WONDZORG - INCONTINENTIE GEAASSOCIEERDE DERMATITIS (IAD)

Justine Schramme
Q: Artevelde Hogeschool


OVERZICHT

  • Onderwerpen:

    • Acute wondzorg

    • IAD

    1. Inleiding

    2. Vochtletsels

    3. IAD

      • Prevalentie

      • Definitie

      • Etiologie en fysiopathologie

      • Anamnese of actieve beoordeling van IAD

      • Behandeling

  • Deze PowerPoint is ter ondersteuning van het handboek "Wondmanagement - de complete gids".

    • Pagina's 245 - 272


INLEIDING

  • Evaluatie van de patiënt, welzijn en wond.

  • Diagnose, basiseigenschappen en comorbiditeiten die genezing kunnen beïnvloeden.

    • Registreren van:

    • Wondtype

    • Locatie

    • Grootte

    • Toestand wondbed

    • Tekenen van infectie/inflammatie

    • Pijnlocatie en intensiteit

    • Comorbiditeiten

    • Aderheid/concordantie met behandeling

  • Aanpak:

    • Multidisciplinair team en informele zorgverleners inschakelen voor holistische patiëntenzorg.

    • Registreren van verwijzingen, zoals naar:

    • Chirurgisch team

    • Wond specialist

    • Diëtiste

    • Pijn team

    • Vaat- en diabetes team

    • Podoloog

    • Fysiotherapeut

    • Familiezorg en getrainde counselors.

  • Onderliggende oorzaken en barrières voor wondgenezing behandelen.

  • Managementplan documenteren voor:

    • Systeeminfectie, diabetes, voedingsproblemen, oedeem, continentie, mobiliteit, vaatproblemen, pijn, stress, angst, non-adherentie/concordantie met offloading en compressie, levensstijlkeuzes.

  • Bepalen van geschikte behandelingen en korte-termijndoelen.

1. ZIJN ER BARRIÈRES VOOR WONDGENEZING?

  • Necrotisch weefsel

  • Slough

2. SELECTEER PRIMAIRE EN SECUNDAIRE INTERVENTIES

  • Reiniging en debridement

    • Surfactant, scherp/chirurgisch of mechanisch, autolytisch of enzymatisch, biologisch/lavaal.

  • Beheer bioburden

    • Antimicrobieel (toppische antiseptische en/of antibioticabehandeling).

3. WONDMANAGEMENTUITKOMST

  • Levend gezond wondbed.

  • Niet-geïnfecteerde wond.

  • Wondranden die niet bewegen of abnormaal zijn.

  • Optimale vochtbalans herstellen.

    • Hydrogel, hydrocolloïd, geabsorbeerde gel.


VOCHTLETSELS

Moisture Associated Skin Damage (MASD)

  • Ontstaat door:

    • Excessieve blootstelling aan vocht door:

    • Transpiratie

    • Urine

    • Stoelgang

    • Slijm

    • Speeksel

    • Wondvocht

    • Vocht uit stoma's

    • Vocht uit fistels
      (Gray et al., 2011)

Vier voornaamste types van MASD

  1. Incontinentie geassocieerde dermatitis (IAD)

    • Urine en/of vloeibare stoelgang.

  2. Intertrigo

    • Door transpiratie.

  3. Wondvocht geassocieerde dermatitis

    • Door exsudaat.

  4. Stomavocht geassocieerde dermatitis

    • Urinair en/of fecaal vocht.

IAD en Intertrigo

  • Beide aandoeningen resulteren in:

    • Roodheid en inflammatie, soms met erosie.

  • Op locatie van stuit en in en rond huidplooien.


IAD

1. Prevalentie

  • Diverse studies hebben prevalentie van IAD vastgesteld:

    • Voorbeelden van studies: Junkin, Bliss, Defloor, Arnold-Long, Beeckman, alle onderzoeken tonen hoge prevalenties aan.

    • Meeste gegevens gemeten in langdurige zorgsettings.

2. Definitie

  • Ontstekingsreactie van de huid

    • Kenmerken van huidbeschadiging:

    • Patchy verlies van de epidermis

    • Erosie en oedeem

    • Vesikels/blaren

  • Afhankelijk van:

    1. Type irriterende stof:

    • (urine, feces, etc.)

    1. Duur van blootstelling.

    2. Frequentie van blootstelling.

    • Resultaat: verhoogde transepidermale waterverlies (TEWL).

(Bron: Gray et al., 2011)

3. Etiologie en fysiopathologie

  • Urine bevat:

    • Water, ammoniak/ureum, bacteriën/schimmels.

    • Effect:

    • Verminderde huidhardheid door zwelling van corneocyten.

  • Stoelgang bestaat uit:

    • Enzymen zoals protease & lipase, verergeren huidbeschadiging.

    • Evidence toont schade zichtbaar na 12 dagen.
      (Gray et al., 2012)


ANAMNESE OF ACTIEVE BEOORDELING VAN IAD

  • Diagnostische factoren:

    • Controle huidconditie

    • Wondhistoriek

    • Incontinentie

    • Mobiliteit en drukpunten controleren.

Huidinspectie

  • Kleur kan variëren:

    • Helder rood bij lichte huid

    • Subtiele roodheid/verschillende tinten bij donkere huid.

  • Locatie van letsels:

    • Huidplooien, onder afsluitend materiaal, rondom de wond.

Inspectiecriteria voor huiderosie

  • Eilandjes met gedeeltelijk weefselverlies, meerdere gebieden erosie.

  • Inspecteren op secundaire huidinfecties, met name candidiasis. Prevalentie is 18% bij ziekenhuispatiënten met IAD.


CLASSIFICATIE GLOBIAD

  • Ghent Global IAD Categorisation Tool

Categorieën

  1. Aanhoudende roodheid

    • 1A: zonder infectie

    • 1B: met infectie

  2. Ontvelling

    • 2A: zonder infectie

    • 2B: met infectie

  • Belang van huiderosie in diagnose.

  • Gebruik van kleuren, texturen, symptomen voor identificatie.


BEHANDELING

Algemene aanpak

  • Reinigen: Geschikte methodes

  • Herstellen: Hydratatie en het oprichten van normale TEWL

    • Producten zoals crèmes op basis van dimethicone.

  • Beschermen: Vochtbarrière creëren.

Voornaamste aandachtspunten

  • Regelmatig huidobervatie uitvoeren.

  • Zinkoxidepasta moet vermeden worden vanwege beschadiging.

Producten voor behandeling
  • Crèmes/lotion/sprays gebaseerd op:

    • Dimethicone

    • Zink

    • Nihalen zoals Cavilon wipes.

2-in-1 producten
  • Effectief in het reinigen en beschermen (VB: Continance Ceru Wipes).

  • Daling van prevalentie van 27.1% naar 8.1%.
    (Bron: Beeckman et al., 2011)

BEHANDELING OBV GLOBIAD
  • Reinigen met categorie-specifieke producten (incontinentiedoekjes, NaCl 0,9%, etc.).

  • Ontsmetten met geselecteerde zeep.

  • Barrièreproducten toepassen afhankelijk van de classificatie.


LAATSTE REDMIDDELEN

  • Verblijfskatheter, anale plugs, fecale katheters alleen bij kritische en immobiele patiënten vanwege complicaties.

  • Ter beschikking stellen van low-air-loss matrassen in zorginstellingen.