Geschiedenis Kenmerkende Aspecten (copy)

0.0(0)
Studied by 5 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/9

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Alle kenmerkende aspecten voor CE geschiedenis

Last updated 1:37 PM on 5/20/24
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

10 Terms

1
New cards

? - 3000 v.Chr. 3

  • De levenswijze van jagers-verzamelaars.

  • Het ontstaan van landbouw en landbouwsamenlevingen.

  • Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen

2
New cards

3000 v.Chr. - 500 n.Chr. 5

  • De ontwikkeling van wetenschappelijk denken en het denken over burgerschap en politiek in de Griekse stadstaat.

  • De klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur.

  • De groei van het Romeinse imperium waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde.

  • De confrontatie tussen de Grieks-Romeinse cultuur en de Germaanse cultuur van Noordwest-Europa.

  • De ontwikkeling van het jodendom en het christendom al de eerste monotheïstische godsdiensten.

3
New cards

500 - 1000 4

  • De verspreiding van het christendom in heel Europa.

  • Het ontstaan en de verspreiding van de islam.

  • De vrijwel volledige vervangen in West-Europa van de agrarisch-urbane cultuur door een zelfvoorzienende agrarische cultuur, georganiseerd via het hofstelsel en horigheid.

  • Het ontstaan van feodale verhoudingen in het bestuur.

4
New cards

1000 - 1500 5

  • De opkomst van handel en ambacht die de basis legde voor het herleven van een agrarisch-urbane samenleving.

  • De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende zelfstandigheid van steden.

  • Het conflict in de christelijke wereld over de vraag of de wereldlijke dan wel de geestelijke macht het primaat behoorde te hebben.

  • De expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van kruistochten.

  • Het begin van staatsvorming en centralisatie.

5
New cards

1500 -1600 5

  • Het begin van de overzeese expansie.

  • Het veranderende mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een nieuwe wetenschappelijke belangstelling.

  • De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke oudheid.

  • De protestantse reformatie die de splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had.

  • Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat.

6
New cards

1600 - 1700 4

  • Het streven van vorsten naar absolute macht.

  • De bijzondere plaats in staatskundig opzicht en de bloei in economische en cultureel opzicht van de Nederlandse Republiek.

  • Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie.

  • De wetenschappelijke revolutie.

7
New cards

1700 - 1800 4

  • Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.

  • Voortbestaan van het ancien régime met pogingen om het vorstelijk bestuur op eigentijdse verlichte wijze vorm te geven.

  • Uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekoloniën en de daarmee verbonden transatlantische slavenhandel, en de opkomst van het abolitionisme.

  • De democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap.

8
New cards

1800 - 1900 6

  • De industriële revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriële samenleving.

  • Discussies over de ‘sociale kwestie’.

  • De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie.

  • Voortschrijdende democratisering, met deelname van steeds meer mannen en vrouwen aan het politieke proces.

  • De opkomst van emancipatiebewegingen.

  • De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme, socialisme, confessionalisme en feminisme.

9
New cards

1900 - 1950 8

  • De rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie.

  • Het in praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaalsocialisme.

  • De crisis van het wereldkapitalisme.

  • Het voeren van twee wereldoorlogen.

  • Racisme en discriminatie die leidden tot genocide, in het bijzonder op de joden.

  • De Duitse bezetting van Nederland.

  • Verwoestingen op niet eerder vertoonde schaal door massavernietigingswapens en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij oorlogvoering.

  • Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme.

10
New cards

1950 - heden 5

  • De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog.

  • De dekolonisatie die een eind maakt aan de westerse hegemonie in de wereld.

  • De eenwording van Europa.

  • De toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw aanleiding gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen.

  • De ontwikkeling van pluriforme en multiculturele samenlevingen.