Russisch Realisme, Dostojevski en Lou Andrea Salomé

Mededelingen en Introductie

  • Inleiding en Sfeerzetting: De les begint met een opmerking over het zonnige weer, wat een welkom contrast vormt met de vaak diepe en depressieve thema's van Dostojevski. Het mooie weer herinnert eraan dat er nut is in het leven.
  • Quiz Antwoorden: De antwoorden op de eerdere quiz zijn:
    • Vraag 1: bb (Strieneberg).
    • Vraag 2: cc (Psychologie).
  • Ironie van Max Warner: Er wordt opgemerkt dat het personage Max Warner van beroep psycholoog is, wat ironisch zal blijken in de analyse van zijn gedrag.
  • Evenementen en Aankondigingen:
    • Goede Doel Recital: Een oud-student kwam spreken over een taal-recital/zangmoment voor het goede doel Pati Pati. De docent zal de eerste avond aanwezig zijn.
    • Filmavond: Volgende week wordt de traditie van filmavonden hervat met een Duitse film over Lou Andrea Salomé. Dit is relevant omdat er dit jaar weinig Duitse literatuur in de lessen aan bod komt. De film heeft Engelse ondertiteling voor de Duitse en Franse dialogen.
  • Leesopdracht voor Volgende Week: Studenten moeten een groot stuk lezen uit Schimmen (Ibsen). Ondanks het aantal pagina's leest het vlot omdat het een toneelstuk is. Dit biedt de kans om een naturalistisch verhaal in zijn geheel te zien en te begrijpen hoe naturalisme op een podium werkt.
  • Focus van de Les: De diepere verkenning van het Russisch realisme en de overgangsfiguur Lou Andrea Salomé, die zowel een Russische als Duitse achtergrond heeft.

De Grondslagen van de Russische Romantiek en Pushkin

  • Oorsprong: Net als bij Jane Eyre en Flaubert begint de Russische literatuur in de Romantiek.
  • Alexander Pushkin: Hij is de bekendste romantische dichter en schrijver in Rusland.
    • Jevgeni Onegin: Een roman geschreven in verzen.
    • Pushkin-sonnet: Pushkin hanteerde een zeer specifieke versvorm bestaande uit 3 kwatrijnen en een distichon (tweeregelig vers). De kwatrijnen hebben specifieke rijmschema's: gekruist rijm, gepaard rijm en omarmend rijm. De hoofd- en kleine letters in het schema verwijzen naar mannelijke of vrouwelijke woordsvormen in het Russisch.
    • Anti-epos: Hoewel een lang verhaal in versvorm vaak een epos (heldendicht) wordt genoemd, gebeurt er in Jevgeni Onegin niets heldhaftigs.
    • De Overbodige Mens: Onegin is een rijke, adellijke man zonder maatschappelijk doel of nut. Door zijn wispelturigheid vermoordt hij zijn beste vriend.
    • Tatiana: Zij is de liefdesinteresse van Onegin. Ze bestudeert zijn notities in de marges van boeken en vraagt zich af of hij wel een eigen persoonlijkheid heeft of slechts de boeken die hij leest imiteert. Aan het einde bekent ze haar liefde voor Onegin, maar weigert overspel te plegen omdat ze inmiddels getrouwd is. Het boek eindigt zonder happy ending.
    • Politiek en Dood: Pushkin schreef een "Ode aan de Vrijheid", wat gevaarlijk was onder de Tsaar. Hij werd verbannen naar Zuid-Rusland en stierf uiteindelijk in een duel.

Michail Lermontov en de Psychologische Roman

  • Michail Lermontov: Grondlegger van de Russische psychologische roman.
  • Een held van onze tijd: Een cyclus van vijf verhalen over een ironische held die niets bereikt. Het thema van de "overbodige mens" komt hier sterk terug.
  • De dood van de dichter: Lermontov schreef dit gedicht na de dood van Pushkin. Het circuleerde in handgeschreven kopieën omdat het te radicaal was voor publicatie. Vooral de laatste 1616 regels klaagden de adellijke elite aan. Lermontov werd hiervoor verbannen naar de Kaukasus.
  • Het gedicht 'Demon': Een typisch romantisch werk over metafysische wezens.
    • Plot: Een demon wordt verliefd op een jonge dame (Tamara). Hij zorgt dat haar verloofde sterft en probeert haar te verleiden. Ondanks haar vlucht naar een klooster kan ze hem niet weerstaan. Hun kus is fataal; zij sterft. Haar ziel stijgt naar de hemel, de demon blijft eenzaam achter.
    • Lessen uit 'Demon': Het illustreert de vernietiging van het maagdelijke ideaal zodra het doel (de kus/het bezit) bereikt is.

