Geslachtelijke Voortplanting bij Mensen - Uitgebreide Aantekeningen
Thema 5. Geslachtelijke Voortplanting bij Mensen
Oriëntatie
- Dit thema behandelt de details van menselijke voortplanting.
- Onderwerpen:
- Belangrijke organen en hun structuur.
- Veranderingen tijdens de puberteit.
- Zwangerschap bij de vrouw en wat er dan gebeurt.
- Belangrijke en boeiende informatie.
Onderzoeksvraag 1: Lichamelijke verschillen tussen jongens en meisjes?
- Babyjongens en babymeisjes verschillen uiterlijk van volwassen mannen en vrouwen.
- Verschillen bij geboorte zijn klein, maar nemen toe met de leeftijd.
- De les bestudeert kenmerken bij geboorte en veranderingen tijdens de puberteit.
1. Jongen of Meisje?
- Geslacht baby herkenbaar aan geslachtsorganen.
2. Een Jongen
3. Een Meisje
- Vraag a: Waaraan kun je bij een pasgeboren baby uitwendig zien of het een jongen of een meisje is?
- Aan de geslachtsorganen.
- Vraag b: Welke uitwendige geslachtsorganen heeft een meisje?
- Schaamlippen.
- Geslachtsopening.
- Vraag c: Welke uitwendige geslachtsorganen heeft een jongen?
- Penis.
- Balzak.
Besluit
- Geslacht herkenbaar aan geslachtsorganen bij de geboorte.
- Geslachtskenmerken: Kenmerken waaraan je het geslacht kunt herkennen.
- Primaire geslachtskenmerken: Aanwezig vanaf de geboorte.
Onderzoeksvraag 2: Uitwendige veranderingen bij ontwikkeling tot man en vrouw?
- Bestudeer figuren 4 en 5 om veranderingen te zien.
- Welke uitwendige veranderingen treden op?
Jongen tot Man
- Brede schouders.
- Meer spieren.
- Groei van schaamhaar.
- Geslachtsorganen groeien.
- Baard en snor.
- Borsthaar.
- Lagere stem.
Meisje tot Vrouw
Brede heupen.
Meer vetweefsel.
Groei van schaamhaar.
Geslachtsorganen groeien.
Grotere borsten.
Lichaam verandert bij jongens en meisjes bij het ouder worden.
Secundaire geslachtskenmerken: Kenmerken die optreden bij het ouder worden.
Puberteit: Periode waarin secundaire geslachtskenmerken zichtbaar worden.
4. Van Jongen tot Man
5. Van Meisje tot Vrouw
Besluit
- Jongens en meisjes ontwikkelen uitwendige secundaire geslachtskenmerken bij het uitgroeien tot man en vrouw.
- De periode waarin deze zichtbaar worden, wordt de puberteit genoemd.
Onderzoeksvraag 3: Inwendige veranderingen bij ontwikkeling tot man en vrouw?
- Tijdens de puberteit zijn er niet alleen uitwendige, maar ook inwendige veranderingen.
- Bij jongens start de productie van zaadcellen in de teelballen.
Vraag a: Hoe merkt de jongen dit uitwendig?
- De jongen krijgt zijn eerste zaadlozing.
- Eerste zaadlozing: Kan spontaan gebeuren tijdens de slaap (natte droom) of door stimulatie van de geslachtsdelen (masturbatie).
- Vanaf de puberteit worden er dagelijks ongeveer 72 miljoen zaadcellen aangemaakt in de teelballen. Dit zijn ongeveer 3 miljoen zaadcellen per uur.
- Bij meisjes begint in een van de eierstokken een eicel te rijpen.
Vraag b: Hoe merkt het meisje dit uitwendig?
- Het meisje krijgt haar eerste menstruatie.
- Eerste menstruatie: Vindt onverwachts plaats en kan gepaard gaan met buikpijn, rugpijn, enz.
Besluit
- Eerste menstruatie bij meisjes en eerste zaadlozing bij jongens geven aan dat ze geslachtsrijp zijn.
- Het rijpen van de eicel en de productie van zaadcellen zijn inwendige secundaire geslachtskenmerken.
Onderzoeksvraag 4: Op welke leeftijd ontstaan de secundaire geslachtskenmerken?
Hypothese
- Secundaire geslachtskenmerken ontstaan tussen 8 en 16 jaar.
Vraag a: Bestudeer de grafiek. Los de vragen in de tabel op.
6. De Lichamelijke Ontwikkelingen Tijdens de Puberteit
Vraag b: Juist of fout? Indien fout, motiveer je keuze.
