat maakt leven op aarde mogelijk?

  1. noodzakelijke gassen in de dampkring/atmosfeer → zuurstof en koolstofdioxide (CO2)

  2. natuurlijk broeikaseffect → zonder broeikasgassen zoals methaan en waterdamp zou het veel te koud zijn op aarde

  3. zwaartekracht → anders zou alles de lucht in vliegen

  4. drinkbaar water/zoet water → in aquifers, meren, rivieren

  5. voedsel → noodzakelijke natuurlijke hulpbron

Als 1 van deze bronnen wegvalt, kunnen we niet meer op aarde leven. De voorraad is niet oneindig: we moeten het duurzaam gebruiken, door minder natuurlijke hulpbronnen te gebruiken dan er bij komen. De hoeveelheid ruimte op aarde die wordt gebruikt door 1 persoon, land of werelddeel heet de ecologische voetafdruk.

Vragen bij voetafdruk test:

  1. Is jouw ecologische voetafdruk groter of kleiner dan de gemiddelde Nederlander?

    kleiner

  2. Is jouw ecologische voetafdruk duurzaam?

    nee ik denk het niet want het is meer dan 1 aardbol

  3. Op welk onderdeel kan je jouw ecologische voetafdruk verduurzamen?

    voeding

Vragen bij video:

  1. In welk jaar gaat de bevolking dalen?

    2060

  2. Wat zijn oorzaken voor de daling van de bevolking?

    Er gaan steeds minder kinderen geboren worden, wegens 4 redenen:

    • minder kinderen sterven

    • meer vrouwen en meisjes gaan naar school en werken, waardoor ze later en/of minder kinderen krijgen

    • kinderen zijn erg duur

    • mensen wonen vaak in steden waar voorbehoedsmiddelen makkelijk te krijgen zijn

  3. Waarom groeit de bevolking in Afrika nog wel?

    Er zijn heel veel jongeren die snel en veel kinderen kunnen krijgen (gemiddeld 19 jaar)

  4. De onderzoeker zegt “de wereld gaat niet ten onder aan overbevolking”. Wat is wel het probleem?

    De uitstoot van al die mensen die er op de wereld leven, omdat de welvaart verbetert op veel plekken en mensen bijv. auto’s kunnen betalen

Hoe rijker een land, hoe minder snel de bevolking groeit. De levensverwachting is er vaak hoger (vergrijzing), en het vruchtbaarheidscijfer daalt. Arme landen hebben vaak een hoge bevolkingsgroei, door het hoge vruchtbaarheidscijfer.

Ook migratie zorgt voor bevolkingsgroei of -krimp in gebieden of landen. Bijvoorbeeld van het platteland naar de stad om werk te zoeken. Mensen vluchten soms ook uit oorlogsgebieden, gebieden met strenge politieke regels, of landen met een slechte economie.

In 2050 moet er wel 70% meer voedsel geproduceerd worden dan nu. Voor elke wereldbewoner is nu zo’n 0,9 hectare beschikbaar voor voedsel productie. Veel mensen gaan daar ruim overheen: hun voedselafdruk is veel hoger. Je voedselafdruk is een deel van je ecologische voetafdruk, het gaat om bijvoorbeeld grasland voor koeien, water voor vis, enz. De gemiddelde Nederlander gebruikt 1,6 hectare. Terwijl 1 op de 9 wereldbewoners voedseltekort heeft.

Hoe kan het dat er nog steeds honger in de wereld is?

  1. de wereldbevolking groeit → er is meer voedsel nodig

  2. de verdeling van voedsel is ongelijk (Europa, Amerika hebben veel meer dan bijv. Afrika)

  3. Steeds meer opkomende landen → krijgen een westers voedingspatroon → veel meer vlees en zuivel eten dan nodig

  4. overschakelen op duurzame energiebronnen → goed voor milieu, slecht voor voedselproductie

Er zijn daarom maatregelen nodig.

Maatregel 1 is dat de opbrengst van landbouw moet worden vergroot, maar wel op een zo duurzaam mogelijke manier. Eigenlijk moet er een nieuwe Groene Revolutie nodig. De Groene Revolutie was rond de jaren 60, en zorgde voor heel veel verbetering in de landbouw. Voorbeelden zijn:

  • betere irrigatietechnieken

  • betere gewasbeschermingsmiddelen

  • betere zaden

  • betere kunstmest

  • precisielandbouw: preciezere irrigatie zodat geen water verloren gaat tussen de plantjes in, door bijv. slangen met gaatjes erin of drones.

Boeren gaan ook vaak specialiseren, om de beste tecknieken voor 1 bepaald gewas te kunnen kopen.

Maatregel 2 is intensieve landbouw. Voordelen zijn dat er veel voedsel wordt geproduceerd op grote schaal, maar er wordt wel veel ontbost. Een oplossing is kringlooplandbouw: boeren gaan samenwerken. Bijv. een maisboer en een koeienboer: de koeienboer geeft zijn mest aan de maisboer, en de maisboer geeft zijn mais aan de koeienboer als voer. Dit scheelt uitstoot.

Maatregel 3 is dat mensen verduurzamen, en beter opletten dat producten biologisch zijn en uit de buurt komen. Eten van de andere kant van de wereld meot vaak verscheept of overgevlogen worden, wat veel uitstoot. We moeten ook opletten om geen voedsel te verspillen.