f-n ei

remporter behalen

la défaite de nederlaag

une course een wedstrijd

soigner verzorgen

le port het dragen

exclu geschorst, buitengesloten

le grimpeur de klimmer

l'haleine (f) de adem

considérer comme beschouwen als

le maillot vert de groene trui

le survêtement het trainingspak

une botte een laars

collectionner verzamelen

se procurer vinden, aanschaffen

une occupation een bezigheid, een tijdverdrijf

le passe-temps de hobby

une association een vereniging

la tentative de poging

mettre fin à een einde maken aan

le championnat het kampioenschap

pratiquer beoefenen

un entraînement een training

provoquer veroorzaken

infatigable onvermoeibaar

couvrir une distance een afstand afleggen

le défi de uitdaging

les exercices d'échauffement (m) de warming-up

jouer aux échecs schaken

les loisirs (m) de vrije tijd

le phénomène het verschijnsel

un jour de congé een vrije dag

confirmer bevestigen

un rapport een verband

se détendre zich ontspannen

promouvoir promoten

une paroi een wand

baliser aangeven, aangeven met pijlen

rigoler lol hebben

à proximité de in de nabijheid van

se noyer verdrinken

un fichier informatique een bestand, een computerbestand

le logiciel de software

naviguer surfen (op de computer)

un clavier een toetsenbord

un écran een scherm, een beeldscherm

la souris de muis

un internaute een internetgebruiker

une adresse électronique een e-mailadres

le courriel de e-mail

télécharger downloaden

la télécommande de afstandsbediening

un animateur een presentator

une chaîne een net, een televisienet

un sondage d'opinion een opiniepeiling

enregistrer opnemen

intégral volledig, integraal

le mensonge de leugen

diffuser uitzenden

une émission een uitzending

transmettre uitzenden, overbrengen

l'ère (f) de tijd, het tijdperk

un hebdomadaire een weekblad

un auditeur een luisteraar

à l'avenir in de toekomst

le taux d'écoute de kijkdichtheid, de luisterdichtheid

le lancement de lancering, het op de markt brengen

un ingénieur du son een geluidstechnicus

numérique digitaal

une convention een contract, een overeenkomst

autoriser à machtigen

adapter aanpassen

envisager overwegen, van plan zijn

parier wedden

modifier wijzigen

susciter veroorzaken, teweegbrengen

l'usage (m) het gebruik

un interlocuteur een gesprekspartner

déprendre de afhangen van

aux dépens de ten koste van

une image een beeld

déterminé vastberaden

bavard praatziek

adroit handig

vulnérable kwetsbaar

la cruauté de wreedheid

le prochain de naaste

le désintéressement de onbaatzuchtigheid

le dédain de minachting, de geringschatting

l'affection (f) de genegenheid

la bonté de goedheid

la persévérance het doorzettingsvermogen

la confusion de verwarring

avare gierig

au détriment de ten koste van

courtois hoffelijk

capricieux, capricieuse grillig, wispelturig

le défaut het gebrek, het tekort

le sang-froid de koelbloedigheid

rassurer geruststellen

soutenir steunen, ondersteunen

scrupuleux, scrupuleuse nauwgezet, gewetensvol

rendre compte de verslag uitbrengen van

la paresse de luiheid

coléreux, coléreuse driftig

la sagesse de wijsheid

insolent brutaal, onbeschoft

poliment beleefd

justifier rechtvaardigen

éprouver voelen

avec bienveillance welwillend

hostile (à) onwelwillend (tegenover), vijandig (tegenover)

contester betwisten

nier ontkennen

impitoyable meedogenloos

la faveur de gunst

distrait verstrooid

muet stom

paresseux, paresseuse lui

rusé slim, listig

moqueur, moqueuse spotziek, spottend

la gestion het beleid, het management

le coût de la vie de kosten van levensonderhoud

importer van belang zijn

un créneau een gat in de markt

le pouvoir d'achat de koopkracht

un succès fou een enorm succes

les deux tiers (m) tweederde

nuire à schaden, schade berokkenen, schade berokkenen aan

la commerçant de middenstander

changer wisselen

compétitif concurrerend

une pièce een munt, een muntstuk

les frais (m) de kosten

marchander afdingen

subir des pertes verliezen lijden

une exploitation een bedrijf, een onderneming

évaluer schatten

favoriser steunen, bevoordelen

un objectif een doelstelling

un prêt een lening

la demande de vraag (economisch)