- Meer dan de helft van de 13-jarige meisjes is al ongesteld. (Juist)
- Slechts 40% van de dertienjarige meisjes is al ongesteld. (Fout)
- Slechts 40% van de jongens heeft al een zaadlozing gehad rond de leeftijd van 13 jaar. (Juist)
- De eerste zaadlozing treedt bij meer dan de helft van de jongens op rond de leeftijd van 13 jaar. (Fout)
- De groei van het schaamhaar begint vroeger bij meisjes dan bij jongens. (Juist)
- Het is ongewoon wanneer je als meisje op je 14e nog niet ongesteld bent geweest. (Juist)
- Het is ongewoon wanneer je als jongen op je 14e nog geen natte droom hebt gehad. (Fout)
- Bij de meeste meisjes is er eerst de borstontwikkeling, pas daarna groeit het schaamhaar, en nog later worden ze ongesteld. (Juist)
- De eerste menstruatie treedt op tussen de leeftijd van 11 en 16 jaar. (Juist)
- De eerste zaadlozing treedt op tussen de leeftijd van 11 en 16 jaar (Juist)
- Tijdens de puberteit kun je niet van 'normaal' of 'abnormaal' spreken. Iedereen ontwikkelt zich op zijn eigen tempo.
- Bij ongerustheid, praat erover met een volwassene of raadpleeg een arts.
Besluit
- Secundaire geslachtskenmerken ontwikkelen zich vroeger bij meisjes dan bij jongens.
- De leeftijd waarop de kenmerken ontstaan verschilt zowel bij jongens als meisjes.
Algemeen Besluit
Jongen
- Vanaf de geboorte verschillen jongens en meisjes door hun primaire geslachtskenmerken.
- Penis
- Balzak
Meisje
- Schaamlippen
- Geslachtsopening
Tijdens de Puberteit ontwikkelen zich de Secundaire Geslachtskenmerken:
Uitwendig
Jongen
- Brede schouders
- Meer spieren
- Groeien van schaamhaar
- Geslachtsorganen groeien
- Baard en snor
- Borsthaar
- Lagere stem
Meisje
- Brede heupen
- Meer vetweefsel
- Groeien van schaamhaar
- Geslachtsorganen groeien
- Grotere borsten
Inwendig
Jongen
- Zaadlozing
- Teelballen produceren zaadcellen.
Meisje
- In de eierstokken rijpt maandelijks een eicel.
- Menstruatie
- De eerste zaadlozing en de eerste menstruatie zijn het signaal dat de jongere geslachtsrijp is.
Onderzoeksvraag 5: Geestelijke veranderingen tijdens de puberteit?
- Welke trekjes vind je bij jezelf terug?
- Vaak onzeker.
- Wil erbij horen.
- Trek meer op met vrienden.
- Bestede veel tijd/aandacht aan uiterlijk.
- Hecht veel belang aan eigen plek, mijn kamer.
- Soms vlinders in je buik.
- Tast grenzen af bij ouders, leerkrachten.
- Vaker conflicten, meningsverschillen met ouders, leerkrachten.
- Vormt een eigen mening over het gedrag van vrienden.
- Eigen mening ontwikkelt die soms verschilt van de mening van je ouders, wat tot conflicten kan leiden.
- Vrienden nemen een belangrijkere plaats in.
- Vlinders in je buik als je naar een vriend of vriendin kijkt of voel je wat onzeker en niet zo goed in je vel?
- Misschien ervaar je helemaal niets van deze turbulente periode. Ook dat is geen probleem. Ieder beleeft en ervaart de puberteit immers op een andere manier.
- Iedere volwassene was ooit een puber, ook je ouders. De puberteit is immers de springplank naar volwassenheid.
Besluit
- Tijdens de puberteit groeit een jongere ook geestelijk.
- De jongere wordt zelfstandig en gaat een eigen mening ontwikkelen.
- Hij kijkt op een kritische manier naar wat er rond hem gebeurt.
Les 15+: De Ene Puber Is De Andere Niet
Onderzoeksvraag 1: Welke invloed hebben hormonen op de groei van jongens en meisjes?
- Ga samen met je klasgenoten van klein naar groot staan.
- Vraag a: Waar staan de meeste jongens? Eigen antwoord.
- Vraag b: Waar staan de meeste meisjes? Eigen antwoord.
- Vraag c: Welke groep is gemiddeld het grootst? De jongens of de meisjes? Eigen antwoord.
