Kennisclip opzet culpa
Verwijtbaarheid als voorwaarde voor een strafbaar feit
Verwijtbaarheid is een element van het strafbaar feit en is gekoppeld aan het bredere begrip schuld.
Artikel 287 van het Wetboek van Strafrecht strafbaar stelt het opzettelijk van het leven beroven van een ander.
In artikel 307 wordt de wettelijke schuldvorm van culpa gepresenteerd.
Schuld is daar als gevolg van onachtzaamheid gevangen.
Dit geeft aan dat schuld op twee manieren in de wet kan worden uitgedrukt:
Opzet
Culpa
Definitie van opzet
Opzet betekent "willens en wetens".
Dit houdt in dat de dader bewust is van zijn daden en de gevolgen daarvan wil.
Opzet in de Nederlandse strafrechtspraak is "kleurloos"; het gaat niet om de motieven van de dader.
Voorbeeld cursus toepassing:
Iemand die uit zelfverdediging een klap teruggeeft, kan niet beweren geen opzet te hebben gehad, omdat hij de klap nog steeds "willens en wetens" heeft gegeven.
Zelfverdediging leidt mogelijk tot strafuitsluitingen, maar verandert niets aan de aanwezigheid van opzet.
Voorwaardelijk opzet
Een andere gradatie van opzet is 'voorwaardelijk opzet'.
Dit houdt in dat de dader zich bewust is van de kans op een bepaald gevolg.
De Hoge Raad aanvaardt dat er opzet kan worden aangenomen als er een aanmerkelijke kans bestaat op een strafbaar gevolg, wat willens en wetens is aanvaard.
Cruciaal is vaststellen wanneer er sprake is van die aanmerkelijke kans.
Er zal in toekomstige colleges verder op dit onderwerp worden ingegaan.
Definitie van culpa
Culpa houdt in een grove mate van onachtzaamheid of onvoorzichtigheid bij de verdachte.
Cruciaal verschil met opzet:
Bij culpa ontbreekt de wil ten aanzien van het strafbare gevolg.
Dit verklaart het hogere strafmaximum dat de wetgever stelt bij opzettelijke delicten in vergelijking met culpa delicten.
Culpa kent ook verschillende bewijsgradaties:
Onbewuste culpa:
Dader heeft niet nagedacht over de gevolgen van zijn handelen, maar had dat redelijkerwijs wel moeten doen.
Bewuste culpa:
Dader denkt na over de risico’s, maar onderschat het gevaar.
Voorbeeld: automobilist die een fietser aanrijdt, omdat hij denkt dat hij die nog wel kan inhalen.
Roekeloosheid:
Zwaarste vorm van culpa, regeling volgens artikel 308 lid 2 van het Wetboek van Strafrecht.
Vergelijking opzet en culpa
Voorwaardelijke opzet en bewuste culpa staan dicht bij elkaar.
Bij voorwaardelijke opzet weet de verdachte van de kans en neemt deze aan, terwijl bij bewuste culpa de dader nadenkt maar geen wil heeft om het gevolg te veroorzaken.
Toets bij casus altijd of er een wil kan worden afgeleid uit de feiten.
Bijvoorbeeld door cynische of onverschillige houding van de dader ten opzichte van de gevolgen.
Plaatsing in de structuur van het strafbaar feit
Verwijtbaarheid is de vierde voorwaarde in de structuur van het strafbaar feit.
Verwijtbaarheid moet soms verondersteld worden, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn.
De wettelijke schuldvorm van culpa is een uitdrukkelijk onderdeel van het verwijtbaarheidselement.
In tegenstelling tot opzet heeft culpa niet per definitie verwijtbaarheid nodig.
Psychische stoornissen kunnen opzet in de weg staan, maar dat is zeldzaam.
Conclusie
Het onderscheid tussen opzet (willens en wetens) en culpa (onachtzaamheid) is essentieel voor de juridische beoordeling van strafbare feiten.
Beide moeten in de context van het strafbaar feit worden geplaatst: verwijtbaarheid is cruciaal.
Het is belangrijk om te begrijpen hoe opzet en culpa zich verhouden in verschillende omstandigheden en hoe de wet deze begrippen behandelt.