le bénéfice de winst

le bilan de balans

la croissance de groei

négocier onderhandelen, onderhandelen over

en stock in voorraad

la signature de handtekening

mettre à jour bijwerken, bijhouden

valoir waard zijn

économiser sparen, besparen

faire face à het hoofd bieden aan

un impôt een belasting

un sou een cent

une commande een bestelling

déficitaire verliesgevend

la caisse d'épargne de spaarbank

le chiffre d'affaires de omzet

une pénurie een tekort

la propriété het bezit, het eigendom

prospère welvarend

les sciences exactes (f) de exacte wetenschappen

aboutir à leiden tot

distinguer onderscheiden

le bienfait de weldaad

une comparaison een vergelijking

une expérience een proef, een proefneming

la savoir-faire de know-how

fiable betrouwbaar

brancher aansluiten

l'exploration (f) het onderzoek

décisif beslissend

douteux, douteuse twijfelachtig

le progrès de vooruitgang

le droit het recht

fondre smelten

surmonter overwinnen

spatial ruimte-

l'altitude (f) de hoogte

contredire tegenspreken

confondre door elkaar halen

négligeable te verwaarlozen

la recherche het onderzoek

impressionner indruk maken, indruk maken op

l'évolution (f) de ontwikkeling

la conviction de overtuiging

contradictoire tegenstrijdig

le cobaye het proefkonijn, de proefpersoon

artificiel kunstmatig

abuser de misbruik maken van

le charbon de steenkool

une puce een chip

une application een toepassing

démontrer aantonen

maîtriser beheersen

signaler wijzen op

un exploit de heldendaad, de topprestatie

surdoué hoogbegaafd

le hasard het toeval

l'utilisation (f) het gebruik

aborder aansnijden

la santé publique de volksgezondheid

la guérison de genezing

paralysé verlamd

contracter oplopen

attraper oplopen

cracher spuwen

insalubre ongezond

succomber bezwijken

admettre toegeven

contagieux, contagieuse besmettelijk

la conditon physique de lichamelijke gesteldheid

sain gezond

le poison het gif, het vergif

le bien-être het welbehagen, het behaaglijke gevoel

la maternité het moederschap

une crise cardiaque een hartaanval

une côte een rib

l'agonie (f) de doodsstrijd

le toxicomane de drugsverslaafde

une cure de désintoxication een ontwenningskuur

la respiration de ademhaling

le muscle de spier

un nutritionniste een voedingsdeskundige

la matière grasse het vet, het vetgehalte

l'apparence (f) de schijn, het uiterlijk

un rhume een verkoudheid

le pharmacien de apotheker

la mortalité het sterftecijfer

se suicider zelfmoord plegen

faire effet werken, effect hebben

avaler slikken, inslikken

la poitrine de borst

une piqûre een injectie

se dégrader achteruitgaan

bénéfique heilzaam

jouir de genieten, genieten van

la peau de huid

une fracture du crâne een schedelbasisfractuur

soulager verzachten, verlichten

en vain tevergeefs

l'environnement (m) het milieu, het leefmilieu

attribuer à toeschrijven aan

empirer verslechteren

la sécheresse de droogte

un écologiste een milieubeschermer

le réchauffement de opwarming

la déforestation de ontbossing

le désastre de ramp

l'énergie solaire (f) de zonne-energie

l'effet de serre (m) het broeikaseffect

le barrage de stuwdam

un incendie een brand

la gravité de ernst

un canadair een blusvliegtuig

ravager verwoesten

polluant vervuilend

les déchets (m) het afval

déclencher ontketenen

la floraison de bloei

l'épuration (f) het zuiveren, de zuivering

un carburant een brandstof

fertile vruchtbaar

la brousse de wildernis

le promoteur de projectontwikkelaar

une avalanche een lawine

le littoral de kustlijn

la poussière het stof

cesser de ophouden te, ophouden met

la matière première de grondstof

une erreur een vergissing

l'humanité (f) de mensheid

le paysan de boer

la mauvaise odeur de stank

forestier, forestière bos-

un berger een herder

les intempéries (f) het slechte weer

la brume de nevel

la baleine de walvis

réduire verminderen

la postérité het nageslacht