- Vraag d: Vergelijk aan de hand van figuur 7 de gemiddelde lengte van jongens en meisjes op 10-jarige leeftijd. Wat merk je? De gemiddelde lengte op 10-jarige leeftijd is gelijk.
- Vraag e: Wie is er gemiddeld het grootst op 11-jarige leeftijd? de meisjes
- Vraag f: Vanaf welke leeftijd groeien jongens duidelijk meer dan meisjes? vanaf 13 jaar
- Vraag g: Hoe groot is een gemiddelde volwassen man? 1,86 meter
- Vraag h: Hoe groot is een gemiddelde volwassen vrouw? 1,72 meter
- Vraag i: Hoe zou de verdeling van de klasgroep dan zijn, mocht je met dezelfde klasgenoten over twee jaar van klein naar groot staan? De jongens zouden dan tot de grootste helft behoren.
- De gegevens in de grafiek zijn gemiddelden. De lengte van volwassen mannen varieert tussen 1,70 meter en 1,98 meter. Die van een vrouw tussen 1,57 meter en 1,84 meter. Extra grote mannen (2,02 meter) en vrouwen (1,86 meter) of eerder kleine mannen (1,66 meter) en vrouwen (1,54 meter) zijn niet uitzonderlijk.
7 Groeicurve van 0 tot 21 jaar
Besluit
- Het vrouwelijk geslachtshormoon, oestrogeen zorgt ervoor dat meisjes rond 11 jaar sterk beginnen te groeien.
- Het mannelijk geslachtshormoon, testosteron zorgt ervoor dat er bij jongens een echte groeispurt optreedt vanaf 13 jaar.
Onderzoeksvraag 2: Hoe veranderen de stembanden tijdens de puberteit?
- In de luchtpijp bevinden zich de stembanden, goed beschermd door het strottenhoofd. Zij zorgen ervoor dat we geluid kunnen voortbrengen.
- In de puberteit zorgt het mannelijk geslachtshormoon ervoor dat het strottenhoofd van jongens groter wordt. Het vormt de adamsappel. Bij sommige mannen is die duidelijk zichtbaar. De stembanden worden langer en dikker. Geleidelijk aan verlaagt de stemtoon.
- Tijdens deze periode slaat de stem wel eens over.
8 Plaats van de stembanden
9 Gesloten stembanden
10 Adamsappel
11 Open stembanden
Besluit
- In de puberteit zorgt het mannelijk geslachtshormoon ervoor dat de stembanden langer en dikker worden.
- Hierdoor verlaagt de stemtoon. Het strottenhoofd wordt groter en vormt de adamsappel.
Onderzoeksvraag 3: Welke veranderingen ondergaan de borsten tijdens de puberteit?
- In de puberteit beginnen de borsten van een meisje zich te ontwikkelen.
- Een borst bestaat uit melkkliertjes, melkkanaaltjes, vetweefsel en een tepel.
- De hoeveelheid vetweefsel bepaalt de grootte van de borsten.
- Ter voorbereiding van de borstvoeding komt, aan het einde van de zwangerschap, in de melkklieren de melkproductie op gang.
- Aangezien het aanmaken van moedermelk gebeurt in de melkkliertjes heeft de omvang van de borsten dus geen invloed op de melkproductie.
12 Bouw van de borst
13 De baby krijgt borstvoeding
Besluit
- Tijdens de puberteit ontwikkelen zich de borsten bij meisjes.
- De hoeveelheid vetweefsel bepaalt de grootte van de borsten.
Onderzoeksvraag 4: Hoe ontstaat acne?
- In de huid zitten talgkliertjes die talg of huidsmeer produceren en zo de huid soepel houden.
- Wanneer deze talgkliertjes verstopt geraken of beginnen uit te zetten, ontstaan er rode knobbeltjes die puisten kunnen vormen.
- Dit gebeurt voornamelijk aan het begin van de puberteit omdat dan de talgproductie toeneemt onder invloed van de mannelijke geslachtshormonen.
- Jongens zijn dus meer vatbaar voor puistjes aangezien zij meer mannelijke geslachtshormonen hebben dan vrouwen. Bij meisjes kunnen al puistjes optreden vanaf 8-jarige leeftijd, bij jongens eerder vanaf 14 jaar. Tussen je 16 en je 19 jaar heb je vaak het meest last van acne.
14 Acne
Besluit
- Acne ontstaat aan het begin van de puberteit wanneer talgkliertjes in de huid verstopt geraken.