Culturele Spanningen: Westersgezinden versus Slavofielen

  • Context: In de 19e19e eeuw was er een grote kloof tussen arm en rijk in Rusland en veel verwarring over de maatschappelijke koers.
  • Westersgezinden: Wilden Russische literatuur en idealen (zoals kosmopolitisme en revolutie) afstemmen op West-Europa (Frankrijk en Engeland).
  • Slavofielen: Vonden dat Russische literatuur trouw moest blijven aan haar Slavische wortels en eigen identiteit. Dostojevski behoorde tot deze groep.

Nikolai Gogol en het Surrealistisch Realisme

  • Schakelfiguur: Gogol zit tussen Romantiek en Realisme in. Zijn werk is vaak absurd en surrealistisch, maar toch verbonden met het realisme door de setting.
  • Sint-Pietersburgse vertellingen: Deze verhalen spelen zich af in de grootstedelijke omgeving van Sint-Pietersburg.
    • Nevsky Prospect: De "Champs-Élysées" van Sint-Pietersburg. Een plek voor flaneurs en observaties van verschillende sociale klassen (tranche de la vie), inclusief de minder fraaie kanten van de stad.
  • De Neus: Een verhaal over een man die op een ochtend ontwaakt zonder neus. Hij komt zijn eigen neus later tegen in de stad; de neus is gekleed voor werk en heeft een hogere maatschappelijke functie dan de man zelf.
  • Zintuigen en Realisme:
    • In tegenstelling tot ogen (die men kan sluiten) of oren, is de reukzin (de neus) moeilijk te negeren. Het is het zintuig dat de mens het meest met dieren verbindt.
    • De neus staat symbool voor een waarheid die men niet kan omzeilen, wat een kernpunt is voor het realisme en naturalisme.

Kenmerken van de Grote Russische Realisten

Het Russische naturalisme focust dieper op de psychologie dan het Franse naturalisme (dat meer op erfelijkheid focust).

  • Gontsjarov: Oblomov. Een man van rond de 3030 jaar die totaal passief is. Hij is de ultieme overbodige mens die de eerste 100100 pagina's van de roman zijn kamer niet verlaat.
  • Toergenjev: Vaders en zonen. Behandelt het conflict tussen generaties en het falen van idealen.
  • Tolstoj: Bekend om werken over het adellijke leven en de schaduwkanten daarvan (overspel, ongelukkige huwelijken in Anna Karenina).
  • Dostojevski: Schreef psychologische romans over ethiek en de menselijke psyche (Misdaad en Straf).
  • Tsjechov: Introduceerde een vorm van realisme die contrasteert met Zola. Zijn verhalen (zoals De dame met het hondje) hebben vaak een open en onbeslist einde, wat volgens hem realistischer is dan een doctrinaire conclusie.

Fjodor Dostojevski: Biografie en Filosofie

  • Jeugd en Trauma: Zijn vader was arts, waardoor Dostojevski vroeg in aanraking kwam met menselijke ellende en medische details. Als kind werd hij getuige van de gevolgen van de verkrachting van een negenjarig meisje.
  • Politiek Activisme: Hij nam deel aan de Petrasjevski-ring, een verboden lezerskring. Hiervoor kreeg hij de doodstraf.
  • Schijnexecutie en Siberië: Hij stond klaar om gefusilleerd te worden (de eerste drie in de rij waren al dood) toen het bericht kwam dat zijn straf werd omgezet in dwangarbeid in Siberië.
  • Latere Leven: Na zijn vrijlating ontwikkelde hij een zware gokverslaving, wat leidde tot financiële ruïne en de noodzaak om zijn meesterwerken onder hoge tijdsdruk te schrijven.
  • Thema's: Waarom bestaat criminaliteit? Waarom zijn mensen onlogisch? Waarom is de wereld wreed?
  • Polyfonie: Het gebruik van verschillende stemmen en wereldbeelden binnen één werk.

