Chemie examen

Inleiding

Enkelvoudige stof = een stof die bestaat uit slechts één soort chemisch element, wat betekent dat alle atomen in de stof van dezelfde soort zijn.

Samengestelde stof = een chemische verbinding die bestaat uit twee of meer verschillende chemische elementen die chemisch aan elkaar gebonden zijn in een vaste verhouding

Verschil: Het verschil is dat een enkelvoudige stof bestaat uit slechts één soort atomen van hetzelfde element, terwijl een samengestelde stof bestaat uit twee of meer verschillende soorten atomen van verschillende elementen die chemisch aan elkaar gebonden zijn.

Protonen, elektronen en neutronen te weten:

Protonen = atoomnummer dus, 12

Elektronen = ZONDER LADING!! is hetzelfde aan aantal protonen, dus ook 12

Neutronen = massagetal - atoomnummer/protonen, 24 - 12 = 12

Chemische bindingen

Covalente binding = Nm + Nm

Metaalbinding = M + M

ionaire binding = M + Nm

Hoofdstuk 1

Oxiden

Metaaloxiden

  • Bouw metaaloxide:

ionaire stoffen = m + Nm

Positieve metaalionen: M+

Negatieve oxide-ionen: O2-

  • Formules en naamgeving

Metaal uit Ia, IIa, IIIa met gekende lading

→ kruisregel toepassen

Vb: Oxide van Na

Na+ en O2- → Na2O

Metaal niet uit Ia, IIa, IIIa, ongekende lading

mevr Soens regel

Soorten notaties

→ stocknotatie: FeO → ijzer(II)oxide

→ naam met indexen: Fe2O3 → di-ijzertrioxiden

  • Vorming van metaaloxiden

metaaloxiden kunnen gemaakt worden door een metaal te verbranden

om de correcte reactievergelijking te schrijven volg je best deze stappen:

  1. aan linkerkant van de reactiepijl schrijf je de formule van het metaal en die van O2, van elkaar gescheiden door een plusteken

  1. aan de rechterkant noteer je de correcte formule van het metaaloxide

  2. tenslotte pas je de voorgetallen aan zodanig dat alle elementen evenveel keer voorkomen aan beide kanten van de reactiepijl

Niet-metaaloxiden

  • Bouw

Covalente bindingen ( Nm+ Nm)

  • Formules en naamgeving

Griekse voorvoegsels

1

mono

2

di

3

tri

4

tetra

5

penta

6

hexa

7

hepta

8

octa

9

nona

10

deca

bekendste niet-metaaloxiden zijn: koolstofmonoxide ( CO ) en koolstofdioxide ( CO2 )

  • Vorming van niet-metaaloxiden

gemaakt door een niet-metaal te verbranden

Zuren

  • Bouw van een zuur

covalente stoffen ( Nm + Nm ) → geen ionen!

bevatten altijd 1 of meerdere waterstofatomen met een zuurrest

zuurrest is ofwel een:

niet-metaal: binair zuur

niet-metaal en 1 of meer O: ternair zuur en oxozuur

  • Formules en naamgeving

alle zuren bevatten 1 of meer waterstofatomen in hun formule.

  • Vorming van zuren

binaire zuren worden gevormd door reactie tussen een niet-metaal en waterstofgas. Ternaire zuren kunnen gemaakt worden door een niet-metaaloxide te laten reageren met water ( H2O )

→ binair : H2 + nM

→ ternair : nMO + H2O

Vb:

De reactie voor de vorming van fosforzuur uit disfosforpentaoxide

  1. voorvoegsels

  • Eigenschappen

  1. wanneer zuren worden opgelost in water → moleculen breken in stukken.

brokstukken zijn ionen = splitsing in ionen: H+ -ion en zuurrest-ion

  1. zuren zijn corrosief = ze tasten andere stoffen aan:

  • onedele metalen( edele metalen = goud, zilver, platina ): hierbij wordt waterstofgas gevormd en metaal lost op. denk aan proef met trouwring in zuur

  • kalksteen: hierbij wordt CO2 gevormd, kalksteen lost op. Heeft gevolgen voor gebouwen uit kalksteen of marmer ( zure regen, buitenste laag wordt aangetast )

  • organisch materiaal: zuren veroorzaken vaak brandwonden, zuren met een hoog concentratieniveau kan ernstige gevolgen hebben.