- Dit komt omdat de talgproductie dan toeneemt onder invloed van de mannelijke geslachtshormonen.
Onderzoeksvraag 5: Geaardheid
- Tijdens de puberteit worden relaties en seksualiteit belangrijker in je leven.
- De meeste mensen voelen zich sterk aangetrokken tot iemand van het andere geslacht. Ze zijn heteroseksueel.
- Anderen voelen zich beter bij een partner van hetzelfde geslacht. Ze zijn homoseksueel. Vrouwen en meisjes die homoseksueel zijn, worden lesbisch genoemd.
- Als iemand zich tot beide geslachten aangetrokken voelt, is hij of zij biseksueel.
- Een transseksueel is iemand van wie de uiterlijke geslachtskenmerken niet overeenkomen met wat hij of zij in het hoofd en lichaam voelt: iemand die een mannenlichaam heeft maar die zich volledig vrouw voelt, of omgekeerd, iemand met de uiterlijke kenmerken van een vrouw die zich voelt als een man.
- Een transseksueel kan homo, hetero of biseksueel zijn.
- Je 'kiest' er niet voor om homo-, bi- of transseksueel te zijn. Net zomin dat je 'ervoor kiest' om heteroseksueel te zijn. Je bént het gewoon.
15 Geaardheid
16 Homo- en heteroseksualiteit
Internationale Dag Tegen Homofobie
- Op 17 mei 1990 schrapte de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) homoseksualiteit officieel van de internationaal gehanteerde lijst van ziekten. Tot dan toe stond homoseksualiteit op die lijst omschreven als psychische aandoening.
- Sindsdien is 17 mei uitgeroepen tot Internationale Dag Tegen Homofobie.
- De discriminatie en vervolging van holebi's en transgenders wordt dan aangeklaagd.
De regenboogvlag, symbool van de holebigemeenschap in het MoMa
- De regenboogvlag, symbool van homo's, lesbiennes, biseksuelen én transgenders wereldwijd krijgt weldra een plaatsje in het MoMa (Museum of Modern Art) in New York.
- De vlag komt daar te liggen naast andere universele symbolen zoals het @ symbool, het Creative Commons-logo en het recycling symbool.
- De vlag werd in 1978 ontworpen door de Amerikaanse kunstenaar Gilbert Baker uit San Francisco als symbool voor de Gay Pride van dat jaar. De vlag moest een teken zijn van holebitrots en tegelijk staan voor de diversiteit binnen de gemeenschap.
- De regenboogvlag had in eerste instantie acht kleuren die allemaal een betekenis hebben. Roze staat voor seks, rood voor het leven, geel voor het zonlicht, oranje voor geneeskracht, groen voor de natuur, turquoise voor magie, blauw voor sereniteit en violet voor karakter. Later vielen, louter om praktische redenen, de kleuren roze en turquoise weg. Roze kon immers moeilijk gedrukt worden en de turquoise band was niet zichtbaar wanneer de vlag aan een vlaggenmast hing.
- Sinds 1979 bestaat de regenboogvlag uit zes kleuren.
Test je kennis!
- Waar of niet waar?
- In België mogen holebi's kinderen adopteren. (Waar)
- Kinderen die opgroeien in een homoseksuele omgeving hebben zelf heel veel kans om ook homoseksueel te worden. (Niet waar)
- In ons land is homoseksualiteit door iedereen aanvaard. (Niet waar)
- In België mogen homoseksuele mannen en lesbische vrouwen trouwen. (Waar)
- Biseksuelen zijn mensen die hun keuze nog niet gemaakt hebben. (Niet waar)
- Je kiest ervoor om homoseksueel te zijn. (Niet waar)
- Je kiest ervoor om heteroseksueel te zijn. (Niet waar)
Les 16. Hoe is het mannelijke voortplantingsstelsel gebouwd?
- In de basisschool leerde je reeds over het mannelijke voortplantingsstelsel en over de functie van de zaadcellen. In deze les volgen we de weg die zaadcellen afleggen doorheen het mannelijk voortplantingsstelsel. Zo leer je meteen de mannelijke voortplantingsorganen kennen.
Onderzoeksvraag 1: Hoe is een zaadcel gebouwd?
- De zaadcellen zijn de mannelijke voortplantingscellen.
- Het zijn zeer kleine cellen (0,005 mm) die je enkel met een microscoop kunt bekijken.
- Ze hebben een kop, een hals en een staart.
- Vraag a: Vergelijk de lengte van de staart met die van de kop en de hals samen. Wat stel je vast?