Aantekeningen uit het Ondergrondse (Novelle)

  • Vorm: Een novelle in twee delen.
    • Deel 1: Voorstelling van de verteller en zijn zienswijze (analytisch).
    • Deel 2: Beschrijving van gebeurtenissen uit zijn leven (trauma's, cynische stoornissen).
  • De Ondergrondse Man: Een anonieme verteller die fysiek en mentaal ziek is. Hij is een "overbodige mens" uit de middenklasse die letterlijk in een smerig hol onder de grond woont.
  • Anti-utopisch Denken: Het werk is een aanval op het utopische denken van die tijd, met name op Tsjernysjevski en zijn boek Wat te doen?.
  • Het Glazen Paleis (Crystal Palace):
    • Een symbool voor wetenschappelijke vooruitgang en utopie (naar aanleiding van de wereldtentoonstelling in Londen).
    • Tsjernysjevski zag dit als het toppunt van de westerse beschaving. Dostojevski haatte het idee van een gebouw waar alles zichtbaar en rationeel is; voor hem is lijden essentieel voor het menselijk bewustzijn.
  • Het Paradox van de Vrije Wil:
    • De mens is niet logisch. Hij streeft naar een doel, maar wil het vlak voor de voltooiing vaak weer vernietigen.
    • Determinisme vs. Wil: De natuurwetten zeggen dat 2×2=42 \times 2 = 4. Dostojevski stelt dat de menselijke vrijheid ligt in het recht om te geloven dat 2×2=52 \times 2 = 5.
    • Zodra de mens alleen nog maar de logica van de formule volgt, houdt hij op met leven en begint de dood.
  • Zelfbeschadiging uit Kwaadaardigheid: De verteller laat zijn leverkwaal niet behandelen, niet omdat hij de medische wetenschap niet respecteert, maar uit pure koppigheid en "kwaadaardigheid" richting zichzelf.

Discussie: Kiesploeg en Presidium

  • Kiesploeg Taal- en Letterkunde: Een groep studenten (o.a. Kylian, Nel, Frauke en Jan) stelt zich voor om volgend jaar het presidium te vormen.
  • Rollen: Preses, vice-preses en financiën.
  • Functies van het Presidium: Vertegenwoordiging op onderwijsniveau, organisatie van feesten (FAQ, COCO en LOCO), cultuur en sociale activiteiten.
  • Kiesweek: Start op zondag 2626 april, de tweede week na de paasvakantie. Een week vol campagne voeren en activiteiten rond een specifiek thema.

Lou Andrea Salomé: Vitalisme en Psychoanalyse

  • Achtergrond: Geboren in Rusland van Duitse afkomst. Schakelfiguur tussen beide culturen.
  • Psychoanalyse en Feminisme: Een van de eerste vrouwelijke psychoanalytici. Ze zoomt in op de psychologie van de vrouw en de mens en wordt geassocieerd met het feminisme, hoewel soms als te essentialistisch beschouwd.
  • Vitalisme: Het idee van een levensdrift of élan vital (Henri Bergson). Het leven moet omhelsd worden met al zijn lijden en vreugde.
  • Nietzscheaanse Verbinding: Zij was bevriend met Nietzsche en beïnvloedde zijn denken over het Apollinische (afstand, intellect, orde) en het Dionysische (nabijheid, chaos, roes, lijden).
  • Invloed op Grote Namen: Ze had relaties met Nietzsche, Rilke en Freud.
  • Werken:
    • In Kampf um Gott: Over haar geloofsstrijd en relatie met Nietzsche.
    • Ibsens Frauengestalten: Analyse van vrouwelijke personages bij Ibsen als echte mensen.
    • Menschenkinder: Verhalenbundel over liefde vanuit vrouwelijk perspectief.
    • Lebensgebet: Een gedicht over de hartstochtelijke liefde voor het leven, inclusief de pijn ervan.

Analyse van 'Fenitschka' (Venička)

  • Setting: Begint in Parijs, in de buurt van de Boulevard Saint-Michel en Café d'Harcourt.
  • Max Warner:
    • Een flaneur en psycholoog.
    • Ondanks zijn beroep denkt hij volledig in clichés en stereotypen over vrouwen en grisettes (werkende, bohemienne vrouwen).
    • Hij ziet vrouwen slechts als studieobjecten of lustobjecten, niet als gelijkwaardige gesprekspartners.
  • Fenia (Fenitschka):
    • Een Russische studente die een "kloosterachtig" jasje draagt en zich onconventioneel gedraagt.
    • Zij ziet Max aanvankelijk als een fatsoenlijk man met intellectuele interesse, maar ontdekt zijn ware aard wanneer hij haar opsluit in zijn hotelkamer.
  • Conflict: Max dwingt haar naar zijn kamer onder het voorwendsel haar te beschermen, maar doet de deur op slot. Fenia reageert met minachting. Max verliest uiteindelijk zijn hoed (symbool voor zijn status als heer/arts) tijdens het conflict.
  • Contrast met Dostojevski: Salomé gebruikt een derde-persoonsverteller (verwant aan het Franse realisme), in tegenstelling tot de subjectieve ik-verteller van de ondergrondse man.