Binaire zuren

Binaire zuren bevatten naast waterstof nog 1 ander niet-metaal!

de naam eindigt op de uitgang -ide

Formule

Syst. naam

Triviaalnaam

HF

waterstoffluoride

HCl

waterstofchloride

zoutzuur

HBr

waterstofbromide

HI

waterstofjodide

H2S

waterstofsulfide

HCN

waterstofcyanide

blauwzuur

Ternaire zuren

zijn zuren die naast waterstof ook nog een tweede niet-metaal en 1 of meer zuurstofatomen bevatten. vaak meerdere combinaties → onderscheid tussen stamzuren en afgeleide zuren

Stamzuren eindigt op uitgang -aat

stamzuren hebben een verschillend aantal waterstof en zuurstofatomen

Stamzuren:

Formule

syst. naam

triviaalnaam

HClO3

waterstofcloraat

chloorzuur

HNO3

waterstofnitraat

salpeterzuur

H2CO3

waterstofcarbonaat

koolzuur

H2SO4

waterstofsulfaat

zwavelzuur

H3PO4

waterstoffosfaat

fosforzuur

afgeleide ternaire zuren bevatten minder of meer zuurstofatomen dan hun stamzuur!

het aantal waterstofatomen blijft gelijk!

Als er 1 zuurstofatoom minder is dan het stamzuur dan eindigt de naam op de uitgang -iet !!!!!


Afgeleide ternaire stamzuren:

Stamzuur

afgeleid zuur

syst. naam

HClO3

HClO2

waterstofchloriet

HNO3

HNO2

waterstofnitriet

H2SO4

H2SO3

waterstofsulfiet

H3PO4

H3PO3

waterstoffosfiet

bij de zuren die chloor bevatten zijn er nog 2 extra mogelijkheden: men gebruikt voorvoegsels

: waterstofhypochloriet ( nog 1 zuurstof minder dan waterstofchloriet )

HClO4 : waterstofperchloraat ( 1 zuurstof meer dan waterstofchloraat )

Metaalhydroxiden / basen

  • Bouw van een metaalhydroxide

ionaire stoffen ( M + nM )

positieve metaal ionen: Mx+

negatieve hydroxide-ionen: OH-

  • Formules en naamgeving

metalen waarvan de lading van het ion gekend is:

kruisregel!!!!

metalen waarvan de lading van het ion ongekend is:

lading moet gegeven worden,

ook zelfde kruisregel

net als bij de metaaloxiden worden 2 namen gebruikt:

  • de Stocknotatie: hierin schrijven we de lading van het metaal tussen haakjes na de naam van het metaal in Romeinse cijfers vb: chroom(III)hydroxide

  • de naam met indexen: vb: chroomtrihydroxide

voorkeur aan stocknotatie

UITZONDERING!

Ammoniak, Dit is een base die geen metaalhydroxide is maar een covalente stof met als formule NH3

want: bevat geen metaal, bevat geen hydroxide is wel covalent maar heeft wel dezelfde eigenschappen als metaalhydroxiden

  • Vorming van metaalhydroxiden

metaalhydroxiden ontstaan door metaaloxide te laten reageren met water

metaaloxiden worden daarom ook wel basevormende oxiden genoemd

Belangrijk ! Vorming van vb: natriumhydroxide ( reactie tussen natriumoxide en water )

  1. vorm juiste formules

natriumoxide: Na+ O2- → Na2O

water: H2O

natriumhydroxide: Na+ OH- → NaOH

  1. Na2O + H2O → 2 NaOH

  2. Voorgetallen : 2

  • Eigenschappen van basen

  1. Basen lossen in eiwitten op!

geconcentreerde oplossingen van base zijn dus heel belangrijk!

  1. wanneer een base wordt opgelost in water, valt het ionenrooster uit elkaar

hierbij worden hydroxide-ionen gevormd.

Waarom is ammoniak een base? Wanneer ammoniak met water reageert bekomt het ammoniumhydroxide dat erna uiteenvalt in ionen , zoals andere basen.

Zuurtegraad van een oplossing

Zuur-base indicatoren

7 = neutraal ( H2O )

Hoe lager de pH-schaal, hoe zuurder

Hoe hoger de pH-schaal, hoe basischer

Een zuur-base-indicator is een kleurstof waarmee je kan aantonen of een oplossing een zuur of base bevat.

Natuurlijke en synthetische indicatoren

natuurlijk: rode kool

indicator

zure kleur

basische kleur

fenolftaleïne fft

kleurloos

paars

broomthymolblauw btb

geel

blauw

methyloranje mo

rood

geel

Hoofdstuk 2: op papier