- De staart is veel langer dan de kop en de hals samen.
- Elk deel van de zaadcel heeft een eigen functie. De staart zorgt voor de voortbeweging. De energie die hiervoor nodig is, wordt geleverd door de hals van de zaadcel. De kop bevat het erfelijk materiaal van de man.
- Vraag b: Teken een zaadcel in de juiste verhouding.
- Vraag c: Nummer de delen op je tekening.
- 1 kop
- 2 hals
- 3 staart
16 Zaadcellen
Besluit
- De mannelijke voortplantingscel is de zaadcel.
- De zaadcel bestaat uit:
- de kop, die de celkern met het erfelijk materiaal bevat;
- de hals, die energie levert;
- de staart, die voor de voortbeweging zorgt.
Onderzoeksvraag 2: Uit welke organen bestaat het mannelijke voortplantingsstelsel?
17 Geslachtsorganen van de man: vooraanzicht
18 Geslachtsorganen van de man: zijaanzicht
- Vul op figuur 17 en 18 de nummers van de mannelijke geslachtsorganen in op de juiste plaats.
Legende
- 1 teelbal
- 2 bijbal
- 3 zaadleider
- 4 zaadblaasje
- 5 prostaatklier
- 6 urogenitale buis
- 7 eikel
- 8 voorhuid
- 9 zwellichamen
Besluit
- Mannelijke voortplantingsorganen:
- de teelballen
- de bijballen
- de zaadleiders
- de zaadblaasjes
- de prostaatklier
- de urogenitale buis
- de eikel
- de voorhuid
- de zwellichamen
Onderzoeksvraag 3: Welke functie hebben de mannelijke voortplantingsorganen?
Vraag a: Neem je stickervel en kleef de verschillende mannelijke geslachtsorganen op de juiste plaats.
De geslachtsorganen van de man zijn vooral uitwendig gelegen. In de balzak bevinden zich twee teelballen en twee bijballen.
Onder invloed van het geslachtshormoon testosteron produceren de teelballen bijna 1000 zaadcellen per seconde.
Daarna worden de zaadcellen in de bijballen opgeslagen. Hier kunnen ze verder rijpen.
Rijpende zaadcellen verdragen geen temperatuur boven de .
Uit de bijballen vertrekken de zaadleiders. De zaadleiders leiden de rijpe zaadcellen tot aan de zaadblaasjes en de prostaatklier.
De zaadblaasjes voegen vocht aan de zaadcellen toe. Dit vocht beschermt de zaadcellen zodat ze kunnen overleven in het zure milieu van de vagina.
Na de zaadblaasjes voegt de prostaatklier prostaatvocht toe aan de zaadcellen. Prostaatvocht bevat veel voedingsstoffen die de zaadcellen extra energie leveren en activeren.
De zaadcellen bevinden zich vanaf dan in een energierijke vloeistof die voor 2/3 uit zaadvocht en voor 1/3 uit prostaatvocht bestaat. Zaadcellen, zaadvocht en prostaatvocht samen noemen we sperma.
De zaadleiders en zaadblaasjes monden samen met de klieren van Cowper uit in de urogenitale buis die zich in de penis bevindt.
Voor de zaadlozing plaatsvindt, scheiden de klieren van Cowper het voorvocht af. Dat vocht neutraliseert de achtergebleven urineresten in de urogenitale buis.
Via de urogenitale buis verlaat het sperma het lichaam.
De penis heeft vooraan een gevoelige zone, de eikel. Over de eikel heen zit de voorhuid. Dit stukje huid kan naar achter geschoven worden. In de penis zitten de zwellichamen.
Vraag b: Waar bevindt zich de prostaatklier t.o.v. de zaadleiders en t.o.v. de urogenitale buis?
- De prostaatklier bevindt zich op de plaats waar de urogenitale buis en de zaadleiders samenkomen.
Naast het toevoegen van prostaatvocht, heeft de prostaatklier nog een andere functie.
De prostaatklier zorgt ervoor dat urine en sperma nooit samen door de urogenitale buis het lichaam kunnen verlaten. De urogenitale buis dankt haar naam aan haar dubbele functie. Ze vervoert namelijk urine (uro) of sperma (genitaal-geslachtelijk).
Vraag c: Welk verband bestaat er tussen de ligging van de teelballen in de balzak en de ideale temperatuur voor de productie van zaadcellen?
- De balzak met de teelballen en bijballen bevindt zich buiten de buikholte van de man. De lichaamstemperatuur in de balzak is daardoor lager dan .