Democratie onder Druk: Politieke Systemen in de Jaren '20 en '30

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/24

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de kenmerken van democratische, communistische en fascistische staten in de jaren '20 en '30, inclusief belangrijke terminologie en historische gebeurtenissen.

Last updated 1:17 PM on 6/7/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

25 Terms

1
New cards

Politieke democratie

Een systeem gekenmerkt door de scheiding der machten, pluralisme en inspraak van de burger.

2
New cards

Rechtsstaat

Een staat met onafhankelijke rechtbanken waar de politie fungeert als preventie en bescherming voor alle burgers.

3
New cards

Authoritair

Een bestuursvorm gericht op sterke gezagsinstanties, gekenmerkt door een anti-democratische houding, het ontbreken van de scheiding der machten en een éénpartijstelsel.

4
New cards

Personencultus

De extreme verheerlijking van een leider, bijvoorbeeld via standbeelden, foto's op openbare plaatsen en het vernoemen van steden zoals Leningrad en Stalingrad.

5
New cards

Totalitair

Een systeem waarbij de staat het denken en handelen van het individu volledig bepaalt en ondergeschikt maakt aan de staatsideologie.

6
New cards

Goelags

Werkkampen waar burgers met een kritische houding ten aanzien van de communistische staat werden opgesloten voor dwangarbeid.

7
New cards

Leidersprincipe

De verheerlijking van de leider in extreem-rechtse staten, zoals Adolf Hitler (Der Führer) in Duitsland en Benito Mussolini (Il Duce) in Italië.

8
New cards

Reichstag

Het Duitse parlementsgebouw dat in brand werd gestoken, wat leidde tot de vernietiging van de wetgevende macht in nazi-Duitsland.

9
New cards

NSDAP

De National Sozialistische Deutsche Arbeiterspartei, de enige toegestane politieke partij (nazi-partij) in het Duitse éénpartijstelsel.

10
New cards

Fasco di combattimento

De politieke beweging van de fascisten in Italië onder leiding van Mussolini.

11
New cards

Hitlerjugend

De nazistische jeugdbeweging voor jongens van 10 tot 18 jaar, bedoeld om hen te doordringen van de nazi-ideologie.

12
New cards

Bund Deutscher Mädel

De nazistische jeugdbeweging specifiek gericht op meisjes in Duitsland.

13
New cards

Entärtet Kunst

Term voor 'ontaarde' of inferieure kunst, zoals Jazzmuziek of expressionisme, die door de nazi's werd verboden of vernietigd.

14
New cards

Mare nostrum

De droom van Mussolini waarbij alle gebieden rond de Middellandse Zee onder Italiaans gezag moesten komen te staan, verwijzend naar het Romeinse verleden.

15
New cards

Fasci

Roedenbundels die in de Romeinse tijd een machtssymbool waren; de naam van de fascistische partij is hiervan afgeleid.

16
New cards

Herrenvolk

De term voor het 'superieure' Duitse volk dat volgens de nazistische rassenleer bestemd was om over andere volkeren te heersen.

17
New cards

Slavenvolk

Inferieur geachte volkeren volgens de nazi's, zoals Polen en Russen, die het Herrenvolk moesten dienen.

18
New cards

Übermensch versus Untermensch

Het onderscheid in de nazistische rassenleer tussen de superieure Arische mens en de inferieur geachte minderheden.

19
New cards

Antisemitisme

Haat tegenover Joden gebaseerd op hun eigen identiteit en volksaard, extreem aanwezig in nazi-Duitsland vanaf de 18de eeuw.

20
New cards

Antijudaïsme

Religieus gemotiveerde haat tegen Joden, vooral in de middeleeuwen, waarbij zij werden gezien als verantwoordelijk voor de dood van Jezus Christus.

21
New cards

Nürnbergwetten (1935)

Wetten die vermenging tussen het Duitse en Joodse volk verboden en Joden hun burgerrechten en toegang tot openbare functies ontnamen.

22
New cards

Kristallnacht (1938)

Een door de nazi's georganiseerde actie waarbij Joodse huizen, winkels en synagogen werden geplunderd en in brand gestoken.

23
New cards

Endlösung

De nazi-term (ook wel Holocaust of Shoah genoemd) voor de systematische uitroeiing van Joden en zigeuners in concentratiekampen vanaf 1942.

24
New cards

Solidaristisch

Het principe waarbij men in de eerste plaats solidair is met volksgenoten, ongeacht hun sociale status of klasse.

25
New cards

Corporatistisch

Een systeem van raden (corporaties) waarin arbeiders en werkgevers samenwerken, gekenmerkt door een sterke afkeer van vakbonden (antisyndicalisme).